Het nieuw Vlaams regeerakkoord blinkt uit in ambitie. Zo moet "Vlaanderen smaakmaker en voortrekker worden op vlak van artificiële intelligentie, moeten we onderwijs en onderzoek van internationale topkwaliteit aanbieden en schitteren als innovatieve kennisregio in Europa". De Vlaamse Regering richt haar blik naar het Noorden om een "onbetwiste referentie te worden in het Europa van het komende decennium". Ze moedigt daarom iedereen aan om "het beste van zichzelf te geven en mee te bouwen aan een Vlaanderen dat schittert".

Laat er geen twijfel over bestaan. De Vlaamse Regering vindt in jonge onderzoekers een medestander om haar ambitieus pad op gebied van kennisontwikkeling en innovatie mee te bewandelen en zelfs mee te plaveien. We vrezen echter dat we zullen moeten afhaken.

Besparingen Vlaamse regering zullen de druk op jonge onderzoekers alleen maar doen toenemen.

De voorgestelde besparingen waaronder de niet-indexering van de werkingstoelage, het niet toekennen van de kliks, het milderen van de voorgestelde groeipaden en het overslaan van de opstappen in de onderzoeksfinanciering zorgen ervoor dat de Universiteit Gent alleen al de komende vier jaar ruwweg 60 miljoen euro zal mislopen. Een gelijkaardige redenering gaat op voor de andere universiteiten.

Deze besparingen zullen zich onvermijdelijk rechtstreeks en onrechtstreeks laten voelen in de groep van jonge onderzoekers, die vaak via flexibele, tijdelijke en onzekere contracten tewerkgesteld zijn. In Vlaanderen gaat het om ongeveer 15.000 junior onderzoekers, waaronder doctorandi en postdoctorale onderzoekers. Nochtans is deze groep net één van de meest kwetsbare groepen. Ook de Vlaamse Regering is het daarmee eens. In haar regeerakkoord wijst ze erop dat het mentaal welbevinden van studenten in het hoger onderwijs, inclusief doctoraatsstudenten, onder druk staat.

Dat is nog vriendelijk verwoord. Een intussen wereldwijd gerenommeerde studie van ECOOM toonde aan dat in 2013 maar liefst 31,8% van de doctorandi in Vlaanderen een verhoogd risico liep op het hebben of ontwikkelen van mentale gezondheidsproblemen [1]. Een geactualiseerde studie in 2018 [2] toont aan dat het risico op mentale problemen gestegen is tot 35,4%. De grootste boosdoener is het gevoel van constante druk, een gevoel dat bij maar liefst 43,6% van de doctorandi leeft.

De besparingen, die de Vlaamse Regering wenst door te voeren, zullen die druk op de ketel niet wegnemen. Integendeel, de druk op jonge onderzoekers dreigt alleen maar toe te nemen. Zij dreigen de eerste slachtoffers te worden van de aangekondigde besparingsronde. Een daling in de onderzoeksmiddelen gaat steeds gepaard met een daling in het aantal jonge onderzoekers en hun mogelijkheden om door te groeien. Zij zijn namelijk niet aangesteld via contracten van onbepaalde duur, maar leven en werken vaak van contract naar contract, van de ene onderzoeksfinanciering naar de andere.

Dat is spijtig en bovendien zorgwekkend. Jonge onderzoekers willen bijdragen tot de ontwikkeling van Vlaanderen als een innovatieve regio. Ze bewijzen dat dag in dag uit met onder meer hun onderzoek naar de betekenis van sociale ongelijkheid op het leven van kinderen en hun ouders, de wijze waarop technologie kwetsbare ouderen kan ondersteunen in hun zelfredzaamheid en de impact van een gezonde levensstijl op de levensduurte.

Bovendien verzorgen deze onderzoekers praktijklessen en oefeningensessies, stellen ze samen met de verantwoordelijk lesgevers hoorcolleges op en ondersteunen ze de inhoudelijke en praktische uitwerking van dit alles. Ze geven feedback wanneer studenten moeite ervaren bij de verwerking van hun leerstof en begeleiden hen in het kader van hun bachelor- en masterproef.

Het weze bijgevolg duidelijk: jonge onderzoekers leiden de studenten van vandaag mee op tot de werknemers en werkgevers van morgen. Ze werken niet alleen aan hun eigen toekomst maar ook - en zelfs in belangrijke mate - aan die van de vele tienduizenden universiteitsstudenten die de toekomst van Vlaanderen zullen maken.

Dit alles vergt echter zuurstof, veel meer zuurstof dan de Vlaamse Regering ons nu gunt.

Jochen Devlieghere, Femke De Backere en Kristof Hoorelbeke zijn vertegenwoordigers van de jonge onderzoekers aan de UGent.

Het nieuw Vlaams regeerakkoord blinkt uit in ambitie. Zo moet "Vlaanderen smaakmaker en voortrekker worden op vlak van artificiële intelligentie, moeten we onderwijs en onderzoek van internationale topkwaliteit aanbieden en schitteren als innovatieve kennisregio in Europa". De Vlaamse Regering richt haar blik naar het Noorden om een "onbetwiste referentie te worden in het Europa van het komende decennium". Ze moedigt daarom iedereen aan om "het beste van zichzelf te geven en mee te bouwen aan een Vlaanderen dat schittert". Laat er geen twijfel over bestaan. De Vlaamse Regering vindt in jonge onderzoekers een medestander om haar ambitieus pad op gebied van kennisontwikkeling en innovatie mee te bewandelen en zelfs mee te plaveien. We vrezen echter dat we zullen moeten afhaken.De voorgestelde besparingen waaronder de niet-indexering van de werkingstoelage, het niet toekennen van de kliks, het milderen van de voorgestelde groeipaden en het overslaan van de opstappen in de onderzoeksfinanciering zorgen ervoor dat de Universiteit Gent alleen al de komende vier jaar ruwweg 60 miljoen euro zal mislopen. Een gelijkaardige redenering gaat op voor de andere universiteiten.Deze besparingen zullen zich onvermijdelijk rechtstreeks en onrechtstreeks laten voelen in de groep van jonge onderzoekers, die vaak via flexibele, tijdelijke en onzekere contracten tewerkgesteld zijn. In Vlaanderen gaat het om ongeveer 15.000 junior onderzoekers, waaronder doctorandi en postdoctorale onderzoekers. Nochtans is deze groep net één van de meest kwetsbare groepen. Ook de Vlaamse Regering is het daarmee eens. In haar regeerakkoord wijst ze erop dat het mentaal welbevinden van studenten in het hoger onderwijs, inclusief doctoraatsstudenten, onder druk staat. Dat is nog vriendelijk verwoord. Een intussen wereldwijd gerenommeerde studie van ECOOM toonde aan dat in 2013 maar liefst 31,8% van de doctorandi in Vlaanderen een verhoogd risico liep op het hebben of ontwikkelen van mentale gezondheidsproblemen [1]. Een geactualiseerde studie in 2018 [2] toont aan dat het risico op mentale problemen gestegen is tot 35,4%. De grootste boosdoener is het gevoel van constante druk, een gevoel dat bij maar liefst 43,6% van de doctorandi leeft. De besparingen, die de Vlaamse Regering wenst door te voeren, zullen die druk op de ketel niet wegnemen. Integendeel, de druk op jonge onderzoekers dreigt alleen maar toe te nemen. Zij dreigen de eerste slachtoffers te worden van de aangekondigde besparingsronde. Een daling in de onderzoeksmiddelen gaat steeds gepaard met een daling in het aantal jonge onderzoekers en hun mogelijkheden om door te groeien. Zij zijn namelijk niet aangesteld via contracten van onbepaalde duur, maar leven en werken vaak van contract naar contract, van de ene onderzoeksfinanciering naar de andere.Dat is spijtig en bovendien zorgwekkend. Jonge onderzoekers willen bijdragen tot de ontwikkeling van Vlaanderen als een innovatieve regio. Ze bewijzen dat dag in dag uit met onder meer hun onderzoek naar de betekenis van sociale ongelijkheid op het leven van kinderen en hun ouders, de wijze waarop technologie kwetsbare ouderen kan ondersteunen in hun zelfredzaamheid en de impact van een gezonde levensstijl op de levensduurte.Bovendien verzorgen deze onderzoekers praktijklessen en oefeningensessies, stellen ze samen met de verantwoordelijk lesgevers hoorcolleges op en ondersteunen ze de inhoudelijke en praktische uitwerking van dit alles. Ze geven feedback wanneer studenten moeite ervaren bij de verwerking van hun leerstof en begeleiden hen in het kader van hun bachelor- en masterproef.Het weze bijgevolg duidelijk: jonge onderzoekers leiden de studenten van vandaag mee op tot de werknemers en werkgevers van morgen. Ze werken niet alleen aan hun eigen toekomst maar ook - en zelfs in belangrijke mate - aan die van de vele tienduizenden universiteitsstudenten die de toekomst van Vlaanderen zullen maken. Dit alles vergt echter zuurstof, veel meer zuurstof dan de Vlaamse Regering ons nu gunt.Jochen Devlieghere, Femke De Backere en Kristof Hoorelbeke zijn vertegenwoordigers van de jonge onderzoekers aan de UGent.