In het Verdrag van Ottawa is voorzien dat er een einde gemaakt moet worden aan het menselijk leed en het verlies aan mensenlevens door antipersoonsmijnen. Maar de afgelopen jaren vielen er alleen maar meer slachtoffers. Handicap International heeft het over "een alarmerende toename". Die vallen in een relatief beperkt aantal landen waar hevige gewapende conflicten woeden en geïmproviseerde landmijnen nog op grote schaal worden ingezet, zoals in Afghanistan, Syrië of Mali. "De COVID-19-pandemie heeft in 2020 heel wat obstakels opgeworpen in de strijd tegen landmijnen", zegt Handicap International nu. "Naast de ontmijningsoperaties werden ook de sensibiliseringsacties - die doorgaans een fysieke aanwezigheid vereisen - en de hulpactiviteiten voor slachtoffers tijdelijk opgeschort in verscheidene landen of moesten ze worden aangepast om aan de COVID-19-maatregelen te voldoen." Dat was onder meer het geval in Armenië, Bosnië en Herzegovina, Tsjaad, Colombia, Libanon, Peru, Senegal, Vietnam en Zimbabwe. Daarom hebben Bosnië-Herzegovina, Tsjaad, Colombia en Senegal een verlenging van hun ontmijningsdeadline aangevraagd. Dat verzoek zal volgende week, op de landmijnconferentie van 16 tot 20 november, worden besproken. Handicap International roept de overheden op om hun steun voor ontmijningsactiviteiten en de hulp aan slachtoffers van mijnen voort te zetten. "Middelen die aanvankelijk naar de strijd tegen landmijnen zouden gaan, werden nu ingezet in de strijd tegen COVID-19. Miljoenen mensen, verspreid over 60 landen en gebieden, lopen nog dagelijks gevaar door landmijnen. Staten moeten hun engagement blijven nakomen om tegen 2025 alle landmijnen uit de wereld te bannen", roept de ngo op. (Belga)

In het Verdrag van Ottawa is voorzien dat er een einde gemaakt moet worden aan het menselijk leed en het verlies aan mensenlevens door antipersoonsmijnen. Maar de afgelopen jaren vielen er alleen maar meer slachtoffers. Handicap International heeft het over "een alarmerende toename". Die vallen in een relatief beperkt aantal landen waar hevige gewapende conflicten woeden en geïmproviseerde landmijnen nog op grote schaal worden ingezet, zoals in Afghanistan, Syrië of Mali. "De COVID-19-pandemie heeft in 2020 heel wat obstakels opgeworpen in de strijd tegen landmijnen", zegt Handicap International nu. "Naast de ontmijningsoperaties werden ook de sensibiliseringsacties - die doorgaans een fysieke aanwezigheid vereisen - en de hulpactiviteiten voor slachtoffers tijdelijk opgeschort in verscheidene landen of moesten ze worden aangepast om aan de COVID-19-maatregelen te voldoen." Dat was onder meer het geval in Armenië, Bosnië en Herzegovina, Tsjaad, Colombia, Libanon, Peru, Senegal, Vietnam en Zimbabwe. Daarom hebben Bosnië-Herzegovina, Tsjaad, Colombia en Senegal een verlenging van hun ontmijningsdeadline aangevraagd. Dat verzoek zal volgende week, op de landmijnconferentie van 16 tot 20 november, worden besproken. Handicap International roept de overheden op om hun steun voor ontmijningsactiviteiten en de hulp aan slachtoffers van mijnen voort te zetten. "Middelen die aanvankelijk naar de strijd tegen landmijnen zouden gaan, werden nu ingezet in de strijd tegen COVID-19. Miljoenen mensen, verspreid over 60 landen en gebieden, lopen nog dagelijks gevaar door landmijnen. Staten moeten hun engagement blijven nakomen om tegen 2025 alle landmijnen uit de wereld te bannen", roept de ngo op. (Belga)