"De waarnemingsinstrumenten en -methodes zijn in de 21ste eeuw niet meer dezelfde als die van de 19de eeuw. En de waarnemingsomgeving is ook helemaal veranderd. Al die wijzigende omstandigheden maken het heel moeilijk om een eenvoudig lijstje op te stellen", waarschuwt Deboosere. Zo werd in 1886 het waarnemingsstation verplaatst van Sint-Joost-ten-Node naar Ukkel. Ook hingen de thermometers van 1833 tot 1877 aan de noordkant op een hoogte van 3,3 meter, in plaats van in een goed geventileerde thermometerhut. De thermometers van de 19de eeuw waren bovendien veel minder nauwkeurig. "Om die reden zijn alle daggegevens van de 19de eeuw redelijk onnauwkeurig en komen ze niet meer in aanmerking om opgenomen te worden in allerlei lijstjes", zegt de weerman. Maar ook in de 20ste eeuw zijn er nog wijzigingen gebeurd in de manier van meten en zijn de omgevingsfactoren veranderd. Begin jaren 1980 schakelde men over van open naar gesloten thermometerhutten. "Dat betekent dat de waarnemingen tot en met mei 1983 complexe correctiefactoren moeten ondergaan", aldus Deboosere. "Neem bijvoorbeeld de schroeihete maximumtemperatuur van 27 juni 1947. In open thermometerhut bedroeg die 38,8 graden. Als je daar de maandelijkse correctiefactor op toepast om over te gaan naar een gesloten thermometerhut, bekom je een temperatuur van 37,4°C. Rekening houdend met de onrechtstreekse instraling van de zon, bekom je 36,6°C." De op één na warmste dag ooit in België was 19 juli 2006, met een maximumtemperatuur van 36,2 graden in Ukkel. De manier van meten was toen al gelijkaardig aan die van vandaag. (Belga)