'C'était au temps où Bruxelles Bruxellait.' Jacques Brel, Franstalige Brusselse Vlaming bij uitstek, zong de lof van de hoofdstad al in 1962. Op een moment dat hij voelde dat zijn stad niet meteen ten goede zou veranderen, hunkerde dromer Brel naar een Brussel uit een ver verleden. Maar dat zou niet terugkomen. De auto maakte volop opmars, en dus werden plannen gesmeed voor snelwegen. Hele wijken moesten eraan geloven in de decennia die erop volgden. Het was het begin van een lange periode waarin met alles rekening gehouden werd, behalve met de Brusselaar zelf.

Dat Brusselse Gewest en 19 gemeenten samenvallen, is kwestie van gezond verstand.

Tot 1989 zou het duren voor het Brusselse Gewest uit de grond gestampt werd en de Brusselaar - met een eigen parlement en regering - eindelijk voor het eerst zelf een stem kreeg. In de afgelopen 30 jaar is deze stad, met vallen en opstaan, volwassen geworden. Nog altijd bewust van haar eigen tekortkomingen en limieten, maar ook van haar eigen kracht. Deze jubileumeditie van het Irisfeest verplicht ons, Brusselse politici, om niet te twijfelen en de inhaalbeweging van de voorbije jaren nu volop voort te zetten. Om verder te evolueren naar een stad voor mensen, in plaats van een stad voor auto's. Waar tussen het werken door opnieuw (groene) ruimte gemaakt wordt voor ontmoeting en ontspanning. Niet alleen voor Brusselaars, maar ook voor pendelaars. Waarom zou Brussel minder ambitie hebben dan Kopenhagen?

Ik ken geen enkele Brusselaar die zijn stad niet verdedigt wanneer weer iets te hard aan Brussel bashing wordt gedaan. Maar ik ken er ook geen enkele die zich niet blauw ergert aan de huidige politieke wirwar, die maakt dat iedereen bevoegd is, maar niemand verantwoordelijk is. De versnippering van bevoegdheden en het haast oneindige getouwtrek tussen de 19 gemeenten en het Gewest dragen niet bij tot een slagkrachtig beleid. Dat hebben we de voorbije jaren meer dan eens ondervonden. Dat getouwtrek is niet alleen tijd- en energieverlies, het kost de Brusselaar ook handenvol geld, terwijl andere uitdagingen zoals lucht- of levenskwaliteit (4 op 10 Brusselaars konden vorig jaar niet sparen), armoedebestrijding, verkeersveiligheid, betaalbaar wonen, niet op zich laten wachten.

Dat het Gewest en de 19 gemeenten op termijn moeten samenvallen, is dan ook gewoon een kwestie van gezond verstand. Want waarom stoppen straatvegers aan hun gemeentegrens, of worden klachten eindeloos doorgeschoven omdat de straat waarin je woont pal tussen Koekelberg en Jette ligt? Waarom moet de Brusselaar uit Ukkel vandaag minder belastingen betalen dan de Brusselaar uit Molenbeek? Waarom hangt de plaats op een wachtlijst voor een sociale woning af van het OCMW waar je woont en niet van je situatie? Waarom zorgen 6 verschillende politiezones ervoor dat misdaad en onveiligheid plots ophouden te bestaan, zodra een agent zijn eigen zone verlaat?

De essentie van goed bestuur is dat de Brusselaar betrokken is en dat heeft niks met afstand te maken.

Het is een hardnekkig misverstand dat één sterk stadsgewest ten koste zou gaan van een gevoel van nabijheid, zoals sommigen blijven opperen. De essentie van goed bestuur is dat de Brusselaar betrokken is en dat heeft niks met afstand te maken. Nabijheid is precies het resultaat van een coherent beleid in alle transparantie. Of je nu in Elsene, Vorst of Anderlecht woont, Brusselaars willen allemaal hetzelfde: zuivere lucht, vlot en veilig verkeer, of plaats in de klas voor hun kinderen. Alleen één bestuur zal een einde maken aan de huidige oneerlijkheid en onduidelijkheid, maar ook aan de talloze absurditeiten die vandaag voor frustratie zorgen. Minder bevoegde instanties en minder politici, maar meer verantwoordelijkheid om de toekomst van elke Brusselaar te verzekeren. Dat is nu over de taal- en partijgrenzen heen de opdracht voor ons politici, omdat dat de enige toekomst is voor een Brussel met ambitie.

'On ne réalise que ses rêves', zei Brel altijd. Eén visie voor één stad hoeft geen droom te blijven. Meer nog, het zou meteen een opgestoken middenvinger zijn naar al diegenen die weigeren te geloven in de kracht van Brussel, welke kleur zijn inwoners ook hebben, van welke wijk ze ook afkomstig zijn, en welke taal ze ook spreken. Onze toekomst is Brussel.

Pascal Smet is Brussels minister voor Mobiliteit en Openbare Werken.

Els Rochette is directrice van Globe Aroma en staat op de tweede plaas van de lijst van one.brussels - SP.A bij de Brusselse verkiezingen.

'C'était au temps où Bruxelles Bruxellait.' Jacques Brel, Franstalige Brusselse Vlaming bij uitstek, zong de lof van de hoofdstad al in 1962. Op een moment dat hij voelde dat zijn stad niet meteen ten goede zou veranderen, hunkerde dromer Brel naar een Brussel uit een ver verleden. Maar dat zou niet terugkomen. De auto maakte volop opmars, en dus werden plannen gesmeed voor snelwegen. Hele wijken moesten eraan geloven in de decennia die erop volgden. Het was het begin van een lange periode waarin met alles rekening gehouden werd, behalve met de Brusselaar zelf.Tot 1989 zou het duren voor het Brusselse Gewest uit de grond gestampt werd en de Brusselaar - met een eigen parlement en regering - eindelijk voor het eerst zelf een stem kreeg. In de afgelopen 30 jaar is deze stad, met vallen en opstaan, volwassen geworden. Nog altijd bewust van haar eigen tekortkomingen en limieten, maar ook van haar eigen kracht. Deze jubileumeditie van het Irisfeest verplicht ons, Brusselse politici, om niet te twijfelen en de inhaalbeweging van de voorbije jaren nu volop voort te zetten. Om verder te evolueren naar een stad voor mensen, in plaats van een stad voor auto's. Waar tussen het werken door opnieuw (groene) ruimte gemaakt wordt voor ontmoeting en ontspanning. Niet alleen voor Brusselaars, maar ook voor pendelaars. Waarom zou Brussel minder ambitie hebben dan Kopenhagen?Ik ken geen enkele Brusselaar die zijn stad niet verdedigt wanneer weer iets te hard aan Brussel bashing wordt gedaan. Maar ik ken er ook geen enkele die zich niet blauw ergert aan de huidige politieke wirwar, die maakt dat iedereen bevoegd is, maar niemand verantwoordelijk is. De versnippering van bevoegdheden en het haast oneindige getouwtrek tussen de 19 gemeenten en het Gewest dragen niet bij tot een slagkrachtig beleid. Dat hebben we de voorbije jaren meer dan eens ondervonden. Dat getouwtrek is niet alleen tijd- en energieverlies, het kost de Brusselaar ook handenvol geld, terwijl andere uitdagingen zoals lucht- of levenskwaliteit (4 op 10 Brusselaars konden vorig jaar niet sparen), armoedebestrijding, verkeersveiligheid, betaalbaar wonen, niet op zich laten wachten.Dat het Gewest en de 19 gemeenten op termijn moeten samenvallen, is dan ook gewoon een kwestie van gezond verstand. Want waarom stoppen straatvegers aan hun gemeentegrens, of worden klachten eindeloos doorgeschoven omdat de straat waarin je woont pal tussen Koekelberg en Jette ligt? Waarom moet de Brusselaar uit Ukkel vandaag minder belastingen betalen dan de Brusselaar uit Molenbeek? Waarom hangt de plaats op een wachtlijst voor een sociale woning af van het OCMW waar je woont en niet van je situatie? Waarom zorgen 6 verschillende politiezones ervoor dat misdaad en onveiligheid plots ophouden te bestaan, zodra een agent zijn eigen zone verlaat?Het is een hardnekkig misverstand dat één sterk stadsgewest ten koste zou gaan van een gevoel van nabijheid, zoals sommigen blijven opperen. De essentie van goed bestuur is dat de Brusselaar betrokken is en dat heeft niks met afstand te maken. Nabijheid is precies het resultaat van een coherent beleid in alle transparantie. Of je nu in Elsene, Vorst of Anderlecht woont, Brusselaars willen allemaal hetzelfde: zuivere lucht, vlot en veilig verkeer, of plaats in de klas voor hun kinderen. Alleen één bestuur zal een einde maken aan de huidige oneerlijkheid en onduidelijkheid, maar ook aan de talloze absurditeiten die vandaag voor frustratie zorgen. Minder bevoegde instanties en minder politici, maar meer verantwoordelijkheid om de toekomst van elke Brusselaar te verzekeren. Dat is nu over de taal- en partijgrenzen heen de opdracht voor ons politici, omdat dat de enige toekomst is voor een Brussel met ambitie.'On ne réalise que ses rêves', zei Brel altijd. Eén visie voor één stad hoeft geen droom te blijven. Meer nog, het zou meteen een opgestoken middenvinger zijn naar al diegenen die weigeren te geloven in de kracht van Brussel, welke kleur zijn inwoners ook hebben, van welke wijk ze ook afkomstig zijn, en welke taal ze ook spreken. Onze toekomst is Brussel.Pascal Smet is Brussels minister voor Mobiliteit en Openbare Werken.Els Rochette is directrice van Globe Aroma en staat op de tweede plaas van de lijst van one.brussels - SP.A bij de Brusselse verkiezingen.