In Antwerpen, en daarna bijvoorbeeld ook in Hamme en Lier, gebeurt er al langer controle naar sociale huurders van wie een vermoeden bestaat dat ze een eigendom bezitten in het buitenland. Die mensen hebben geen recht op een sociale woning. In Lier worden 25 gezinnen om die reden uit hun sociale woning gezet, raakte zondag bekend. Minister van Wonen Matthias Diependaele wilde dat eigendomsonderzoek al langer uitbreiden naar heel Vlaanderen. De Vlaamse overheid heeft daarover nu een raamovereenkomst afgesloten met private onderzoeksbureaus, die gespecialiseerd zijn in onderzoek naar onroerende goederen in het buitenland. "Eender welke sociale verhuurder zal daar vanaf medio maart zonder administratieve rompslomp een beroep op kunnen doen", laat hij weten. De minister maakt daar elk jaar 5 miljoen euro voor vrij, zodat ook kleine sociale verhuurders zo'n onderzoek kunnen laten doen. Binnen de raamovereenkomst is een bedrag overeengekomen van 2.275 en 12.335 euro voor een volledig onderzoek, dat tussen de 6 en de 90 dagen kan duren. Levert het vooronderzoek geen bewijs van buitenlands bezit op, dan betaalt de Vlaamse overheid drie kwart van de factuur terug. Wijst het vooronderzoek wel op buitenlands bezit, dan betaalt de Vlaamse overheid het volledige onderzoek terug. "Sociale woningen moeten terechtkomen bij huurders die er recht op hebben", zegt Diependaele nog. "Niemand kan aanvaarden dat iemand die (meerdere) huizen of percelen bezit, toch nog aanspraak kan maken op een sociale woning." Eigendomsonderzoek zorgt volgens de minister bovendien voor meer rechtvaardigheid op de huurmarkt, omdat er zo woningen vrij komen voor wie er wél recht op heeft. Daarnaast moet de fraudeur dan de onrechtmatig genoten sociale huurkorting terugbetalen aan de verhuurder. "Dat zorgt voor een terugverdieneffect voor de sociale huisvestingsmaatschappijen, die dit geld kunnen herinvesteren in nieuwe woningen of renovaties." (Belga)

In Antwerpen, en daarna bijvoorbeeld ook in Hamme en Lier, gebeurt er al langer controle naar sociale huurders van wie een vermoeden bestaat dat ze een eigendom bezitten in het buitenland. Die mensen hebben geen recht op een sociale woning. In Lier worden 25 gezinnen om die reden uit hun sociale woning gezet, raakte zondag bekend. Minister van Wonen Matthias Diependaele wilde dat eigendomsonderzoek al langer uitbreiden naar heel Vlaanderen. De Vlaamse overheid heeft daarover nu een raamovereenkomst afgesloten met private onderzoeksbureaus, die gespecialiseerd zijn in onderzoek naar onroerende goederen in het buitenland. "Eender welke sociale verhuurder zal daar vanaf medio maart zonder administratieve rompslomp een beroep op kunnen doen", laat hij weten. De minister maakt daar elk jaar 5 miljoen euro voor vrij, zodat ook kleine sociale verhuurders zo'n onderzoek kunnen laten doen. Binnen de raamovereenkomst is een bedrag overeengekomen van 2.275 en 12.335 euro voor een volledig onderzoek, dat tussen de 6 en de 90 dagen kan duren. Levert het vooronderzoek geen bewijs van buitenlands bezit op, dan betaalt de Vlaamse overheid drie kwart van de factuur terug. Wijst het vooronderzoek wel op buitenlands bezit, dan betaalt de Vlaamse overheid het volledige onderzoek terug. "Sociale woningen moeten terechtkomen bij huurders die er recht op hebben", zegt Diependaele nog. "Niemand kan aanvaarden dat iemand die (meerdere) huizen of percelen bezit, toch nog aanspraak kan maken op een sociale woning." Eigendomsonderzoek zorgt volgens de minister bovendien voor meer rechtvaardigheid op de huurmarkt, omdat er zo woningen vrij komen voor wie er wél recht op heeft. Daarnaast moet de fraudeur dan de onrechtmatig genoten sociale huurkorting terugbetalen aan de verhuurder. "Dat zorgt voor een terugverdieneffect voor de sociale huisvestingsmaatschappijen, die dit geld kunnen herinvesteren in nieuwe woningen of renovaties." (Belga)