Tijdens het assisenproces over de euthanasie van de 38-jarige Tine Nys was Joris Van Cauter advocaat van de familie Nys. Jef Vermassen verdedigde de psychiater die positief advies gaf voor de euthanasie wegens uitzichtloos psychisch lijden. De psychiater stond in Gent samen met twee artsen terecht voor gifmoord en riskeerde levenslang. Begin dit jaar eindigde het proces met de vrijspraak van de drie artsen.
...

Tijdens het assisenproces over de euthanasie van de 38-jarige Tine Nys was Joris Van Cauter advocaat van de familie Nys. Jef Vermassen verdedigde de psychiater die positief advies gaf voor de euthanasie wegens uitzichtloos psychisch lijden. De psychiater stond in Gent samen met twee artsen terecht voor gifmoord en riskeerde levenslang. Begin dit jaar eindigde het proces met de vrijspraak van de drie artsen. Het parket legde zich neer bij dat verdict, maar de familie Nys ging tegen de vrijspraak in cassatieberoep. Het Hof van Cassatie verbrak vorige maand het arrest omdat de vrijspraak onvoldoende werd gemotiveerd en dat is een procedurefout. Er komt dus weliswaar een nieuw proces, maar alleen tegen de arts die de euthanasie heeft uitgevoerd. De vrijspraak door de assisenjury kan, na het arrest van Cassatie, niet meer worden teruggedraaid. De nieuwe zaak komt niet meer voor een assisenhof maar voor een 'gewone' rechtbank en gaat dus ook niet meer over schuld of onschuld. De vrijspraak blijft gelden voor de drie artsen. De uitvoerende arts kan alleen eventueel worden veroordeeld om de familie een schadevergoeding te betalen. Een paar maanden na de vrijspraak publiceerde professor Wim Distelmans het boek Voor zij die lijden. Daarin beantwoordt hij een rist concrete vragen die bij het brede publiek leven over euthanasie en palliatieve sedatie. Distelmans is covoorzitter van de Euthanasiecommissie, die controleert of een uitgevoerde euthanasie aan alle wettelijke voorwaarden voldeed. Distelmans werd ook als getuige gehoord op het assisenproces. Het korte voorwoord bij het boek werd door advocaat Jef Vermassen geschreven. Daarin verwijst hij naar dat 'uiterst merkwaardige' euthanasieproces en 'de onrust' die het veroorzaakte zowel bij het brede publiek als in de medische wereld. Vermassen schetst kort hoe de zaak tien jaar aansleepte vooraleer de artsen, compleet onverwachts, als 'niets ontziende moordenaars' voor assisen werden gedaagd. Hij verwijst naar de scherpe debatten tussen de advocaten en hoe het publiek in de zaal de vrijspraak op 'uitbundig applaus' onthaalde. Vermassen besluit met de hoop dat de wetgever de hiaten in de euthanasiewetgeving zal wegwerken zodat 'in de toekomst dergelijke processen kunnen worden voorkomen'. Dat voorwoord is duidelijk slecht gevallen bij de familie Nys en haar advocaat, Joris Van Cauter. Uit documenten in het bezit van Knack blijkt dat Van Cauter op 11 augustus een klacht tegen Vermassen heeft ingediend bij de stafhouder van de Orde van advocaten in Dendermonde. Hij stuurde ook een kopie van zijn dossier naar de stafhouder in Gent. De klacht is zes bladzijden lang, aangevuld met zevenentwintig bladzijden documenten en persknipsels. Van Cauter verwijt Vermassen in vaak striemende bewoordingen dat hij met zijn voorwoord de familie Nys 'schoffeert', dat hij leugens schrijft, zowel over de familie als over het verloop van het proces, en dat hij bewust dingen heeft weggelaten om de familie 'af te spiegelen als kwaadaardig'. Van Cauter verwijst naar vier artikels uit de deontologische code die Vermassen zou hebben geschonden. Hij beschuldigt Vermassen ervan via het voorwoord zijn assisenpleidooi in de media voort te zetten. 'De vrijheid van het pleidooi geldt evenwel enkel in de zittingzaal en niet wanneer men zich tot het publiek richt via de media', schrijft Van Cauter. Vermassen zou ook de regels van confraternaliteit en loyaliteit overtreden en met zijn voorwoord het privéleven van de familie schenden. Van Cauter verwijt Vermassen dat hij 'bewust een verkeerd beeld (schept) van wat op het proces werkelijk is gebeurd en (hij) onderschrijft in feite de sfeer van haat en verdachtmaking die tijdens het proces ten aanzien van mijn cliënten werd gecreëerd'. Bovendien is volgens Van Cauter de euthanasiezaak nog niet definitief afgehandeld. Daarom mocht Vermassen geen publieke commentaar geven via dat voorwoord, besluit hij. De klacht werd ingediend nog voor de uitspraak van het Hof van Cassatie. Vermassen riskeert als lichtste sanctie een 'waarschuwing' en als zwaarste definitieve 'schrapping' als advocaat. Joris Van Cauter wil bevestigen noch ontkennen dat hij een tuchtdossier heeft ingediend tegen Vermassen, maar is vooral geïnteresseerd in de bronnen van Knack. Jef Vermassen bereidt zijn antwoord op de klacht voor en wil alleen bevestigen dat er een tuchtzaak tegen hem loopt: 'Ja, het klopt dat confrater Van Cauter een klacht tegen mij heeft ingediend, maar over de grond daarvan mag ik deontologisch niets zeggen. Dat is iets tussen mij en de stafhouder.' Op de vraag of hij nu een zware sanctie vreest, begint Vermassen te lachen. 'Ik ben daar totaal niet bang voor. Ik vind het zielig dat een advocaat een klacht indient tegen een confrater. Ik ben vijftig jaar aan de balie en heb dat nog nooit gedaan, ook al zou ik het enkele keren hebben kunnen doen, maar zoiets doe je gewoon niet.' Vermassen wijst er nog op dat hij zich 'zeer voorzichtig' heeft uitgedrukt in dat voorwoord. 'De rechtszaak is afgesloten en dat voorwoord klasseer ik onder het begrip vrije meningsuiting.' Ook Walter Van Steenbrugge, advocaat van de arts die de euthanasie heeft uitgevoerd, ligt onder vuur in de nasleep van het assisenproces. Hij wordt door René Stockman, overste van de Broeders van Liefde, vervolgd voor laster en eerroof. Tijdens het euthanasieproces, maar ook in interviews nadien, suggereerde Van Steenbrugge dat Stockman geïntervenieerd zou hebben om het dossier voor assisen te brengen, terwijl het parket eerst de buitenvervolgingstelling vroeg. Het parket vindt nu dat Van Steenbrugge schuldig is aan laster en eerroof. De correctionele rechtbank velt eind deze maand haar vonnis. DeMens.nu, koepelvereniging van de vrijzinnige humanisten, startte voor het proces met een petitie ter ondersteuning van Van Steenbrugge. De petitie neemt stevig stelling rond de zaak: 'Als advocaten hun cliënt moeten gaan verdedigen met het zwaard van Damocles boven hun hoofd, dan is de weegschaal van vrouwe Justitia a priori uit balans. Het ruikt naar intimidatie wanneer men met dunne aantijgingen toch poogt dat zwaard in de lucht te hijsen. Dat hoort niet in een rechtsstaat.' Binnen de kortste keren werd een duizendtal handtekeningen verzameld, ook van bekende professoren, artsen en academici. Maar de initiatiefnemers publiceren hun petitie niet. Dat wekt bij een aantal ondertekenaars nogal wat ongenoegen. Ze spreken over 'de onzin van een geheime petitie' en over 'zelfcensuur'. In een korte reactie ontkent de woordvoerder van deMens.nu dat de petitie geheim wordt gehouden. Volgens hem wordt ze niet gepubliceerd 'om tactische en ethische redenen en omdat we de rechtsgang niet willen beïnvloeden'. In een recente mail aan de ondertekenaars schrijft voorzitter Freddy Mortier dat de petitie niet wordt verspreid tot er een 'definitieve uitspraak, inclusief argumentatie' is. Die definitieve uitspraak kan nog wel even duren als er bijvoorbeeld tegen het vonnis beroep wordt aangetekend - en eventueel nadien ook nog cassatie. In september publiceerde voorzitter Mortier zelf (samen met Distelmans) een scherp opiniestuk in De Standaard over mogelijke 'politiek-religieuze inmenging in het euthanasieproces' met als titel 'Goddelijke interventie?'.