De autoriteiten zeggen de bezorgdheid van de direct betrokken groepen en organisaties te begrijpen en garanderen een efficiënte verdeling van het beschikbare persoonlijke beschermingsmateriaal volgens de vastgelegde prioriteiten. "We blijven materiaal aankopen en de stocks verder aanvullen. Daarbij worden de noden van de zorgsector prioritair behandeld. Zolang deze noden niet vervuld zijn, wordt persoonlijk beschermingsmateriaal niet verdeeld in andere sectoren", luidt het. Als eerste in de rij bij de verdeling van het beschermingsmateriaal komen de zorgverleners van de COVID-eenheden die geen deel uitmaken van de Intensieve Zorgen, gevolgd door zorgverleners van de triagecentra en personen die zorgen voor patiënten in collectieve bewoningen die in afzondering werden geplaatst omdat ze mogelijk of zeker besmet zijn. Daarna komen de eerstelijnsverzorgers aan de beurt die bij het verzorgen van vermoedelijke of bevestigde coronapatiënten fysiek met die personen in contact komen, zoals bijvoorbeeld algemene geneesheren, thuisverplegers, hulpverleners of kinesitherapeuten. Verder op de lijst staan in die volgorde: thuisverplegers, kinesisten, vroedvrouwen, huisartsen en medewerkers van Gezinszorg, labomedewerkers die zich bezighouden met de manipulatie van respiratoire of digestieve stalen zonder laminaire stromingkap, ambulanciers in non-COVID-19-ziekenwagens, jeugdhulp en tot slot, alle gemeenschappen. De autoriteiten benadrukken dat de lijst van categorieën van personen niet exhaustief is. Ook voor de uitrol van de verhoogde testcapaciteit werd een lijst met prioritaire groepen uitgewerkt. Voorrang wordt in dit verband gegeven aan personen van wie de klinische toestand een opname in het ziekenhuis vereist en van wie de clinicus vermoedt dat er COVID-19 in het spel is. Daarna volgen alle zorgverleners die mogelijk besmet zijn en die - hetzij in ziekenhuisverband of in ambulante zorg - zorg verlenen aan personen die tot de risicogroep behoren om een zware vorm van de ziekte te ontwikkelen. Bedoeling is in deze gevallen dat het resultaat dan binnen de 24 uur geleverd wordt, om te vermijden dat een niet-besmette persoon te lang verwijderd wordt van de werkplek. Op de derde plaats komen de zorgverleners die zorg verstrekken aan een persoon uit de risicogroep om een zware vorm van de ziekte te ontwikkelen en die respiratoire symptomen vertoont en koorts heeft. Op plaats vier en vijf: patiënten die werden opgenomen in het ziekenhuis of geïnterneerd werden in een gemeenschap en die symptomen van respiratoire infectie vertonen en iedereen die nieuw binnenkomt in een collectieve structuur (rusthuis, gevangenis, pleeggezin...) en die respiratoire symptomen vertoont op het ogenblik van de registratie. Stijgt de capaciteit de komende weken, dan mogen ook alle zorgverleners die mogelijk besmet zijn erbij worden gerekend. (Belga)

De autoriteiten zeggen de bezorgdheid van de direct betrokken groepen en organisaties te begrijpen en garanderen een efficiënte verdeling van het beschikbare persoonlijke beschermingsmateriaal volgens de vastgelegde prioriteiten. "We blijven materiaal aankopen en de stocks verder aanvullen. Daarbij worden de noden van de zorgsector prioritair behandeld. Zolang deze noden niet vervuld zijn, wordt persoonlijk beschermingsmateriaal niet verdeeld in andere sectoren", luidt het. Als eerste in de rij bij de verdeling van het beschermingsmateriaal komen de zorgverleners van de COVID-eenheden die geen deel uitmaken van de Intensieve Zorgen, gevolgd door zorgverleners van de triagecentra en personen die zorgen voor patiënten in collectieve bewoningen die in afzondering werden geplaatst omdat ze mogelijk of zeker besmet zijn. Daarna komen de eerstelijnsverzorgers aan de beurt die bij het verzorgen van vermoedelijke of bevestigde coronapatiënten fysiek met die personen in contact komen, zoals bijvoorbeeld algemene geneesheren, thuisverplegers, hulpverleners of kinesitherapeuten. Verder op de lijst staan in die volgorde: thuisverplegers, kinesisten, vroedvrouwen, huisartsen en medewerkers van Gezinszorg, labomedewerkers die zich bezighouden met de manipulatie van respiratoire of digestieve stalen zonder laminaire stromingkap, ambulanciers in non-COVID-19-ziekenwagens, jeugdhulp en tot slot, alle gemeenschappen. De autoriteiten benadrukken dat de lijst van categorieën van personen niet exhaustief is. Ook voor de uitrol van de verhoogde testcapaciteit werd een lijst met prioritaire groepen uitgewerkt. Voorrang wordt in dit verband gegeven aan personen van wie de klinische toestand een opname in het ziekenhuis vereist en van wie de clinicus vermoedt dat er COVID-19 in het spel is. Daarna volgen alle zorgverleners die mogelijk besmet zijn en die - hetzij in ziekenhuisverband of in ambulante zorg - zorg verlenen aan personen die tot de risicogroep behoren om een zware vorm van de ziekte te ontwikkelen. Bedoeling is in deze gevallen dat het resultaat dan binnen de 24 uur geleverd wordt, om te vermijden dat een niet-besmette persoon te lang verwijderd wordt van de werkplek. Op de derde plaats komen de zorgverleners die zorg verstrekken aan een persoon uit de risicogroep om een zware vorm van de ziekte te ontwikkelen en die respiratoire symptomen vertoont en koorts heeft. Op plaats vier en vijf: patiënten die werden opgenomen in het ziekenhuis of geïnterneerd werden in een gemeenschap en die symptomen van respiratoire infectie vertonen en iedereen die nieuw binnenkomt in een collectieve structuur (rusthuis, gevangenis, pleeggezin...) en die respiratoire symptomen vertoont op het ogenblik van de registratie. Stijgt de capaciteit de komende weken, dan mogen ook alle zorgverleners die mogelijk besmet zijn erbij worden gerekend. (Belga)