'Oud worden? Dat is wel het laatste van mijn zorgen', zegt ze. Haar klasgenoten knikken instemmend. Ik ben uitgenodigd om voor een groep leerlingen verzorging op een middelbare school te gaan spreken over mijn laatste boek. Om hen uit te leggen dat we het hoogbejaarden vaak verschrikkelijk moeilijk maken om te blijven wie ze altijd al zijn geweest.
...

'Oud worden? Dat is wel het laatste van mijn zorgen', zegt ze. Haar klasgenoten knikken instemmend. Ik ben uitgenodigd om voor een groep leerlingen verzorging op een middelbare school te gaan spreken over mijn laatste boek. Om hen uit te leggen dat we het hoogbejaarden vaak verschrikkelijk moeilijk maken om te blijven wie ze altijd al zijn geweest. Maar als ik mijn jonge toehoorders achteraf het woord geef, gaat het gesprek een heel andere kant op. Dat ze net bang zijn dat ze nooit oud zullen worden, zeggen ze. 'Waarom dan?' vraag ik. 'Omdat Trump een Derde Wereldoorlog wil beginnen natuurlijk', zegt een meisje met een kleurige hoofddoek. Hoe de vork precies aan de steel zit, weet ze niet, maar alarmerend is de toestand in elk geval. 'En dan zitten we nog met die besmettelijke virussen, zoals die uit China', zegt iemand anders. Op de sociale media heeft ze gelezen dat er steeds meer van die ziektes onze kant uit zullen komen. Weer instemmend geknik. 'Tegen dat het volgende virus er is, zijn we allemaal al verdronken door de opwarming van de aarde', keelt een meisje met roze haren. 'De kans is groter dat we sterven in een terroristische aanslag dan door het klimaat', poneert een van haar klasgenotes. 'Mijn moeder kent iemand die is gestorven bij de aanslagen in de metro in Brussel. Sindsdien weiger ik nog de metro te nemen - ik loop wel.'Het gesprek met die meisjes gooit me vele jaren terug in de tijd. Naar de periode dat ik uitvluchten verzon om niet met mijn ouders mee te hoeven naar de supermarkt. Zeker niet na donker en al helemaal niet op vrijdag. De Bende van Nijvel, weet u nog wel. Net zoals nogal wat jongeren vandaag waren wij in de jaren tachtig behoorlijk bang voor onze toekomst. En net zoals zij vonden we dat de vorige generaties er een boeltje van hadden gemaakt. Destijds hadden we het nog niet over de opwarming van de aarde, maar wel over het gigantische gat in de ozonlaag en de zure regen die in de bodem drong en bomen deed sterven. Wij liepen rond met No Time To Waste op onze T-shirts, vandaag houden klimaatspijbelaars bordjes omhoog waarop staat dat het al vijf over twaalf is. En die Derde Wereldoorlog? Die leek toen, in volle Koude Oorlog, vlak voor de deur te staan. Eén druk op een knop en we gingen er allemaal aan.Vandaag zijn er dus weer heel wat jongeren die bang zijn. Leuk is dat niet, maar wel hoopgevend. Want wie wakker ligt van het klimaat, oorlogsdreiging en terrorisme, is niet alleen met zichzelf bezig. Wie over zulke dingen nadenkt, kijkt verder dan zijn smartphone, zijn lief, zijn rapport en zijn bankrekening. Daar zit potentieel in, denk ik dan. Maar dan moeten we wel naar die jongeren luisteren en hun zorgen en angsten niet als puberale hysterie afdoen. Alleen als ze zich gesteund weten, zullen ze geloven dat ze iets kunnen veranderen. Zoals veel jongeren uit mijn generatie. Niet dat ik geloof dat de antikernwapendemonstraties de Koude Oorlog hebben bezworen, maar ze zullen de houding van politici die nog herkozen wilden geraken wel degelijk hebben beïnvloed. Net zoals de alarmkreten van zovele jongeren, die de stuipen op het lijf werden gejaagd door - achteraf gezien soms overdreven - onheilstijdingen over zure regen, overheden tot actie hebben aangemaand. Uiteindelijk werd de uitstoot van zwaveldioxide en stikstofoxide aan banden gelegd en dat heeft wel degelijk impact gehad. En het gat in de ozonlaag? Eind jaren tachtig werd een protocol opgesteld dat het gebruik verbiedt van de gevaarlijkste gassen die de ozonlaag aantasten. Daardoor is de schade toch nog beperkt gebleven. Al is ondertussen wel gebleken dat de ozonlaag ook wordt beschadigd door de uitstoot van broeikasgassen en de opwarming van de aarde.'Als ik het goed begrijp hebben jullie dus wel iets gedaan, maar lang niet genoeg', zegt het meisje met het roze haar. 'Dat is nu toch anders, hoor. Wij zijn niet van plan om half werk te doen.' Ook daar waren we in de jaren tachtig van overtuigd.