Het is een bekend en al langer aanslepend probleem. Sommige jongeren met een zware of complexe problematiek (bv. jongeren met een verstandelijke handicap en/of psychiatrische en/of gedragsstoornissen) en die niet thuis wonen, hebben moeite om de juiste hulp en ondersteuning te vinden. Ze verhuizen van voorziening naar voorziening en krijgen het gevoel dat ze van het kastje naar de muur worden gestuurd. Dat leidt dan vaak tot crisissituaties. Om die groep jongeren met een zware en complexe rugzak beter te helpen, is sinds midden september in drie Vlaamse regio's een pilootproject gestart. Het gaat om Trawant (regio Mechelen-Lier), Westhoek - Midden West-Vlaanderen - Houtland en Polder - Westkust & Polder - RITS (West-Vlaanderen) en Plantrekkers (Limburg). Het pilootproject werkt met een nieuwe aanpak. Bedoeling is dat alle betrokken diensten, gaande van de organisaties uit de jeugdhulp en de voorzieningen voor personen met een handicap tot de geestelijke gezondheidszorg, nauw en intensief samenwerken en dat er komaf wordt gemaakt met administratieve drempels. De jongeren zelf worden opgevangen op een vaste en stabiele plek. Daarmee zou dus een einde moeten komen aan de doorverwijzingen en mogelijke problemen met het al of niet hebben van het juiste 'toegangsticket' voor een bepaalde hulpvorm. Eind 2023 moet duidelijk worden of de nieuwe aanpak werkt en of hij ook elders in Vlaanderen kan toegepast worden. Volgens minister Beke wordt in de nieuwe aanpak het kind echt centraal geplaatst. "Te vaak zoeken we voor kinderen een nieuwe plek waar we menen hen betere begeleiding of gepastere zorg te kunnen bieden. Nu draaien we die gedachtegang om en zetten we in op een stabiele omgeving waar we expertise van organisaties aan elkaar knopen om jongeren binnen die vaste context verder te helpen", aldus Beke. Voorts laat Beke ook weten dat de Vlaamse woonzorgcentra in principe in de week van 4 oktober starten met het toedienen van de derde coronaprik bij hun bewoners. Wanneer het vaccinatiecentrum nog vaccins ter beschikking heeft, is het niet uitgesloten dat er plaatselijk al vroeger gestart wordt. (Belga)

Het is een bekend en al langer aanslepend probleem. Sommige jongeren met een zware of complexe problematiek (bv. jongeren met een verstandelijke handicap en/of psychiatrische en/of gedragsstoornissen) en die niet thuis wonen, hebben moeite om de juiste hulp en ondersteuning te vinden. Ze verhuizen van voorziening naar voorziening en krijgen het gevoel dat ze van het kastje naar de muur worden gestuurd. Dat leidt dan vaak tot crisissituaties. Om die groep jongeren met een zware en complexe rugzak beter te helpen, is sinds midden september in drie Vlaamse regio's een pilootproject gestart. Het gaat om Trawant (regio Mechelen-Lier), Westhoek - Midden West-Vlaanderen - Houtland en Polder - Westkust & Polder - RITS (West-Vlaanderen) en Plantrekkers (Limburg). Het pilootproject werkt met een nieuwe aanpak. Bedoeling is dat alle betrokken diensten, gaande van de organisaties uit de jeugdhulp en de voorzieningen voor personen met een handicap tot de geestelijke gezondheidszorg, nauw en intensief samenwerken en dat er komaf wordt gemaakt met administratieve drempels. De jongeren zelf worden opgevangen op een vaste en stabiele plek. Daarmee zou dus een einde moeten komen aan de doorverwijzingen en mogelijke problemen met het al of niet hebben van het juiste 'toegangsticket' voor een bepaalde hulpvorm. Eind 2023 moet duidelijk worden of de nieuwe aanpak werkt en of hij ook elders in Vlaanderen kan toegepast worden. Volgens minister Beke wordt in de nieuwe aanpak het kind echt centraal geplaatst. "Te vaak zoeken we voor kinderen een nieuwe plek waar we menen hen betere begeleiding of gepastere zorg te kunnen bieden. Nu draaien we die gedachtegang om en zetten we in op een stabiele omgeving waar we expertise van organisaties aan elkaar knopen om jongeren binnen die vaste context verder te helpen", aldus Beke. Voorts laat Beke ook weten dat de Vlaamse woonzorgcentra in principe in de week van 4 oktober starten met het toedienen van de derde coronaprik bij hun bewoners. Wanneer het vaccinatiecentrum nog vaccins ter beschikking heeft, is het niet uitgesloten dat er plaatselijk al vroeger gestart wordt. (Belga)