De raad van bestuur van het bedrijf besliste vorig jaar de bestaande reizigerstellingen niet langer te communiceren. De cijfers waren erg omstreden. Voor abonnees, die het merendeel van de reizigers uitmaken, ging de Vlaamse vervoersmaatschappij uit van gewaagde hypotheses. Zo zouden stedelingen 90 ritten per maand maken en plattelandsbewoners 52 keer per maand op een bus of een tram stappen. De nieuwe beheersovereenkomst eist van De Lijn gedetailleerde informatie over reizigersstromen en -aantallen zodat het aanbod beter op de vraag van de reiziger kan worden afgestemd. De Lijn besloot daarom een nieuw telsysteem uit te bouwen en ontwikkelde een 'extrapolatiealgoritme' om reizigers te tellen aan de hand van verschillende bronnen, zoals de Mobib-kaart en 3D-camera's boven de deuren van een beperkt aantal voertuigen. Bedoeling was om vanaf het tweede kwartaal van 2019 over de cijfers te communiceren. Maar die deadline haalde De Lijn niet. Woordvoerster Anneliese Meynaerts beklemtoont dat het bedrijf vandaag meer cijfers bezit dan vroeger zonder de Mobib-kaarten. "We zitten nu nog in de situatie dat we niet alle cijfers hebben", erkent ze. "De voornaamste oorzaak is de discipline bij de reizigers. Het is moeilijk mensen zover te krijgen om elke keer de Mobib-kaart te gebruiken. Dat is een issue." (Belga)