Bij hetvallen van de bladeren maakt de Nederlandse econoom Mathijs Bouman zijn 'Lijst der lijsten' voor de Nederlandse krant Het Financieele Dagblad. Dat ging dit jaar gepaard met een teleurstelling: Nederland was niet langer het op een na 'beste land ter wereld': onze noorderburen moeten die plaats afstaan aan Zweden. Nederland strandt op een 'nog altijd nette' derde plaats, Zwitserland is ook nu weer de ongenaakbare nummer één. Bij het artikel staat altijd een tabel met de top vijftien, maar daarin is het vruchteloos zoeken naar België. Knack vroeg aan Bouman op welke plaats België dan wel prijkt. Zijn antwoord drukt ons nog maar eens met de neus op de feiten: we staan op plek 19. Negentien.
...

Bij hetvallen van de bladeren maakt de Nederlandse econoom Mathijs Bouman zijn 'Lijst der lijsten' voor de Nederlandse krant Het Financieele Dagblad. Dat ging dit jaar gepaard met een teleurstelling: Nederland was niet langer het op een na 'beste land ter wereld': onze noorderburen moeten die plaats afstaan aan Zweden. Nederland strandt op een 'nog altijd nette' derde plaats, Zwitserland is ook nu weer de ongenaakbare nummer één. Bij het artikel staat altijd een tabel met de top vijftien, maar daarin is het vruchteloos zoeken naar België. Knack vroeg aan Bouman op welke plaats België dan wel prijkt. Zijn antwoord drukt ons nog maar eens met de neus op de feiten: we staan op plek 19. Negentien. Voor zijn 'Lijst der lijsten' telt Bouman vijf bekende mondiale ranglijsten bij elkaar op. Twee kijken naar de concurrentiekracht van landen: de Global Competitiveness Index van het World Economic Forum (WEF) en de World Competitiveness Ranking van het Zwitserse International Institute for Management Development (IMD). Dit jaar bracht het WEF geen nieuwe ranglijst, zijn rapport ging helemaal over het economische herstel na corona. Maar vorig jaar stond België hier op de 22e plaats, Nederland op de vierde. We doen het zeer slecht als er gekeken wordt naar de flexibiliteit van de arbeidsmarkt en de kwaliteit van onze wegen. Er was wel een nieuwe ranglijst van het IMD. Die houdt niet alleen rekening met harde cijfers zoals werkloosheid, bruto binnenlands product en overheidsuitgaven voor gezondheid en onderwijs, maar ook met eerder 'zachte' waarden zoals cohesie, globalisering en corruptie. In deze lijst komen we uit op de 24e stek, Nederland staat opnieuw op vier. België verliest terrein tegenover andere landen als wordt gekeken in hoeverre de digitale technologieën worden toegepast door de overheid, bedrijven en de hele samenleving. Daarnaast blijken we ook steeds slechter in staat om talent te ontwikkelen, aan te trekken en te behouden. Een derde lijst die Bouman in zijn 'Lijst der lijsten' opneemt, is de Global Innovation Index van de Franse businesschool Insead. Daarin wordt zowel gekeken naar de input (bijvoorbeeld onderwijs, onderzoek en ontwikkeling) als naar de output (zoals patentaan- vragen en kennisverspreiding). In die index zijn we terug te vinden op rang 22, Nederland op 6. Hoe vaak er ook wordt op gehamerd dat innovatie belangrijk is, we maken op dat vlak onze achterstand tegenover vele andere landen nauwelijks goed: vijf jaar geleden stonden we op nummer 23. Dan is er de Human Development Index van de Verenigde Naties. Die meet de kwaliteit van de 'menselijke ontwikkeling' en heeft oog voor de levensverwachting, levensstandaard, gezondheid en onderwijs. Hier komt België uit op de 14e plaats, Nederland op 8. En natuurlijk wordt ook het World Hapiness Report van de Verenigde Naties meegenomen 'omdat het uiteindelijk om het geluk van de mens draait', aldus Bouman. In de deelnemende landen wordt via een steekproef aan de mensen gevraagd om hun geluk in het leven een cijfer van 0 tot 10 te geven. Vervolgens neemt men het driejaarse voortschrijdend gemiddelde en het land met het hoogste gemiddelde kent de hoogste happiness. Helemaal onderaan staat Afghanistan met 2,5 België staat op rang 20 met 6,8, Nederland komt op 5 met 7,5, de Finnen prijken op één met 7,8. Bouman telt alle lijsten op een eenvoudige manier samen: de plaats op een lijst geldt als strafpunt en het land met het laagste aantal strafpunten wint. En dan blijkt België op plaats 19 uit te komen, ex aequo met Frankrijk. Daarmee wint België één plek in vergelijking met vorig jaar. We steken Hongkong voorbij, volgens Bouman wellicht dankzij corona en de Chinese bemoeizucht aldaar. Maar in de 'Lijst der lijsten' worden we overduidelijk geklopt door de EU-lidstaten Zweden (2), Nederland (3), Denemarken (4), Finland (5), Duitsland (8), Ierland (12), Luxemburg (15) en Oostenrijk (16). In nagenoeg elke ranglijst presteert België slechter dan die landen. Er valt zeker wat te zeggen over de manier waarop lijstjes tot stand komen en over de relevantie ervan. Maar als een land consequent slechter scoort dan de landen waarmee het zich graag vergelijkt én als dat al jaren geval is, dan is er maar één conclusie mogelijk: België presteert ondermaats en er zit geen beterschap in.