De werkgroep kwam donderdag voor het eerst samen, op uitnodiging van Erika Vlieghe, de voorzitster van de GEES. De werkgroep, waar Vlieghe ook de voorzitter van is, bestaat uit een beperkt aantal Franstalige als Nederlandstalige experts, zoals ook professor gezondheidseconomie Lieven Annemans, naast enkele administraties zoals het RIZIV. De nieuwe werkgroep moet de GEES bijstaan bij vraagstukken rond geestelijke gezondheid en de psychosociale impact van de coronacrisis. "Ze vonden dat ze daarin meer ondersteuning nodig hadden", zegt Van Hoof. "Het is niet de bedoeling dat we het warm water opnieuw gaan uitvinden. We gaan gebruikmaken van de gekende expertise op het terrein, de diverse aanbevelingen die experten de voorbije weken al hebben geformuleerd. We gaan die evalueren en bekijken wat prioritair is. Vervolgens willen we ze vertalen naar concrete adviezen, op korte en middellange termijn", zegt Van Hoof. De psychologe is ook voorzitter van de werkgroep rond de psychosociale impact van coronaziekte COVID-19 binnen de Hoge Gezondheidsraad. Alvast het werk van die werkgroep zal dus als inspiratie dienen. Van Hoof zegt dat het nog te vroeg is om voorop te lopen op mogelijke aanbevelingen. "Maar ten persoonlijke titel denk ik dat communicatie het meest prangend is", zegt ze. "Die communicatie is niet altijd eenduidig, doet te veel beroep op de verantwoordelijkheidszin van de burger en houdt te weinig rekening met kwetsbare groepen. Ze moeten die communicatie zelf zien te interpreteren. Dat is niet altijd evident voor bijvoorbeeld personen die voor de coronacrisis al psychische problemen hadden of personen in complexe gezinssituaties." (Belga)

De werkgroep kwam donderdag voor het eerst samen, op uitnodiging van Erika Vlieghe, de voorzitster van de GEES. De werkgroep, waar Vlieghe ook de voorzitter van is, bestaat uit een beperkt aantal Franstalige als Nederlandstalige experts, zoals ook professor gezondheidseconomie Lieven Annemans, naast enkele administraties zoals het RIZIV. De nieuwe werkgroep moet de GEES bijstaan bij vraagstukken rond geestelijke gezondheid en de psychosociale impact van de coronacrisis. "Ze vonden dat ze daarin meer ondersteuning nodig hadden", zegt Van Hoof. "Het is niet de bedoeling dat we het warm water opnieuw gaan uitvinden. We gaan gebruikmaken van de gekende expertise op het terrein, de diverse aanbevelingen die experten de voorbije weken al hebben geformuleerd. We gaan die evalueren en bekijken wat prioritair is. Vervolgens willen we ze vertalen naar concrete adviezen, op korte en middellange termijn", zegt Van Hoof. De psychologe is ook voorzitter van de werkgroep rond de psychosociale impact van coronaziekte COVID-19 binnen de Hoge Gezondheidsraad. Alvast het werk van die werkgroep zal dus als inspiratie dienen. Van Hoof zegt dat het nog te vroeg is om voorop te lopen op mogelijke aanbevelingen. "Maar ten persoonlijke titel denk ik dat communicatie het meest prangend is", zegt ze. "Die communicatie is niet altijd eenduidig, doet te veel beroep op de verantwoordelijkheidszin van de burger en houdt te weinig rekening met kwetsbare groepen. Ze moeten die communicatie zelf zien te interpreteren. Dat is niet altijd evident voor bijvoorbeeld personen die voor de coronacrisis al psychische problemen hadden of personen in complexe gezinssituaties." (Belga)