Zaterdag raakte bekend dat de Vlaamse regering bespaart in de cultuursector. In de werkingssubsidies komt er een generieke besparing van 6 procent, met uitzonderingen voor de zeven erkende kunstinstellingen. Voor hen wordt de besparing tot 3 procent beperkt. De projectsubsidies zakken dan weer fors: met ongeveer 60 procent, van 8,47 miljoen euro dit jaar naar 3,39 miljoen euro in 2020. De voorbije dagen kwam er vanuit de Vlaamse cultuurwereld forse kritiek op die besparingen. Vandaag/donderdag zakten enkele honderden mensen uit de sector af naar het Vlaams Parlement om hun ongenoegen te uiten. In het parlement zelf verdedigde Jambon intussen zijn beleid en de geplande besparingen. Zo daalt het totale budget voor Cultuur niet. "Dit jaar gaat het om een begroting van 482,4 miljoen euro en volgend jaar om een budget van 482,6 miljoen euro", aldus Jambon. Bovendien wordt van de culturele sector niet meer of minder gevraagd dan van andere sectoren. "Jammer genoeg is de budgettaire context moeilijk. Ik zou de subsidies liever verhogen, maar de bomen groeien niet tot in de hemel", zei hij. "Ik zie niet in waarom de cultuursector niet solidair zou zijn". De Vlaamse regeringsleider toonde zich wat verbaasd over het felle protest van de voorbije dagen. "We hebben bij de voorstelling van het centenboekje al gezegd dat we zes procent besparen op alle subsidies, inclusief de cultuursector", aldus Jambon. Hij ontkent ook dat de zware knip in de projectsubsidies de ontwikkeling van creatief talent zou fnuiken, zoals critici de voorbije dagen stelden. "Zeggen dat excelleren niet meer mogelijk zal zijn, is onjuist. We zullen selectiever zijn, maar wie excelleert zal nog steeds doorgroeikansen krijgen", dixit Jambon. En als het in de toekomst budgettair mogelijk is, zullen de extra middelen in de toekomst prioritair naar die projectsubsidies gaan, beloofde de N-VA-minister nog. Jambon reikt de sector ook de hand. "Ik wil een uitnodiging richten aan de sector. Als men binnen de sector overeenkomt over een betere opdeling van de inspanningen, dan ben ik bereid om daarover in debat te gaan. Ik zal er met veel plezier en met open vizier naar kijken". Dat alternatief moet wel binnen de budgettaire afspraken passen. Het is afwachten hoe de sector zal reageren op die uitgestoken hand. Volgens Staf Pelckmans van oppositiepartij Groen probeert Jambon er op die manier een "boksmatch" van te maken. "U wil de mensen in de sector tegen elkaar opzetten. Het echte probleem is dat er wel geld is, maar dat het aan de verkeerde zaken gegeven wordt", aldus Pelckmans. Ook Katia Segers (sp.a) en Tom De Meester (PVDA) vinden dat Jambon verkeerde keuzes maakt die zware gevolgen zullen hebben voor de Vlaamse cultuurwereld. "Maar dit zal niet passeren. Wij en de actievoerders komen terug tot deze besparingen worden teruggedraaid", aldus De Meester. Opvallend is dat Jambon in de commissie vooral steun kreeg van zijn eigen partij en van Vlaams Belang. Coalitiepartners CD&V en Open Vld toonden zich dan weer duidelijk niet gelukkig met de manier waarop Jambon bespaart. Zo liet Karin Brouwers (CD&V) verstaan dat haar partij ook "geschrokken" was van de forse knip in de projectsubsidies. Stephanie D'Hose (Open Vld) ging nog een stapje verder. "Ik ben bezorgd. En ik ben er diep van overtuigd dat u een foute beoordeling heeft gemaakt", aldus D'Hose. CD&V en Open Vld zijn wél tevreden dat Jambon in dialoog wil gaan met de sector. D'Hose suggereert daarbij om de grote cultuurhuizen ook zes in plaats van drie procent te laten besparen. Op die manier kan de knip in de projectsubsidies gecompenseerd worden. Opvallend, Jambon kreeg na zijn tussenkomst vooral steun van zijn eigen partij en Vlaams Belang. (Belga)