Enkele dagen voor de kerst belandde ik in een depressie. Ik had net de laatste aflevering gezien van Wissel van de macht en ik wist niet meer waar ik het had, om het zo maar eens te zeggen. In de eerste vier afleveringen overliep journalist Marc Van de Looverbosch nogal braafjes - alsof hij zich heeft voorgenomen om na zijn pensionering artikels voor Wikipedia te beginnen schrijven - de recente levensloop van SP.A, Open VLD, CD&V en N-VA. De laatste aflevering ging over het Zweedse experiment. Toen werd het mij te veel. Het was een overdosis van pure, onversneden politiq...

Enkele dagen voor de kerst belandde ik in een depressie. Ik had net de laatste aflevering gezien van Wissel van de macht en ik wist niet meer waar ik het had, om het zo maar eens te zeggen. In de eerste vier afleveringen overliep journalist Marc Van de Looverbosch nogal braafjes - alsof hij zich heeft voorgenomen om na zijn pensionering artikels voor Wikipedia te beginnen schrijven - de recente levensloop van SP.A, Open VLD, CD&V en N-VA. De laatste aflevering ging over het Zweedse experiment. Toen werd het mij te veel. Het was een overdosis van pure, onversneden politique politicienne. Echt over inhoud ging de aflevering nooit, en meer dan een derde ging over het droeve lot van CD&V-kopstuk Kris Peeters, die zijn ambities om premier te worden in 2014 nogal bruusk moest opbergen. Zulke strubbelingen worden in de Wetstraat weleens vergeleken met Shakespeare, en tegenwoordig ook met Game of Thrones. Eigenlijk gaat het gewoon om suffe office politics, zoals je die in alle bedrijven hebt. Het is lang niet relevant genoeg om interessant te zijn, en lang niet spannend of complex genoeg voor intelligent drama. Reclame voor de politieke journalistiek is het al helemaal niet. Toen ik politieke wetenschappen studeerde aan de Universiteit Gent, grapte mijn vader vaak dat mijn faculteit een onderdeel van de amusementsindustrie was. Hij doet graag minnetjes over de analyses van politologen, maar ook de politieke verslaggeving volgt dezer dagen de regels van de dramaturgie. Zo loopt Pieterjan De Smedt voor Terzake al maanden achter politici aan om hen te vragen naar de stand van de formatie. Hij doet dat met gusto, waar hij complimenten voor krijgt, maar de antwoorden waar hij met microfoon en camera achteraangaat, betekenen helemaal niets. Net zoals de veto's waar De Smedt tijdens de campagne naar hengelde: die zijn allemaal allang vergeten. Open VLD-voorzitter Gwendolyn Rutten ging van een veto tegen de PS over de keuze voor Paars-Geel tot de mogelijkheid van Paars-Groen. Is dat erg? De kern van een compromis is net dat iemand van zijn standpunt afstapt. Er zal dus toch echt ooit eens iemand moeten bewegen - en dan zal Pieterjan De Smedt klaarstaan om de hypocrisie ervan te onthullen. Zijn zulke interviews nog een vertolking van de vierde macht die de verkozenen des volks controleert, of zijn het slechte theaterstukjes die televisiekijkers alleen maar cynischer maken over de politiek? In de zomer vertelde Bart Brinckman, Wetstraatjournalist van De Standaard, in Terzake dat hij één ding onthouden had van de reconstructies die zijn krant al na eerdere regeringsvormingen had gemaakt: de waarheid blijkt achteraf altijd anders dan wat politici tijdens de formatie journalisten wijsmaakten. Terwijl Pieterjan De Smedt nog altijd elk woord ernstig neemt, word ik er depressief van.