Het hof van beroep in Antwerpen had beide vrouwen op 30 oktober nog veroordeeld tot gevangenisstraffen van vijf jaar en geldboetes van 8.000 euro, dezelfde straf als diegene die de correctionele rechtbank in maart van 2018 had uitgesproken en opnieuw had bevestigd in november van 2018. In 2013 waren ze een eerste keer naar Syrië vertrokken, waar hun echtgenoten zich hadden aangesloten bij terreurgroep Majlis Shura Al-Mujahedin. Nadat beide mannen sneuvelden, keerden de weduwen begin 2014 met hun kinderen terug naar België. Ze waren allebei ook opnieuw zwanger.

Het jihadistisch salafisme zworen ze echter niet af en ze bleven contacten onderhouden met gelijkgezinden. Nadat ze bevallen waren, keerden ze samen met hun kinderen in de zomer van 2015 terug naar Syrië. Sinds het voorjaar van 2017 zaten de twee vast in een Koerdisch kamp in Noord-Syrië. Via hun advocaat stelden ze drie kort gedingen in om te eisen dat België de vrouwen en hun kinderen zou terughalen. De eerste twee kort gedingen werden afgewezen en nog voor het derde behandeld werd, kwam het nieuws dat beide vrouwen, met hun kinderen, zich in Turkije bevonden. Wellicht hebben ze met de hulp van mensensmokkelaars de grens met Turkije overgestoken.

'Ik heb het nieuws gekregen dat ze zichzelf bij de Turkse autoriteiten hebben aangegeven. Meer details over hun toestand of over die van de kinderen heb ik voorlopig niet', zegt meester Damen. Het Belgische federaal parket zal nu aan de Turkse autoriteiten vragen om hen uit te leveren.