Dat heeft Di Rupo woensdag in de plenaire Kamer geantwoord op vragen van Jan Jambon (N-VA), Christophe Lacroix (PS) en Karin Temmerman (sp.a). Het bewuste rapport werd maandag aan het kernkabinet voorgesteld. Dinsdag vond een eerste vergadering plaats van experten en technici van de federale kabinetten. Vrijdag volgt een "belangrijke" gelijkaardige interfederale vergadering. Intussen kregen de experten de opdracht hun werk uit te breiden naar de andere elementen die doorwegen in de concurrentiekracht van ondernemingen. Zonder definitieve conclusies te willen trekken, stelde de premier wel vast dat het verslag de eerdere analyses van de regering bevestigt. De loonsubsidies in ons land liggen hoger dan in de buurlanden. Het is nu zaak die subsidies te identificeren die een impact hebben op de competitiviteit van de ondernemingen, legde Di Rupo uit. Ook bevestigt het rapport dat er grote verschillen bestaan tussen de sectoren onderling en dat de opleidingssteun hoger ligt dan elders. Ook daar zal de regering de opleidingen preciseren die in rekening moeten worden gebracht om tot een betrouwbare vergelijking te komen. "De doelstelling moet nu zijn om samen met de gewesten, met respect voor ieders bevoegdheid, sector per sector maatregelen te identificeren om de competitiviteit en creativiteit van jobs te stimuleren", stelde de premier, die nog een oproep lanceerde. "Dit werk mag er geen zijn waarin men politiek naar links, rechts, boven of beneden schiet, maar we moeten zien hoe we per sector zo ver mogelijk kunnen gaan." In zijn repliek zei N-VA-fractieleider Jambon het met verschillende uitspraken van de premier eens te zijn, bijvoorbeeld dat sommige sectoren meer profiteren van subsidies dan andere en dat er nood is aan een sectoriële benadering. Wel gaf hij nog een sneer naar de PS, omdat de Franstalige socialisten zich aan struisvogelpolitiek zouden bezondigen. "Ik ben verontrust door de reactie van uw partij", dixit Jambon. "Negationisme is verboden in onze maatschappij. Ik hoopt dat u met die negationisten geen rekening houdt." (Belga)

Dat heeft Di Rupo woensdag in de plenaire Kamer geantwoord op vragen van Jan Jambon (N-VA), Christophe Lacroix (PS) en Karin Temmerman (sp.a). Het bewuste rapport werd maandag aan het kernkabinet voorgesteld. Dinsdag vond een eerste vergadering plaats van experten en technici van de federale kabinetten. Vrijdag volgt een "belangrijke" gelijkaardige interfederale vergadering. Intussen kregen de experten de opdracht hun werk uit te breiden naar de andere elementen die doorwegen in de concurrentiekracht van ondernemingen. Zonder definitieve conclusies te willen trekken, stelde de premier wel vast dat het verslag de eerdere analyses van de regering bevestigt. De loonsubsidies in ons land liggen hoger dan in de buurlanden. Het is nu zaak die subsidies te identificeren die een impact hebben op de competitiviteit van de ondernemingen, legde Di Rupo uit. Ook bevestigt het rapport dat er grote verschillen bestaan tussen de sectoren onderling en dat de opleidingssteun hoger ligt dan elders. Ook daar zal de regering de opleidingen preciseren die in rekening moeten worden gebracht om tot een betrouwbare vergelijking te komen. "De doelstelling moet nu zijn om samen met de gewesten, met respect voor ieders bevoegdheid, sector per sector maatregelen te identificeren om de competitiviteit en creativiteit van jobs te stimuleren", stelde de premier, die nog een oproep lanceerde. "Dit werk mag er geen zijn waarin men politiek naar links, rechts, boven of beneden schiet, maar we moeten zien hoe we per sector zo ver mogelijk kunnen gaan." In zijn repliek zei N-VA-fractieleider Jambon het met verschillende uitspraken van de premier eens te zijn, bijvoorbeeld dat sommige sectoren meer profiteren van subsidies dan andere en dat er nood is aan een sectoriële benadering. Wel gaf hij nog een sneer naar de PS, omdat de Franstalige socialisten zich aan struisvogelpolitiek zouden bezondigen. "Ik ben verontrust door de reactie van uw partij", dixit Jambon. "Negationisme is verboden in onze maatschappij. Ik hoopt dat u met die negationisten geen rekening houdt." (Belga)