De index wordt sinds 2005 jaarlijks gepubliceerd door de ngo's Germanwatch, NewClimate Institute en Climat Action Network. Er werken 400 energie- en klimaatexperten aan mee, van wie een groot deel leden van milieu-ngo's. De rangschikking, die als onafhankelijk wordt voorgesteld, analyseert het klimaatbeleid van 57 landen en de Europese Unie, die samen verantwoordelijk zijn voor meer dan 90 procent van de wereldwijde broeikasgassen. Dat gebeurt op basis van veertien criteria, onderverdeeld in vier categorieën: de uitstoot van broeikasgassen, het gebruik van hernieuwbare energie, de energie-efficiëntie en het klimaatbeleid. België scoort niet alleen slechte punten wat betreft de uitstoot van broeikasgassen maar ook voor gebruik van hernieuwbare energie, energie-efficiëntie en klimaatbeleid. Dat leidt dan ook tot een lage totaalscore. België voldoet niet aan de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs, zo klinkt het, dat de opwarming onder 2 graden moet houden en indien mogelijk zelfs onder 1,5 graad. "Vooral het feit dat België gedurende meerdere jaren de uitstoot niet heeft gereduceerd, kost ons land plaatsen in het klassement en duidt op het gebrek aan effect van het klimaatbeleid de laatste jaren", zegt Noé Lecocq, klimaatexpert bij de milieu-organisatie Inter-Environnement Wallonië. Hij pleit ervoor dat het relancebeleid post-COVID vervuilende activiteiten "structureel" zou afbouwen en "een resolute transitie" op gang zou brengen naar "een veerkrachtig en duurzaam model zonder fossiele brandstoffen". Zoals de voorgaande jaren werden de eerste drie plaatsen van het klassement niet ingevuld omdat geen enkel land volgens de auteurs van de index een voldoende ambitieus klimaatplan op tafel heeft gelegd. De vierde plaats, voor het best presterende land in het klassement, gaat opnieuw naar Zweden, dat boven het Verenigd Koninkrijk staat. Met de 40ste plaats is België een van de slechtste leerlingen van West-Europa. Duitsland staat 19de, Frankrijk 23ste en Nederland 29ste. De laatste plaatsen zijn opnieuw voor Saoedi-Arabië (60ste) en de Verenigde Staten (61ste). (Belga)

De index wordt sinds 2005 jaarlijks gepubliceerd door de ngo's Germanwatch, NewClimate Institute en Climat Action Network. Er werken 400 energie- en klimaatexperten aan mee, van wie een groot deel leden van milieu-ngo's. De rangschikking, die als onafhankelijk wordt voorgesteld, analyseert het klimaatbeleid van 57 landen en de Europese Unie, die samen verantwoordelijk zijn voor meer dan 90 procent van de wereldwijde broeikasgassen. Dat gebeurt op basis van veertien criteria, onderverdeeld in vier categorieën: de uitstoot van broeikasgassen, het gebruik van hernieuwbare energie, de energie-efficiëntie en het klimaatbeleid. België scoort niet alleen slechte punten wat betreft de uitstoot van broeikasgassen maar ook voor gebruik van hernieuwbare energie, energie-efficiëntie en klimaatbeleid. Dat leidt dan ook tot een lage totaalscore. België voldoet niet aan de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs, zo klinkt het, dat de opwarming onder 2 graden moet houden en indien mogelijk zelfs onder 1,5 graad. "Vooral het feit dat België gedurende meerdere jaren de uitstoot niet heeft gereduceerd, kost ons land plaatsen in het klassement en duidt op het gebrek aan effect van het klimaatbeleid de laatste jaren", zegt Noé Lecocq, klimaatexpert bij de milieu-organisatie Inter-Environnement Wallonië. Hij pleit ervoor dat het relancebeleid post-COVID vervuilende activiteiten "structureel" zou afbouwen en "een resolute transitie" op gang zou brengen naar "een veerkrachtig en duurzaam model zonder fossiele brandstoffen". Zoals de voorgaande jaren werden de eerste drie plaatsen van het klassement niet ingevuld omdat geen enkel land volgens de auteurs van de index een voldoende ambitieus klimaatplan op tafel heeft gelegd. De vierde plaats, voor het best presterende land in het klassement, gaat opnieuw naar Zweden, dat boven het Verenigd Koninkrijk staat. Met de 40ste plaats is België een van de slechtste leerlingen van West-Europa. Duitsland staat 19de, Frankrijk 23ste en Nederland 29ste. De laatste plaatsen zijn opnieuw voor Saoedi-Arabië (60ste) en de Verenigde Staten (61ste). (Belga)