Minister Dermagne (PS) en premier De Croo (Open Vld)kregen vandaag in de plenaire Kamer vragen over het loonakkoord dat afgelopen nacht werd gevonden in het kernkabinet. Het dossier verhuisde naar de regeringstafel nadat het overleg tussen vakbonden en werkgevers vorige week mislukte. De federale vicepremiers beslisten dat de lonen in de privésector de komende twee jaar met 0,4 procent kunnen stijgen bovenop de index. Daarnaast is er wel ruimte voor een premie van maximaal 500 euro netto voor bedrijven die het in coronatijden goed hebben gedaan, die de vorm zal krijgen van een consumptiecheque. Daar kan binnen bedrijfs- of sectorniveau over onderhandeld worden, bevestigde premier De Croo. Erg strenge voorwaarden zijn er niet, zodat ook een bedrijf dat misschien niet veel extra omzet heeft geboekt werknemers kan belonen, aldus de premier, maar hij benadrukte wel dat het niet de bedoeling kan zijn om bedrijven die het moeilijk hebben "in de afgrond te duwen". "We hebben binnen de regering getoond dat we akkoorden kunnen maken die redelijk en evenwichtig zijn, en iedereen vooruit kunen laten gaan. In een sfeer waarin sociale partners met getrokken mensen tegenover elkaar staan, krijg je geen evenwichtige akkoorden", klonk het. De sociale partners onderhandelen intussen wel nog over de minimumlonen, eindeloopbaanmaatregelen en de harmonisering van de tweede pensioenpijler. In dat eerste dossier wil de regering alvast faciliteren door parafiscale maatregelen te treffen om bijvoorbeeld de jobcreatie niet te schaden, zei De Croo. "We hebben aan de sociale partners gevraagd om te werken aan een soort convergentietraject, dat uitgevoerd kan worden zodra de coronacrisis achter ons ligt." Dermagne van zijn kant beklemtoonde dat er over de premie van 500 euro onderhandeld kan worden op het niveau van de sectoren en bedrijven, "zonder strikte voorwaarden, dicht bij de realiteit, waar men zich bewust is van de mogelijkheden en de moeilijkheden binnen bedrijven en ondernemingen". De PS-vicepremier benadrukte ook het belang van de stijging van de minimumlonen. "Het is totaal onaanvaardbaar dat mensen die 's morgens gaan werken niet voldoende worden betaald voor wat ze doen", zei hij. (Belga)

Minister Dermagne (PS) en premier De Croo (Open Vld)kregen vandaag in de plenaire Kamer vragen over het loonakkoord dat afgelopen nacht werd gevonden in het kernkabinet. Het dossier verhuisde naar de regeringstafel nadat het overleg tussen vakbonden en werkgevers vorige week mislukte. De federale vicepremiers beslisten dat de lonen in de privésector de komende twee jaar met 0,4 procent kunnen stijgen bovenop de index. Daarnaast is er wel ruimte voor een premie van maximaal 500 euro netto voor bedrijven die het in coronatijden goed hebben gedaan, die de vorm zal krijgen van een consumptiecheque. Daar kan binnen bedrijfs- of sectorniveau over onderhandeld worden, bevestigde premier De Croo. Erg strenge voorwaarden zijn er niet, zodat ook een bedrijf dat misschien niet veel extra omzet heeft geboekt werknemers kan belonen, aldus de premier, maar hij benadrukte wel dat het niet de bedoeling kan zijn om bedrijven die het moeilijk hebben "in de afgrond te duwen". "We hebben binnen de regering getoond dat we akkoorden kunnen maken die redelijk en evenwichtig zijn, en iedereen vooruit kunen laten gaan. In een sfeer waarin sociale partners met getrokken mensen tegenover elkaar staan, krijg je geen evenwichtige akkoorden", klonk het. De sociale partners onderhandelen intussen wel nog over de minimumlonen, eindeloopbaanmaatregelen en de harmonisering van de tweede pensioenpijler. In dat eerste dossier wil de regering alvast faciliteren door parafiscale maatregelen te treffen om bijvoorbeeld de jobcreatie niet te schaden, zei De Croo. "We hebben aan de sociale partners gevraagd om te werken aan een soort convergentietraject, dat uitgevoerd kan worden zodra de coronacrisis achter ons ligt." Dermagne van zijn kant beklemtoonde dat er over de premie van 500 euro onderhandeld kan worden op het niveau van de sectoren en bedrijven, "zonder strikte voorwaarden, dicht bij de realiteit, waar men zich bewust is van de mogelijkheden en de moeilijkheden binnen bedrijven en ondernemingen". De PS-vicepremier benadrukte ook het belang van de stijging van de minimumlonen. "Het is totaal onaanvaardbaar dat mensen die 's morgens gaan werken niet voldoende worden betaald voor wat ze doen", zei hij. (Belga)