De kiescampagne werd gekenmerkt door heel wat gewelddadige incidenten, maar de stembusslag zelf verliep kalm. Meer dan 100.000 personen traden tijdens de verkiezingen aan om een functie als gouverneur, burgemeester of lokale dan wel provinciale verkozene in de wacht te slepen. Het ging om de eerste lokale verkiezingen in het land sinds toenmalig Juan Manuel Santos in 2016 een vredesakkoord sloot met de guerillabeweging Farc en zo een einde maakte aan 52 jaren van gewapend conflict. De vredesovereenkomst ten spijt kwam het toch opnieuw tot heel wat geweld in de aanloop naar de verkiezingen en de overheid slaagde er niet in om die tendens te keren. Zeven kandidaten werden gedood en tientallen anderen aangevallen of bedreigd. Critici van president Ivan Duque menen dat dit komt omdat Duque zich niet erg gewillig toont om het akkoord volledig te implementeren. Ook was er tijdens het kiesproces heel wat bezorgdheid over mogelijke fraude of corruptie bij de kandidaten. (Belga)