Marc Vandepitte (PVDA)
Marc Vandepitte (PVDA)
Auteur en leerkracht
Opinie

28/01/19 om 05:06 - Bijgewerkt op 27/01/19 om 19:29

'De ernst en urgentie van de klimaatopwarming is bij onze politici nog steeds niet doorgedrongen'

Drie keer al trokken scholieren op donderdag naar Brussel om actie te voeren tegen de klimaatopwarming en gisteren waren ze ook massaal aanwezig op de klimaatmars. 'Zij komen op straat omdat de politieke wereld schromelijk tekortschiet en hebben overschot van gelijk', zegt auteur en leerkracht Marc Vandepitte (PVDA).

'De ernst en urgentie van de klimaatopwarming is bij onze politici nog steeds niet doorgedrongen'

© iStock

De jongeren maken zich terecht ernstige zorgen over het klimaatbeleid van ons land. België heeft de vijfde hoogste ecologische voetafdruk ter wereld, en doorheen de jaren stijgen we zelfs nog in die rangschikking. Met deze voetafdruk doen we alsof we recht hebben op vier planeten, terwijl er natuurlijk maar één is. Toch blijven de vier klimaatministers vrolijk beweren dat ze goed bezig zijn. Maar, omdat de jongeren dat nog niet genoeg beseffen, willen de excellenties wel coaches sturen naar de scholen om hen dat eens goed uit te leggen...

Delen

De ernst en urgentie van de klimaatopwarming is bij onze politici nog steeds niet doorgedrongen.

De klimaatjongeren eisen van de politieke wereld een bindend plan om tegen 2050 klimaatneutraal te zijn. Dat plan is er niet. Meer nog, op Europees vlak stemt de Vlaamse regering tegen ambitieuze doelstellingen en maatregelen op het vlak van hernieuwbare energie en energiebesparing. Recentelijk heeft Vlaanderen bovendien verhinderd dat België kon toetreden tot de High Ambition Coalition, een groep van 26 landen, waaronder onze buurlanden, die zich engageren om de klimaatinspanningen te verhogen. Dat was wellicht voor de jongeren de spreekwoordelijke druppel, en daarom komen ze op straat.

Om het klimaat te redden, moeten we volgens de klimaatexperten van de Verenigde Naties de opwarming van de planeet beperken tot 1,5°C. Onze regeringen willen maar gaan tot 2°C, en dat zijn dan nog maar woorden.

Die halve graad Celsius lijkt niet veel, maar vormt wel een essentieel verschil. Als we boven de 1,5°C gaan overschrijden we namelijk een kantelpunt en beginnen de ijskappen af te smelten. Het gevaar bestaat dan dat de opwarming van de aarde zichzelf in stand gaat houden en compleet uit de hand loopt.

In dat scenario stevenen we af op beduidend meer extreme weersomstandigheden en worden delen van de aarde gewoon onbewoonbaar. Extreme droogtes, watertekorten, hittegolven en bosbranden aan de ene kant, hevige regenstormen en overstromingen aan de andere kant. Tot een half miljoen Europeanen zouden jaarlijks getroffen worden door overstromingen van rivieren en kustgebieden. Wereldwijd verwacht de Wereldbank daarenboven 140 miljoen klimaatvluchtelingen tegen 2050, een veelvoud van wat we vandaag kennen.

De ernst en de urgentie is bij onze politici nog steeds niet doorgedrongen. Om de opwarming te beperken tot 1,5°C mogen we met zijn allen op deze planeet nog maar 420 gigaton koolstofdioxide (CO2) uitstoten. Aan het huidig tempo is dat binnen tien jaar al opgebruikt (met 50% zekerheid). Dat betekent dat de uitstoot van CO2 snel en drastisch naar beneden moet. Helaas nam de CO2-uitstoot vorig jaar opnieuw toe. Het gaat dus helemaal in de foute richting.

Willen we een leefbare planeet, dan moet de wereldwijde uitstoot tegen 2030 met meer dan de helft naar omlaag en tegen 2050 moeten we volledig klimaatneutraal worden.

In Vlaanderen zijn de vijf belangrijkste bronnen van CO2 uitstoot in volgorde van belangrijkheid: industrie, energie, transport, huishoudens (woningen) en landbouw. Op elk van die terreinen zijn de ambities en inspanningen van de Vlaamse regering gewoon ondermaats.

De industrie is goed voor bijna 30% van de uitstoot. Dat aandeel is sinds 2009 gestegen. De Vlaamse overheid heeft geen enkel ernstig plan om de industrie aan te sporen richting klimaatneutraliteit.

Qua energiebevoorrading is het zowaar nog erger. Die is in ons land zo goed als volledig in private handen. De overheid kan hier dus geen ambities hebben omdat ze bijna niets in de pap te brokken heeft. Dat is onlangs nog pijnlijk gebleken bij het uitvallen van een aantal kernreactoren met een mogelijk energietekort als gevolg. Engie is eigenaar van Electrabel, de grootste energieproducent en -leverancier in België. Van die groep weten we dat die een grote rol heeft gespeeld in het dwarsbomen van een versnelde ontwikkeling van hernieuwbare energie op Europees niveau. De overheid staat erbij en kijkt er naar. Op dit moment is amper 8% van de energiewinning in België hernieuwbaar. Beschamend. De energiewinning is te belangrijk om over te laten aan spelers die enkel uit zijn op winst. Omwille van het klimaat moet de energieproductie opnieuw onder democratische controle komen, beheerd door de (lokale) overheid of door coöperaties, burgerinitiatieven...

Delen

De energiewinning is te belangrijk om over te laten aan spelers die enkel uit zijn op winst.

Het transport is verantwoordelijk voor ongeveer een vijfde van de koolstofemissie. En wat zien we? Jaarlijks gaat er 4 miljard naar de subsidie van bedrijfswagens, terwijl de NMBS en Infrabel zo'n 3 miljard moeten besparen. Van klimaatambitie gesproken. Van een plan om bijvoorbeeld tegen 2030 enkel nog emissievrije wagens toe te laten is geen sprake, laat staan van een grootschalig investeringsplan voor ons openbaar vervoer.

Ook het woonbeleid faalt in het licht van de klimaatdoelstellingen. Vandaag is 90 procent van de Vlaamse woningen matig tot slecht geïsoleerd. Om ze tegen 2050 voldoende energiezuinig te krijgen, moeten jaarlijks 2,5 procent van de bestaande woningen gerenoveerd worden. Nu halen we nog niet eens 1 procent. De overheid moet veel meer dan vandaag tussenkomen in de isolatiekosten en systemen voorzien waarbij gezinnen die renoveren kunnen afbetalen in verhouding tot de bespaarde kosten op energie.

De landbouw tenslotte speelt ook een rol. Vlaanderen telt 6 miljoen varkens en 1,3 miljoen koeien. Om te voldoen aan het klimaatakkoord van Parijs moet 40 tot 80% van de broeikasuitstoot die verbonden is aan de veeteelt gereduceerd worden. Dat kan enkel door de veestapel te verkleinen. Dat houdt ondersteunende maatregelen in om die overschakeling mogelijk te maken. Maar aan de veestapel wil Schauvliege niet raken.

Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat Vlaanderen de toch al minimale Europese doelstellingen niet eens zal halen. We moeten geen tandje bijsteken, maar fors naar een hogere versnelling schakelen. De scholieren hebben dat goed begrepen en plaatsen onze regeringen voor hun verpletterende verantwoordelijkheid. Zij verdienen meer dan onze steun.