Een paar jaar geleden noemde toenmalig minister-president Geert Bourgeois de betonstop het belangrijkste element om de klimaatdoelstellingen te halen. Aan de vooravond van een nieuwe Vlaamse regering noemt zijn partijgenoot en kersvers Vlaams parlementsvoorzitter Wilfried Vandaele de betonstop plots niet haalbaar. Een onbegrijpelijke uitspraak, want het is niet de vraag of de betonstop er komt, maar wanneer. Het antwoord? Zo snel mogelijk. En daar zijn verschillende redenen voor.

Eerder deze week zette een internationaal rapport België op plaats 23 qua hoogste risico op waterschaarste, tussen landen uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Zoomen we in op de kaart, dan zien we dat vooral Vlaanderen donkerrood kleurt. Een van de hoofdredenen is de hoge verhardingsgraad. Er zijn steeds meer periodes van droogte en als het hard regent, spoelt alle water zo weg door onze riolen en kan de grond nergens water opnemen. We zien het grondwaterpeil dan ook ieder jaar verder wegzakken. Een betonstop met bijhorende ontharding zou van onze Vlaamse grond opnieuw de levensnoodzakelijke spons maken die ze ooit was. Zoals Patrick Meire en Jan Staes van de Universiteit Antwerpen stelden, is een betere bescherming en versterking van de grondwateraanvulling heel belangrijk om droogteperiodes te overbruggen en een afschakelplan te vermijden. De N-VA zou toch moeten beseffen dat een hogere waterbeschikbaarheid ons minder afhankelijk van Wallonië maakt. Nu reeds komt een vijfde van het 'Vlaamse' drinkwater uit Wallonië.

Ook deze week toonde het IPPC (International Panel on Climate Change) heel duidelijk het verband tussen klimaatopwarming en landgebruik aan. Het klimaatpanel van de VN stelt dat de wereld veel duurzamer moet omgaan met land. We zijn geëvolueerd van een natuurlijk systeem dat CO2 opneemt tot een systeem dat CO2 uitstoot. Een derde van de oplossingen voor klimaatverandering kunnen volgens het rapport gerealiseerd worden met een beter landgebruik. Het is evident dat dit niet zal lukken met een verdere betonnering van Vlaanderen.

Met een betonstop kunnen we ook onze lintbebouwing aanpakken en meer in dorps- of stadskernen wonen. Gevolg? Minder kilometers met de auto en de mogelijkheid om het openbaar vervoer beter te organiseren. We zouden grote sprongen maken om onze klimaatdoelstellingen te halen en tegelijk zou Vlaanderen een veel prettigere plek worden om te wonen.

Beeld je even in: een Vlaanderen na de betonstop. Da's een Vlaanderen met minder overstromingen, minder droogte, meer schone lucht, meer open ruimte om van te genieten en zeker niet onbelangrijk: met een pak minder hoge rekeningen dan we nu mogen verwachten. Het VITO berekende - nota bene op vraag van de vorige Vlaamse regering - dat een goed uitgewerkte betonstop ons op termijn 16 miljard euro kan uitsparen, bijvoorbeeld voor nutsvoorzieningen, wegenwerken, of openbaar vervoer. En dat bedrag kan nog meer worden als we de betonstop versneld invoeren.

De betonstop is dus onvermijdbaar om onze klimaatdoelstellingen te halen en om Vlaanderen leefbaar te houden. Elke partij die op dit moment rond de tafel zit om een Vlaamse regering te vormen, zou dus niet mogen onderhandelen of de betonstop er komt, maar welke op welke manier en wanneer.

En daar wringt echt het schoentje. De plotse koudwatervrees van bepaalde partijen heeft niks met een gebrekkig draagvlak te maken. Dat was er in het parlement vorige legislatuur en is er ook bij de Vlamingen die hun directe omgeving gezonder en fijner zien worden. Het probleem is het financiële plaatje, want daar zullen we knopen moeten doorhakken.

Want hoe krijgen we de betonstop opgestart? Eerst en vooral moet er een plan komen voor de compensaties van mensen die 'op den buiten' een stukje bouwgrond hebben als appeltje voor de dorst. Dat plan komt er best in alle rust en niet zoals nu waarbij sommige partijen landeigenaars net bang maken met doemverhalen. Het komt erop aan een maatschappelijk aanvaardbare en betaalbare oplossing te vinden.

Over hoe we dat geld bijeen kunnen vinden, zijn al ingewikkelde technische voorstellen uitgewerkt. Het gaat onder andere over de opbrengsten van planbaten - zeg maar de meerwaarde voor gronden die een bestemmingswijziging krijgen en plots wel bouwgrond worden, een nieuwe vorm van gemeentefinanciering, de waardevermeerdering bij functiewijziging van gebouwen en zelfs een systeem van verhandelbare bouwrechten.

Dit zijn nog theoretische concepten, de oplossing zal niet eenvoudig zijn en heel wat politieke moed vragen. Maar mag het welzijn en de toekomst van Vlaanderen eindelijk even de inzet zijn van de coalitiegesprekken die lopende zijn? Mogen onze bestuurders van morgen heel even hetgeen voor Vlaanderen het beste is vooropstellen en niet het plan waarbij ze zelf het minste gezichtsverlies lijden?

Beste Wilfried Vandaele, sinds kort bent u de voorzitter van het parlement waar ik in zetel en ik ken u als een milieubewust man. Iemand die binnen de N-VA wat tegengewicht gaf tegen de Stratego-spelers en volksmenners. Net als Jan Peumans, die voor u eerste burger van Vlaanderen was, weet u maar al te goed dat de betonstop onmisbaar is voor een mooier en beter Vlaanderen. En dat weten uw partijgenoten en onderhandelingspartners als ze heel even eerlijk zijn met zichzelf, even goed. Leg de grote lijnen van de betonstop op de onderhandelingstafel en maak werk van een regering die vastberaden een goed en snel plan ontwikkelt. Waarbij noch het klimaat, noch de gezondheid van de Vlaming, of noch zijn welzijn of portefeuille verliezers zijn, maar waar iedereen wint. Kom met een goed uitgewerkte betonstop en je zal in ons een partner vinden.