Als u binnenkort op een cocktailfeestje of een chique trouwerij wil uitpakken met een Spaanstalig gedicht, grijp uw kans: de volgende verzen van de Boliviaans-Zwitserse dichter Eugen Gomringer zijn sinds vorige week beroemd én eenvoudig uit het hoofd te leren. Op de muur van de Berlijnse Alice Salomon-hogeschool staan ze zwart op wit geschilderd, voorlopig toch nog: 'avenidas / avenidas y flores // flores / flores y mujeres // avenidas / avenidas y mujeres // avenidas y flores y mujeres y / un admirador'. Lanen, bloemen, vrouwen en een (mannelijke) bewonderaar: meer is het niet. Iedereen begrijpt de 'concrete poëzie', zoals hij ze zelf noemde, van Gomringer wel: een uitgepuurde werkelijkheid in woorden, Mondriaan in dichtregels. Wie het gedicht oppervlakkig vindt, kan daar gemakkelijk argumenten voor vinden. Wie er diepzinnigheid in wil ontwaren, die gaat ook maar zijn gang: het is een vrije wereld in Berlijn, en enige honderden kilometers daarbuiten, ...

Als u binnenkort op een cocktailfeestje of een chique trouwerij wil uitpakken met een Spaanstalig gedicht, grijp uw kans: de volgende verzen van de Boliviaans-Zwitserse dichter Eugen Gomringer zijn sinds vorige week beroemd én eenvoudig uit het hoofd te leren. Op de muur van de Berlijnse Alice Salomon-hogeschool staan ze zwart op wit geschilderd, voorlopig toch nog: 'avenidas / avenidas y flores // flores / flores y mujeres // avenidas / avenidas y mujeres // avenidas y flores y mujeres y / un admirador'. Lanen, bloemen, vrouwen en een (mannelijke) bewonderaar: meer is het niet. Iedereen begrijpt de 'concrete poëzie', zoals hij ze zelf noemde, van Gomringer wel: een uitgepuurde werkelijkheid in woorden, Mondriaan in dichtregels. Wie het gedicht oppervlakkig vindt, kan daar gemakkelijk argumenten voor vinden. Wie er diepzinnigheid in wil ontwaren, die gaat ook maar zijn gang: het is een vrije wereld in Berlijn, en enige honderden kilometers daarbuiten, vooral in westelijke richting. Of dat zou je toch denken. Sinds een week of twee woedt in Duitsland een heftig debat over het 'patriarchale' karakter van het gedicht uit de vroege jaren vijftig. De studentenvereniging van de hogeschool verzet zich tegen de kunsttraditie waarin vrouwen enkel als 'muze' kunnen dienen. Meer nog: het gedicht zou ook op onaangename wijze in herinnering brengen 'hoe vrouwen elke dag aan seksuele intimidatie worden blootgesteld', zoals de studenten schreven in een open brief. De kritiek sloeg in als een bom. Van Die Welt tot Der Spiegel: verschillende belangrijke Duitse media hadden er vorige week een stukje over, variërend van besmuikt gniffelend tot ernstig veroordelend. De Süddeutsche Zeitung had het volbloed ironisch over de 'Berlijnse provincie' die de Beierse avant-garde een welgemikte slag had toegebracht. Zou het kunnen dat deze discussie niet de beste case is voor de vrouwenstrijd? Wanneer het feminisme doorslaat, verliest het aan kracht. Het is maar een akkefietje diep in Duitsland, zeker, maar het kreeg buitensporig veel aandacht, net als soortgelijke cultuuroorlogjes hier. De Gomringer-polemiek is een voorbeeld van hoe identitaire debatten - discussies over wie we zijn - het hele publieke discours beginnen te overwoekeren. Man-vrouwverhoudingen, genderneutraliteit, racisme, diversiteit: al te vaak bepalen ze de discussies op forum, café of speelplaats. Dat gaat ten koste van cruciale politieke kwesties, die vertechnocratiseerd zijn tot oerwouden van regels, uitzonderingen op de regels en uitzonderingen op die uitzonderingen. Uw belastingbrief is een uitstekend voorbeeld, maar de politieke implicaties van het pensioendebat, de hervorming van onze ruimtelijke ordening of de financiering van ziekenhuizen zijn ook niet zomaar op te lijsten. En wie niet weet wat 'planlast' is, moet eens met een onderwijzer praten. De complexiteit van die nochtans belangrijke discussies zorgt ervoor dat de gesprekken vaak over iets anders gaan. Bijvoorbeeld over wie wij zijn en wie wij niet zijn. Daar valt net iets makkelijker een vilein tweetje over te versturen. Het zou kortzichtig zijn om alle identitaire discussies van de hand te wijzen. Het is de verdienste van zeer uiteenlopende bewegingen zoals het feminisme, prominente allochtone opiniemakers of de N-VA dat zij de wezensvraag van wie wij zijn weer naar de voorgrond hebben gehaald. Uit die vraag valt verbondenheid te halen, en kracht om een gemeenschappelijk project op poten te zetten. Er valt veel voor te zeggen dat het veronachtzamen van die vraag in grondeloosheid eindigt. Zeker nu we worden uitgedaagd door terreur, ecologische rampspoed en volksverhuizingen kan het geen kwaad om samen te bepalen waar we voor staan en waar de grenzen liggen van wat we als gemeenschap wenselijk, toelaatbaar en crimineel vinden. Normen en waarden: wel ja. Helaas blijkt dat wervende project geregeld te vervallen in zijn tegendeel: in plaats van positief te definiëren wie wij zijn, wordt er lustig op vijanden getimmerd. Op sociale media is dat onmiskenbaar: de tijd van de poezenfoto's en de blote borsten is voorbij, de nieuwe clickbait is het opiniestuk voor of tegen Zuhal Demir of Dyab Abou Jahjah. Of het nu allochtonen, feministen, racisten, linkse rakkers, neofascisten, wegkijkers of cultuurmarxisten zijn: altijd weer ontbreekt in die veel gedeelde kreten het idee dat bindt, in plaats van scheidt. Wie vertelt de verhalen die vertellen hoe geweldig we samen kunnen worden, in plaats van hoe idioot de andere nu al is? Als het echt niet anders kan, mag dat zelfs in concrete poëzie.