Minister van Defensie Steven Vandeput (N-VA) schreef in zijn strategische visie, de leidraad voor het defensiebeleid tot 2030, dat een leger van 25.000 mensen moet volstaan om aan alle opdrachten te kunnen voldoen. Nu al telt het departement echter minder dan 25.000 militairen, aldus de openbare omroep, en binnen vier jaar zou het aantal militairen zelfs onder de 22.000 manschappen zakken.

Die daling heeft onder meer te maken met de golf van pensioneringen: de komende vijf jaar verlaten meer dan 1.000 militairen elk jaar Defensie. De voorbije jaren mocht Defensie veel te weinig rekruteren, waardoor het nu niet mogelijk is om die leegloop aan te zuiveren.

Een tweede probleem is dat heel wat jongeren al snel Defensie weer verlaten. Na een paar maanden of een paar jaar beseffen ze dat het niets voor hen is.

Daarnaast verlaten steeds meer 'jonge actieve militairen' het leger. Ook dat is niet nieuw, maar het gaat wel om steeds meer militairen die tot de ruggengraat van de organisatie gerekend worden. Vorig jaar ging het om bijna 600 militairen, twee jaar daarvoor om net geen 400 militairen.

Genuanceerd

Generaal-majoor Jean Marie Nulmans, van de human resources bij Defensie, nuanceert het bericht wel. Volgens hem, zo zei hij op Radio 1, zijn daarbij enkel de inzetbare militairen geteld en niet de militairen in opleiding, maar ligt het totale aantal militairen nog op meer dan 27.000.

Verder zijn sommige cijfers volgens hem 'achterhaald'. Zo wordt voor 2019 nog gerekend op 1.700 aanwervingen, terwijl Vandeput volgens hem wil gaan naar 2.000 aanwervingen.

Nulmans erkent wel dat er in de periode 2022-2026 tijdelijk tekorten kunnen zijn. Om die tekorten op te vullen, denkt Nulmans aan de inzet van bijkomende burgers en aan reservisten. 'Nu wordt bijvoorbeeld nog gerekend aan de werving van 50 burgers per jaar. We moeten proberen dat aantal op te trekken om de gaten te vullen. We zouden moeten gaan naar een honderdtal per jaar', klinkt het.

Ook het kabinet van minister Vandeput ontkent dat het leger de komende jaren niet in staat zou zijn kerntaken niet naar behoren uit te voeren. 'Door maatregelen zoals o.a. de outsourcing van niet-militaire specifieke taken en de verhoogde rekrutering zorgt Defensie ervoor dat ze hun kerntaken kunnen uitvoeren', klinkt het.

Reactie vakbonden

'De situatie is rampzalig. We hebben al verschillende keren aan de minister gevraagd om het beroep aantrekkelijker te maken. Alleen zo kan de motivatie terugkeren', zegt Edwin Lauwereins van VSOA Defensie in een reactie aan persagentschap Belga.

'De kerntaken verminderen niet, maar er is wel steeds minder volk om ze uit te voeren. De militairen die tot de zogenoemde ruggengraat gerekend worden, krijgen die cumuls bovenop hun dagtaak. Het is gewoon niet meer haalbaar', bevestigt de vakbondsman.

De motivatie bij de militairen is ver zoek. 'Militair is een speciaal beroep en dat wordt niet genoeg benadrukt. Ze worden constant ingezet in de straten en hebben bij wijze van spreken nog geen zandkorrel van de Sahara gezien. Het is hoog tijd dat het beroep van militair opgewaardeerd wordt. De verloning en de premies moeten worden aangepast', zegt Lauwereins. 'We zitten in een economische remonte en dan is de keuze voor Defensie niet evident. Als ze in de privésector hetzelfde kunnen krijgen, is de rekening snel gemaakt.'

'We kennen al twintig jaar een krimpscenario. En we horen steeds dat er naar oplossingen wordt gezocht. Maar welke?', klinkt het bij Yves Huwart van de militaire vakbond ACMP. 'We horen het al twintig jaar: we moeten snoeien om te kunnen bloeien. Maar uiteindelijk wordt de stam geraakt en zit je met een probleem'.

Naast een kwantitatief probleem, kampt het leger ook met een kwalitatief probleem. 'Bij operationele diensten is er een bezettingsgraad van 50 procent, soms zelfs maar 45 procent, tot 60 procent. Het is moeilijk om dan het ambitieniveau van de regering waar te maken.'

Huwart zegt ook dat militair een apart beroep is, bijna een soort van roeping. 'Na enkele jaren stellen militairen vast dat hun verwachtingen niet ingelost worden. Het beroep moet daarom aantrekkelijker gemaakt worden.' En niet alleen voor jonge militairen. 'Er zijn enkele aanslagen op het statuut gepleegd. De oudere militairen hebben de perceptie dat het moreel contract dat ze met Defensie hebben, verbroken is.'

Het is tijd voor structurele oplossingen die het vertrouwen met het personeel herstellen, besluit de vakbondsman.

Minister van Defensie Steven Vandeput (N-VA) schreef in zijn strategische visie, de leidraad voor het defensiebeleid tot 2030, dat een leger van 25.000 mensen moet volstaan om aan alle opdrachten te kunnen voldoen. Nu al telt het departement echter minder dan 25.000 militairen, aldus de openbare omroep, en binnen vier jaar zou het aantal militairen zelfs onder de 22.000 manschappen zakken. Die daling heeft onder meer te maken met de golf van pensioneringen: de komende vijf jaar verlaten meer dan 1.000 militairen elk jaar Defensie. De voorbije jaren mocht Defensie veel te weinig rekruteren, waardoor het nu niet mogelijk is om die leegloop aan te zuiveren. Een tweede probleem is dat heel wat jongeren al snel Defensie weer verlaten. Na een paar maanden of een paar jaar beseffen ze dat het niets voor hen is. Daarnaast verlaten steeds meer 'jonge actieve militairen' het leger. Ook dat is niet nieuw, maar het gaat wel om steeds meer militairen die tot de ruggengraat van de organisatie gerekend worden. Vorig jaar ging het om bijna 600 militairen, twee jaar daarvoor om net geen 400 militairen.Generaal-majoor Jean Marie Nulmans, van de human resources bij Defensie, nuanceert het bericht wel. Volgens hem, zo zei hij op Radio 1, zijn daarbij enkel de inzetbare militairen geteld en niet de militairen in opleiding, maar ligt het totale aantal militairen nog op meer dan 27.000. Verder zijn sommige cijfers volgens hem 'achterhaald'. Zo wordt voor 2019 nog gerekend op 1.700 aanwervingen, terwijl Vandeput volgens hem wil gaan naar 2.000 aanwervingen. Nulmans erkent wel dat er in de periode 2022-2026 tijdelijk tekorten kunnen zijn. Om die tekorten op te vullen, denkt Nulmans aan de inzet van bijkomende burgers en aan reservisten. 'Nu wordt bijvoorbeeld nog gerekend aan de werving van 50 burgers per jaar. We moeten proberen dat aantal op te trekken om de gaten te vullen. We zouden moeten gaan naar een honderdtal per jaar', klinkt het. Ook het kabinet van minister Vandeput ontkent dat het leger de komende jaren niet in staat zou zijn kerntaken niet naar behoren uit te voeren. 'Door maatregelen zoals o.a. de outsourcing van niet-militaire specifieke taken en de verhoogde rekrutering zorgt Defensie ervoor dat ze hun kerntaken kunnen uitvoeren', klinkt het. 'De situatie is rampzalig. We hebben al verschillende keren aan de minister gevraagd om het beroep aantrekkelijker te maken. Alleen zo kan de motivatie terugkeren', zegt Edwin Lauwereins van VSOA Defensie in een reactie aan persagentschap Belga.'De kerntaken verminderen niet, maar er is wel steeds minder volk om ze uit te voeren. De militairen die tot de zogenoemde ruggengraat gerekend worden, krijgen die cumuls bovenop hun dagtaak. Het is gewoon niet meer haalbaar', bevestigt de vakbondsman. De motivatie bij de militairen is ver zoek. 'Militair is een speciaal beroep en dat wordt niet genoeg benadrukt. Ze worden constant ingezet in de straten en hebben bij wijze van spreken nog geen zandkorrel van de Sahara gezien. Het is hoog tijd dat het beroep van militair opgewaardeerd wordt. De verloning en de premies moeten worden aangepast', zegt Lauwereins. 'We zitten in een economische remonte en dan is de keuze voor Defensie niet evident. Als ze in de privésector hetzelfde kunnen krijgen, is de rekening snel gemaakt.''We kennen al twintig jaar een krimpscenario. En we horen steeds dat er naar oplossingen wordt gezocht. Maar welke?', klinkt het bij Yves Huwart van de militaire vakbond ACMP. 'We horen het al twintig jaar: we moeten snoeien om te kunnen bloeien. Maar uiteindelijk wordt de stam geraakt en zit je met een probleem'. Naast een kwantitatief probleem, kampt het leger ook met een kwalitatief probleem. 'Bij operationele diensten is er een bezettingsgraad van 50 procent, soms zelfs maar 45 procent, tot 60 procent. Het is moeilijk om dan het ambitieniveau van de regering waar te maken.' Huwart zegt ook dat militair een apart beroep is, bijna een soort van roeping. 'Na enkele jaren stellen militairen vast dat hun verwachtingen niet ingelost worden. Het beroep moet daarom aantrekkelijker gemaakt worden.' En niet alleen voor jonge militairen. 'Er zijn enkele aanslagen op het statuut gepleegd. De oudere militairen hebben de perceptie dat het moreel contract dat ze met Defensie hebben, verbroken is.' Het is tijd voor structurele oplossingen die het vertrouwen met het personeel herstellen, besluit de vakbondsman.