Zoals vele andere Europese landen heeft het Verenigd Koninkrijk COVID-19 aanvankelijk onderschat en teruggedeinsd voor de economische gevolgen van sommige maatregelen, hoewel er snel Britten besmet geraakten. Die onderschatting werd echter verder versterkt door op z'n minst twee typisch Britse fenomenen, en dan gaat het niet in de eerste plaats om hun motto keep calm and carry on.

De Britten hebben (eindelijk) een zware bocht genomen in hun aanpak van de coronacrisis nadat ze wekenlang soeverein volhielden dat kudde-immuniteit dé manier was om het virus in te dijken. Zoals vele andere Europese landen heeft het Verenigd Koninkrijk COVID-19 aanvankelijk onderschat en teruggedeinsd voor de economische gevolgen van sommige maatregelen, hoewel er snel Britten besmet geraakten. Die onderschatting werd echter verder versterkt door op z'n minst twee typisch Britse fenomenen, en dan gaat het niet in de eerste plaats om hun motto keep calm and carry on.

Ten eerste hangt de National Health Service al jaren aan de beademing. De NHS garandeert iedereen gratis toegang tot zowat alle aspecten van de gezondheidszorg, van huisartsen over ziekenhuisopnames tot medicatie op voorschrift. Na WO II maakte het deel uit van een grootschalige operatie waarbij de overheid elke burger sociale zekerheid wou bieden van de wieg tot het graf. Vandaag kreunt de NHS enerzijds onder de enorm toegenomen noden en kosten (o.a. door de vergrijzing en dure behandelingen) en anderzijds een chronisch tekort aan medisch en verplegend personeel. Niet-dringende operaties en consultaties kennen wachttijden tot 18 weken, en elke winter kampen ziekenhuizen met een enorm tekort aan bedden, waardoor ze patiënten op de gang en soms op de grond moeten leggen, of gewoon naar huis sturen.

De Britse corona-aanpak: meer dan keep calm and carry on?

Als die NHS nu ook een acute pandemie moet beredderen, dreigt het hele systeem in enkele weken tijd in elkaar te stuiken. Bovendien vreest men een opflakkering van het coronavirus komende winter, die de ziekenhuizen bijkomend zou belasten. Met kudde-immuniteit wou men twee vliegen in een slag vangen. Terwijl mensen met een zwakke gezondheid en 65+'ers zichzelf buiten schot zouden houden door uit eigen beweging thuis te blijven, zou het virus zich verspreiden over een groot deel van de bevolking. Velen van hen zouden thuis kunnen uitzieken of zelfs geen symptomen vertonen maar wel immuniteit opbouwen. Als de curve van de epidemie zo zou kunnen afvlakken tot aan de zomer, geraakt de NHS niet overbelast. En door de opgebouwde immuniteit kweek je voldoende resistentie onder de bevolking om volgende winter het virus het hoofd te kunnen bieden.

Het virus deed niet wat de regering-Johnson had gehoopt: het verspreidt zich sneller dan verwacht en treft ook veel mensen die niet tot de risicogroep behoren. De NHS stevent af op een drama, en Boris Johnsons relativerende communicatielijn slaat niet meer aan bij een publieke opinie die andere landen wel maatregelen ziet nemen.

Een tweede fenomeen dat een rem zette op de ontplooiing van verregaande coronamaatregelen is de Britse traditie dat de centrale overheid weinig directief optreedt. De maatschappij is doordrongen van het subsidiariteitsprincipe: wat je op een lager niveau kunt regelen, daar hoeft een hoger niveau zich niet mee te bemoeien. Gepaard met het sterk ontwikkelde sentiment dat een maatschappij maar nood heeft aan een beperkt aantal regels die dan wel strikt worden toegepast, krijg je een overheid in Westminster die meer dan twee keer nadenkt voor ze zwaar ingrijpt in het leven van alle dag. Aanvankelijk had het er zelfs alle schijn van dat men mensenlevens wou opofferen om de economie te vrijwaren, met een premier die openlijk zegt dat burgers aan het virus zullen sterven en tegelijk nauwelijks maatregelen treft.

Toen Boris begin vorige week eindelijk zijn bocht inzette, deed hij dat dan ook bijzonder halfslachtig. Eerst kwam er een "advies" om de horeca links te laten liggen, maar de vader van de premier gaf doodleuk aan dat hij nog wel een pub zou bezoeken. Enkele scholen gingen uit eigen beweging dicht, en de regering sloot ze dan maar allemaal. Veertig metrostations sloten in Londen, waarna andere stations en metrolijnen overspoeld werden met reizigers. Ook afgelopen weekend was er louter een advies om fysiek contact te mijden en thuis te blijven. Johnson riep zelfs pas op om zondag op Moederdag je moeder niet te bezoeken nadat hij eerst zelf had verklaard dat wél bij zijn moeder te zullen doen.

Zo leek de premier de ernst van de situatie niet in te zien en, zoals wel vaker, niet de dossierkennis te hebben om het land door de crisis heen te leiden. Door de weifelende houding van een regering die eerst volhield dat haar terughoudende weg de enige juiste was, viel het perfect te voorspellen dat de bevolking die adviezen niet gedwee zou volgen als ze niet in afdwingbare regels werden gegoten. Nadat dit weekend natuurparken overspoeld werden met wandelaars en maandag de metro weer afgeladen vol zat, kon Johnson niet anders dan een lockdown à la belge af te kondigen. Maar deze beslissing rust op dezelfde argumenten als die aangehaald voor de eerdere laissez-fairehouding, en mist dus geloofwaardigheid. Tegelijk blijven de afgekondigde regels verwarring zaaien omdat ze de verantwoordelijkheid andermaal op het terrein leggen: werkgevers bepalen wat de essentiële functies en activiteiten zijn waarvoor werknemers zich moeten verplaatsen, burgemeesters bepalen welke openbare plaatsen sluiten, ...

Johnson kampte vóór de crisis al met een zwaar geloofwaardigheidsprobleem bij veel van zijn landgenoten. Zijn houding van de laatste weken heeft dat zeker niet ten goede kunnen keren. Het is pijnlijk vast te stellen dat de man die premier werd met een imago van de daadkrachtige leider die zaken gedaan krijgt, bij de eerste echte crisis zo door de mand valt, net nu een land nood heeft aan een echte leider die iedereen op sleeptouw kan nemen. Oh ja, en hoewel het velen nu worst zal wezen, kan de brexit voor Johnson nog altijd gewoon doorgaan. Maar wie gelooft die man nog?

Zoals vele andere Europese landen heeft het Verenigd Koninkrijk COVID-19 aanvankelijk onderschat en teruggedeinsd voor de economische gevolgen van sommige maatregelen, hoewel er snel Britten besmet geraakten. Die onderschatting werd echter verder versterkt door op z'n minst twee typisch Britse fenomenen, en dan gaat het niet in de eerste plaats om hun motto keep calm and carry on.De Britten hebben (eindelijk) een zware bocht genomen in hun aanpak van de coronacrisis nadat ze wekenlang soeverein volhielden dat kudde-immuniteit dé manier was om het virus in te dijken. Zoals vele andere Europese landen heeft het Verenigd Koninkrijk COVID-19 aanvankelijk onderschat en teruggedeinsd voor de economische gevolgen van sommige maatregelen, hoewel er snel Britten besmet geraakten. Die onderschatting werd echter verder versterkt door op z'n minst twee typisch Britse fenomenen, en dan gaat het niet in de eerste plaats om hun motto keep calm and carry on.Ten eerste hangt de National Health Service al jaren aan de beademing. De NHS garandeert iedereen gratis toegang tot zowat alle aspecten van de gezondheidszorg, van huisartsen over ziekenhuisopnames tot medicatie op voorschrift. Na WO II maakte het deel uit van een grootschalige operatie waarbij de overheid elke burger sociale zekerheid wou bieden van de wieg tot het graf. Vandaag kreunt de NHS enerzijds onder de enorm toegenomen noden en kosten (o.a. door de vergrijzing en dure behandelingen) en anderzijds een chronisch tekort aan medisch en verplegend personeel. Niet-dringende operaties en consultaties kennen wachttijden tot 18 weken, en elke winter kampen ziekenhuizen met een enorm tekort aan bedden, waardoor ze patiënten op de gang en soms op de grond moeten leggen, of gewoon naar huis sturen. Als die NHS nu ook een acute pandemie moet beredderen, dreigt het hele systeem in enkele weken tijd in elkaar te stuiken. Bovendien vreest men een opflakkering van het coronavirus komende winter, die de ziekenhuizen bijkomend zou belasten. Met kudde-immuniteit wou men twee vliegen in een slag vangen. Terwijl mensen met een zwakke gezondheid en 65+'ers zichzelf buiten schot zouden houden door uit eigen beweging thuis te blijven, zou het virus zich verspreiden over een groot deel van de bevolking. Velen van hen zouden thuis kunnen uitzieken of zelfs geen symptomen vertonen maar wel immuniteit opbouwen. Als de curve van de epidemie zo zou kunnen afvlakken tot aan de zomer, geraakt de NHS niet overbelast. En door de opgebouwde immuniteit kweek je voldoende resistentie onder de bevolking om volgende winter het virus het hoofd te kunnen bieden. Het virus deed niet wat de regering-Johnson had gehoopt: het verspreidt zich sneller dan verwacht en treft ook veel mensen die niet tot de risicogroep behoren. De NHS stevent af op een drama, en Boris Johnsons relativerende communicatielijn slaat niet meer aan bij een publieke opinie die andere landen wel maatregelen ziet nemen.Een tweede fenomeen dat een rem zette op de ontplooiing van verregaande coronamaatregelen is de Britse traditie dat de centrale overheid weinig directief optreedt. De maatschappij is doordrongen van het subsidiariteitsprincipe: wat je op een lager niveau kunt regelen, daar hoeft een hoger niveau zich niet mee te bemoeien. Gepaard met het sterk ontwikkelde sentiment dat een maatschappij maar nood heeft aan een beperkt aantal regels die dan wel strikt worden toegepast, krijg je een overheid in Westminster die meer dan twee keer nadenkt voor ze zwaar ingrijpt in het leven van alle dag. Aanvankelijk had het er zelfs alle schijn van dat men mensenlevens wou opofferen om de economie te vrijwaren, met een premier die openlijk zegt dat burgers aan het virus zullen sterven en tegelijk nauwelijks maatregelen treft.Toen Boris begin vorige week eindelijk zijn bocht inzette, deed hij dat dan ook bijzonder halfslachtig. Eerst kwam er een "advies" om de horeca links te laten liggen, maar de vader van de premier gaf doodleuk aan dat hij nog wel een pub zou bezoeken. Enkele scholen gingen uit eigen beweging dicht, en de regering sloot ze dan maar allemaal. Veertig metrostations sloten in Londen, waarna andere stations en metrolijnen overspoeld werden met reizigers. Ook afgelopen weekend was er louter een advies om fysiek contact te mijden en thuis te blijven. Johnson riep zelfs pas op om zondag op Moederdag je moeder niet te bezoeken nadat hij eerst zelf had verklaard dat wél bij zijn moeder te zullen doen. Zo leek de premier de ernst van de situatie niet in te zien en, zoals wel vaker, niet de dossierkennis te hebben om het land door de crisis heen te leiden. Door de weifelende houding van een regering die eerst volhield dat haar terughoudende weg de enige juiste was, viel het perfect te voorspellen dat de bevolking die adviezen niet gedwee zou volgen als ze niet in afdwingbare regels werden gegoten. Nadat dit weekend natuurparken overspoeld werden met wandelaars en maandag de metro weer afgeladen vol zat, kon Johnson niet anders dan een lockdown à la belge af te kondigen. Maar deze beslissing rust op dezelfde argumenten als die aangehaald voor de eerdere laissez-fairehouding, en mist dus geloofwaardigheid. Tegelijk blijven de afgekondigde regels verwarring zaaien omdat ze de verantwoordelijkheid andermaal op het terrein leggen: werkgevers bepalen wat de essentiële functies en activiteiten zijn waarvoor werknemers zich moeten verplaatsen, burgemeesters bepalen welke openbare plaatsen sluiten, ...Johnson kampte vóór de crisis al met een zwaar geloofwaardigheidsprobleem bij veel van zijn landgenoten. Zijn houding van de laatste weken heeft dat zeker niet ten goede kunnen keren. Het is pijnlijk vast te stellen dat de man die premier werd met een imago van de daadkrachtige leider die zaken gedaan krijgt, bij de eerste echte crisis zo door de mand valt, net nu een land nood heeft aan een echte leider die iedereen op sleeptouw kan nemen. Oh ja, en hoewel het velen nu worst zal wezen, kan de brexit voor Johnson nog altijd gewoon doorgaan. Maar wie gelooft die man nog?