De krimp is een gevolg van de geplande uitvoering van een regionaal mobiliteitsplan. 'Het Brussels Gewest heeft als doelstelling de parkings voor auto's in de openbare ruimte te verminderen en zal elk mogelijk initiatief nemen om de auto naar parkings buiten het straatbeeld te duwen. Die laatste moeten de best toegankelijke optie zijn', luidt het.

Ter compensatie voorziet het plan in 20.000 extra plekken voor inwoners op privé- en publieke parkings, weg van straat. Die komen boven op het huidige half miljoen. Daarvoor wordt gekeken naar beschikbare parkings van bedrijven, commerciële centra, scholen en privéterreinen die buiten de werkuren ruimte hebben. Brussel benadrukt dat het niet van plan is grote moeite te doen om een massa extra parkingplaatsen te creëren.

De Brusselse mobiliteitsplannen worden intern omschreven als een paradigmaverschuiving. 'De auto moet de baan ruimen voor openbaar vervoer in eigen bedding, fietsers en voetgangers', stelt Xavier Tackoen, de topman van Espaces Mobilités. De mentaliteitsomslag heeft grotere gevolgen voor de Vlaamse pendelaars dan voor de inwoners.

De grote toegangswegen naar Brussel, zoals die via de E40 vanuit West-Vlaanderen, worden zonder pardon versmald. De politieke boodschap is dat de inwoner voorrang heeft en de pendelaar voor het openbaar vervoer moet kiezen als hij niet in de file wil staan.