De Gucht realiseerde in 2005 een winst van 1,2 miljoen euro met het verkopen van aandelen van een zinkbedrijf, en het is op die transactie dat de fiscus een bedrag van 976.282,71 euro als bijkomend belastbaar inkomen aankondigde. Het Gentse hof van beroep oordeelde echter dat de fiscus ten onrechte was overgegaan tot uitbreiding van de onderzoekstermijn, omdat het bericht van 4 februari 2010 onvoldoende elementen bevatte om te laten besluiten tot het bestaan van aanwijzingen van belastingontduiking.

De Bijzondere Belastinginspectie (BBI) trok naar het Hof van Cassatie en kreeg daar gelijk. De fiscale kamer van de Gentse rechtbank van eerste aanleg gaf De Gucht en Schreurs in februari gelijk. De rechtbank vernietigde de bijkomende belastingaanslag van 976.282,71 euro, inmiddels opgelopen tot ongeveer anderhalf miljoen euro, omdat die gestoeld was op "onrechtmatige vragen" van de fiscus.

De Belgische Staat ging echter in beroep, waardoor het Gentse hof van beroep zal moeten beslissen of De Gucht en Schreurs het bedrag al dan niet moeten betalen.