Een paar weken geleden tijdens een quiz in Limburg. De organisatie heeft een 'rodedraadronde' opgesteld: tien antwoorden leiden naar een gemeenschappelijk thema. Wat verbindt de tweelingbroer van de mythologische figuur Pollux (antwoord: Castor) met de gevleugelde vrucht van de esdoorn (antwoord: samara) en het nummer Big Girl van Mika? Ha, wat een makkie. Ann Wauters, natuurlijk. Op haar 36e is Wauters een van de iconen van de Belgische sport. Het Waaslandse basketbalfenomeen begint aan haar negentiende profseizoen, een jaar onderbreking wegens zwangerschap niet te na gesproken. Haar erelijst valt niet op één pagina te persen, en heel misschien komt er de volgende weken nog iets bij. Wauters doet met de Belgian Cats - zo heet de nationale ploeg in het vrouwenbasketbal - mee aan het Europees Kampioenschap in Tsjechië. 'De Cats zijn underdogs: een jong team met weinig ervaring en niets te verliezen', vindt Wauters, die het hoofdstuk van de nationale ploeg eigenlijk al had afgesloten. 'Met drie kinderen in huis zag ik die lange zomercampagnes niet meer zitten. Gelukkig hebben ze me kunnen overtuigen om er nog één keer vol voor te gaan, want het is een fantastische groep. Ik amuseer me rot tussen al die jonge veulens.'
...

Een paar weken geleden tijdens een quiz in Limburg. De organisatie heeft een 'rodedraadronde' opgesteld: tien antwoorden leiden naar een gemeenschappelijk thema. Wat verbindt de tweelingbroer van de mythologische figuur Pollux (antwoord: Castor) met de gevleugelde vrucht van de esdoorn (antwoord: samara) en het nummer Big Girl van Mika? Ha, wat een makkie. Ann Wauters, natuurlijk. Op haar 36e is Wauters een van de iconen van de Belgische sport. Het Waaslandse basketbalfenomeen begint aan haar negentiende profseizoen, een jaar onderbreking wegens zwangerschap niet te na gesproken. Haar erelijst valt niet op één pagina te persen, en heel misschien komt er de volgende weken nog iets bij. Wauters doet met de Belgian Cats - zo heet de nationale ploeg in het vrouwenbasketbal - mee aan het Europees Kampioenschap in Tsjechië. 'De Cats zijn underdogs: een jong team met weinig ervaring en niets te verliezen', vindt Wauters, die het hoofdstuk van de nationale ploeg eigenlijk al had afgesloten. 'Met drie kinderen in huis zag ik die lange zomercampagnes niet meer zitten. Gelukkig hebben ze me kunnen overtuigen om er nog één keer vol voor te gaan, want het is een fantastische groep. Ik amuseer me rot tussen al die jonge veulens.' Ann Wauters: Klopt. Maar het is voor die sterke lichting pas het eerste grote toernooi, en naar mijn aanvoelen is dit een groep waar je het best zo weinig mogelijk druk op legt. Dromen van een medaille doen we dus niet. Dat zijn te veel stappen tegelijk. België betekende jarenlang niets als basketballand. Je moet bescheiden blijven als je van zo ver komt. De Cats zijn jong en enthousiast. Dat is een wapen, maar wie zijn hoofd er niet bij houdt, verliest. Ik ben er om rust te geven, zowel op het veld als erbuiten. Niet dat ik de kijvende bomma zal uithangen wanneer zij eens zot doen, hè. Verre van. Zet muziek op en ik ben de zotste van de hoop. Wauters: Dat slaat nergens op want Emma speelt een heel ander basketbal dan Curry, maar ze is wél een uniek talent. Emma zit bij het Russische Ekaterinburg, een Europese topclub en speelt al haar vijfde seizoen in de WNBA. Plus: op haar leeftijd, 24, moet het beste nog komen. Wauters: Toen ik 30 was, had ik nooit gedacht dat ik zeven jaar later nog zou spelen. Maar hier zijn we, ik vind het nog leuk en voel me goed, dus waarom niet? Ik bekijk het jaar per jaar, zowel fysiek als mentaal. Eigenlijk geniet ik er meer van dan vroeger, vanuit het besef: aan dit verhaal komt een einde, heel lang duurt het niet meer. Voor mijn erelijst hoef ik het niet meer te doen, ik ben heel tevreden met wat ik al gewonnen heb. Als er nog titels bijkomen, is dat mooi maar niets móét nog. (mijmerend) Toch raakt het me niet minder dan vroeger. Met mijn laatste Turkse ploeg speelde ik twee finales, die we allebei verloren. Dat zit me nog altijd hoog. We hadden kunnen winnen en we hebben het zelf uit handen gegeven. Dat blijft een verschrikkelijk gevoel dat ik moeilijk van me af kan schudden. Wauters: Wondermiddelen bestaan niet: hoe ouder je wordt, hoe meer je ervoor moet doen. Ik loop minder snel dan vroeger, raak moeilijker in vorm en heb meer tijd nodig om te recupereren. Gelukkig slaag ik er uitstekend in om die gebreken te camoufleren. (lacht) Dat is de kracht van ervaring: door slim positie te kiezen, blijf ik mijn jongere tegenstanders nét een stap voor. Ik voel wat er gaat gebeuren. En iemand verslaan die mij in principe fysiek de baas is, daar kan ik zó van genieten. Deze lente voelde ik mij voor het eerst een oude basketster. Een topsporter heeft altijd en overal pijn, maar bij mij was het nog een graad erger. Mijn hoofd wist wat ik moest doen, maar de benen konden niet volgen. Geen fijn gevoel. Als dat was blijven duren, dan had ik moeten stoppen. Wauters: Dat zit in je, maar het heeft zich ook kunnen ontwikkelen. Meteen na de middelbare school kreeg ik een contract bij de Franse topclub Valenciennes, en daar mag ik de hemel om danken. De dag na elke match deden we duurloop op de piste, weer of geen weer. Lag er sneeuw en was iedereen vermoeid? Goed, dan gingen we tóch. Ik begon dat leuk te vinden. Het idee dat je alles geeft wat er in je zit. Sinds Valenciennes is discipline een tweede natuur geworden. Na mijn carrière moet ik iets vinden waar ik mijn gedrevenheid in kwijt kan. Ik kan instappen in een player development centre in Zwevegem. De toekomst van de ploegsporten zit in een doorgedreven individualisering van de training, hoe paradoxaal dat ook mag klinken. Wie aan de top wil blijven, moet zich in het tussenseizoen atletisch en technisch bijscholen. Mijn generatie liep tijdens de zomer een beetje in het bos, en dat moest maar volstaan. Jonge spelers beseffen dat ze moeten investeren in hun lichaam. Ik zal in Zwevegem de basketters begeleiden, maar het wordt een multisportcentrum dat zich zowel op profs als op amateurs richt. Wauters: Ik draag al die plekken in mijn hart. Vorig seizoen woonden we in Los Angeles. Vlak aan Venice Beach, waar al die bodybuilders zitten. Een heel jaar lang zomer: natuurlijk word je dan elke dag wakker met een lach. Maar ik heb ook zeven lange Russische winters meegemaakt, in steden waar niets te beleven viel. Op dat moment klaag je, maar achteraf komt het besef dat je ook daarvan veel hebt opgestoken. Het gaat niet alleen om hoe mooi of inspirerend de omgeving is. Het gaat 'm om de mensen die je ontmoet. Je leert hoe zij tegen het leven aankijken. Dat maakt je wijzer, ook wanneer je van hun ideeën niets overneemt. Ik wil mijn kinderen een wereldbeeld meegeven dat niet eindigt aan de kerktoren. Dat is een extra reden om er nog een jaar bij te doen. Volgend seizoen speel ik in Istanbul. Mijn vrouw Lot en onze drie kinderen gaan mee. Wauters: Voor ons zal het meevallen, want wij zitten in een sportmilieu en dat is doorgaans toleranter. Sowieso moet je oppassen met veralgemeningen. Vergeet niet dat bijna de helft van de Turken níét op president Recep Tayyip Erdogan stemt. Het land is minder conservatief dan wij denken. Ik heb in Rusland en Zuid-Korea gespeeld, nog veel minder gay friendly dan Turkije, maar ook daar hebben we nooit problemen gehad. We verbergen ons niet, maar Lot en ik hebben niet de nood om van de daken te schreeuwen dat we een koppel zijn. Als je er op een discrete manier mee omgaat, laten ze je met rust. In een ideale wereld zou dat allemaal niet nodig zijn en doet iedereen zijn zin, maar ik kan de politiek in die landen niet veranderen. Lesbische ploeggenoten bestoken me met vragen wanneer ik in zulke landen speel. 'Dus jullie kunnen trouwen? En kinderen krijgen? Wat knap, zoiets is hier ondenkbaar.' Erg dat die meisjes zich niet kunnen uiten. Wat kan er nu verkeerd zijn aan twee mensen die elkaar graag zien? Wauters: In de goeie jaren, tussen pakweg 2000 en 2010, was dat zeker zo. Dat kwam door Sjabtaj von Kalmanovitsj, de toenmalige voorzitter van Spartak Moskou. Een maffiafiguur, een ex-spion die fortuin maakte in de diamantsector. Ik herinner me de afterparty van een All Star-game. Kalmanovitsj had Kelis, die zangeres van My milkshake brings all the boys to the yard, laten overkomen voor een spelersfeestje van hoop en al vijftig man. Decadente toestanden, je wist niet waar eerst kijken. Sloten wodka op iedere tafel. In 2009 werd Kalmanovitsj door de maffia vermoord. Rusland is nog altijd wild, maar niet meer zoals in de gouden jaren. Helemaal het tegenovergestelde daarvan was Zuid-Korea, waar ik twee zomers heb gespeeld. De spelers woonden in een soort militaire barak. Ik herinner me de eerste keer dat Lot en ik onze kamers zagen: een bureautje, een eenpersoonsbed en een kast. Spartaanser dan een studentenkot. En we sliepen apart, uiteraard. (lacht) Bij etenstijd ging er een bel af en spurtte iedereen naar de refter. Op een dag moest een jonge speelster buiten een twijgje zoeken. Ze kreeg slaag - het was me niet eens duidelijk wat dat meisje had misdaan. Het was een vrouwelijke coach, tussen haakjes. Een andere keer moest een speelster minutenlang op haar knieën zitten met de armen omhoog. Ze trilde van de pijn. Op dat moment denk je: waar ben ik beland? Uiteindelijk heb ik zelfs aan Zuid-Korea goede herinneringen overgehouden. Ik heb die cultuur van binnenuit beleefd, en dat verrijkt je. Wauters: Een heel toffe periode, gegroeid uit wat eigenlijk een lastige tijd was. Ik was bijna dertig en had net mijn zesde jaar Rusland achter de rug. Basketbal was sleur geworden. Het vuur brandde niet meer. Ik dacht: dit zit fout. Sport mag nooit werk worden. Het idee kwam om een break in te lassen. Mijn vrouw probeerde al enkele jaren zwanger te worden. Dat lukte maar niet, en dat begon te wegen. Lot zei: 'Waarom probeer jij het niets eens?' Ik wilde graag ooit een kind dragen, maar ik dacht niet dat ik zo snel zwanger zou worden en al zeker niet dat het bij Lot óók raak zou zijn. Eerst flitst er door je hoofd: dit is een ramp! (lacht) Wat als een van ons tweeën een tweeling krijgt? Hoe zullen we dat allemaal bolwerken? Het is allemaal in orde gekomen, maar als ik er nu op terugkijk ... Wauters: Atleten zijn egoïsten. Ze moeten dat ook zijn. Onderschat ons leven niet: je staat onder druk, je moet presteren en wordt voortdurend beoordeeld. Eén misstap en een ander pikt je plaats in. Zonder opofferingen kom je er niet. Ik miste doopfeesten, vrienden trouwden zonder dat ik erbij was. Ik hoop dat ik er voor mijn familie en mijn dichtste vrienden toch op een andere manier ben geweest, en dat ze beseffen dat ik het anders had gewild. Dat ik niet wegbleef uit onverschilligheid. Door mama te worden, is er veel veranderd. Van dan af kon sport niet meer het allerbelangrijkste zijn. Dat nam druk weg en heeft mij geholpen er meer van te genieten. Na een rotmatch voel ik mij nog altijd verschrikkelijk, maar als je thuiskomt, begint er een ander leven. Dat evenwicht heb je nodig. Wauters: Dat is geen gemakkelijk verhaal, want er vechten zoveel sporten om aandacht. Ik denk dat wij een knaller nodig hebben. Eén overdonderende prestatie, dan zullen de media ons ontdekken en zullen meer jonge meisjes voor basketbal kiezen. Wauters: Precies. Ze wonnen een olympische medaille, en sindsdien kent iedereen die sport. Eigenlijk zou het ons beter uitkomen als het andersom kon. Met een beetje meer enthousiasme bij de pers kan er een momentum ontstaan, en zullen de mooie uitslagen wel volgen. Ik vrees dat wij ook een superresultaat nodig hebben, net als de hockeyers. Wauters: Zie je wel, geen druk. Alleen de toekomst van onze sport hangt ervan af. (lacht) We zitten in een poule met Montenegro, Rusland en Letland. De Russen zijn een grootmacht in het vrouwenbasketbal en zijn in principe voor ons te hoog gegrepen. Tegen die andere twee zal het moeten gebeuren. Montenegro is een opkomend basketballand met heel felle, nationalistisch ingestelde speelsters. Ik ken ze een beetje, een ploeggenoot van mij is Montenegrijnse en zij kijkt al het hele jaar uit naar het EK. Letland lijkt misschien het zwakke broertje van de poule, maar daar winnen de Belgian Cats zeker niet zomaar van. Alle Baltische staten hebben een basketbaltraditie die België nog altijd mist. De top zes mag naar het Wereldkampioenschap. Dat lukte België nog nooit. Natuurlijk dromen we daarvan. Elk toernooi kent verrassingen. Wel, laat de Belgian Cats dan de verrassing van dit EK worden. Wauters: Een puber wil zijn zoals de rest. Vooral niet opvallen en er niet bovenuit steken. Als je zo groot bent als ik, heeft iedereen je gezien wanneer je binnenkomt. Dat vormt je toch, onvermijdelijk: je begint je te verstoppen, je laat je schouders hangen om er kleiner uit te zien dan je bent. Toen ik begon te basketten, ging er een wereld voor mij open: ah, er bestaan jongens die nog groter zijn dan ik - de aandacht voor de meisjes kwam pas later. (lacht) Het basket gaf mij zelfvertrouwen. Het heeft me mezelf doen aanvaarden, zelfs blij te zijn met wie ik ben. Meer heeft een mens niet nodig om gelukkig te zijn.