Van de 42 onderzochte landen stond België in 2019 slechts op de 35ste plaats. Dat komt niet omdat de aanbevelingen helemaal niet worden gevolgd, maar wel omdat ze in ons land zelden volledig worden geïmplementeerd, blijkt uit het rapport van de GRECO, de Groep van Staten tegen Corruptie. Van de vijftien Greco-aanbevelingen heeft België er slechts één helemaal niet omgezet in nationale wetgeving. Het gaat om regelgeving om parlementsleden te verplichten cadeaus of andere giften openbaar te maken, net als de identiteit van de donateurs. Maar twaalf andere aanbevelingen werden slechts gedeeltelijk omgezet. Dat maakt dat slechts twee aanbevelingen wél volledig geïmplementeerd werden. "Het parlement en de regering missen de politieke bereidheid om de aanbevelingen in de praktijk om te zetten", zei Greco-voorzitter Marin Mrcela vanochtend. België is daarin niet alleen, klonk het nog. Begin dit jaar bekritiseerde de Greco ons land al voor de afwezigheid van transparantie over de verloning van federale cabinetards en het gebrek aan regels rond integriteit en deontologie voor ministers. Aan kop van het GRECO-klassement staan Finland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk. Bosnië-Herzegovina, Servië en Tsjechië doen het dan weer het slechtst op vlak van de omzetting van de aanbevelingen. In het algemeen is de situatie er vorig jaar wel licht op vooruitgegaan: eind 2019 was ongeveer 36 procent van de aanbevelingen volledig omgezet, iets meer dan het jaar daarvoor. Maar de adviezen rond regelgeving voor parlementairen hinken wel nog altijd achterop: daar is slechts iets meer dan een kwart van de aanbevelingen geïmplementeerd. De anticorruptie-adviezen voor het gerechtelijk apparaat worden dan weer het vaakst gevolgd: voor rechters gaat het om 37 procent, voor procureurs om bijna de helft. (Belga)

Van de 42 onderzochte landen stond België in 2019 slechts op de 35ste plaats. Dat komt niet omdat de aanbevelingen helemaal niet worden gevolgd, maar wel omdat ze in ons land zelden volledig worden geïmplementeerd, blijkt uit het rapport van de GRECO, de Groep van Staten tegen Corruptie. Van de vijftien Greco-aanbevelingen heeft België er slechts één helemaal niet omgezet in nationale wetgeving. Het gaat om regelgeving om parlementsleden te verplichten cadeaus of andere giften openbaar te maken, net als de identiteit van de donateurs. Maar twaalf andere aanbevelingen werden slechts gedeeltelijk omgezet. Dat maakt dat slechts twee aanbevelingen wél volledig geïmplementeerd werden. "Het parlement en de regering missen de politieke bereidheid om de aanbevelingen in de praktijk om te zetten", zei Greco-voorzitter Marin Mrcela vanochtend. België is daarin niet alleen, klonk het nog. Begin dit jaar bekritiseerde de Greco ons land al voor de afwezigheid van transparantie over de verloning van federale cabinetards en het gebrek aan regels rond integriteit en deontologie voor ministers. Aan kop van het GRECO-klassement staan Finland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk. Bosnië-Herzegovina, Servië en Tsjechië doen het dan weer het slechtst op vlak van de omzetting van de aanbevelingen. In het algemeen is de situatie er vorig jaar wel licht op vooruitgegaan: eind 2019 was ongeveer 36 procent van de aanbevelingen volledig omgezet, iets meer dan het jaar daarvoor. Maar de adviezen rond regelgeving voor parlementairen hinken wel nog altijd achterop: daar is slechts iets meer dan een kwart van de aanbevelingen geïmplementeerd. De anticorruptie-adviezen voor het gerechtelijk apparaat worden dan weer het vaakst gevolgd: voor rechters gaat het om 37 procent, voor procureurs om bijna de helft. (Belga)