Om de regeringsonderhandelingen te kunnen aanvatten is het al weken wachten op actuele cijfers over de budgettaire toestand van ons land. Die waren tot nu toe niet voorhanden omdat in de nasleep van de val van de regering in december 2018 de begroting voor 2019 niet gestemd raakte en er ook geen begrotingscontrole werd gehouden. Het monitoringcomité, een team van hoge ambtenaren, heeft nu een update gemaakt. Daaruit blijkt dat het structurele tekort vandaag op 1,5 procent van het bbp staat, ofwel 7,2 miljard. Tegenover het structurele resultaat van 2018 (1 procent) is dat een ontsporing van 2,4 miljard. Maar bij de opmaak van de begroting van 2019 mikte de regering-Michel nog op een tekort van 0,7 procent. Dat wil dus zeggen dat de budgettaire toestand tegenover de doelstelling 0,8 procent bbp verslechterd is ofwel 3,8 miljard euro. De ontsporing is voor 2 miljard het gevolg van lagere fiscale inkomsten, wat dan weer het gevolg is van de afgenomen economische groei. De rest van de ontsporing zit in de toegenomen sociale uitgaven. Volgens minister van Financiën Alexander De Croo (Open Vld) is de ontsporing vooral het gevolg van de politieke impasse sinds de val van de regering-Michel. "Ik heb toen gezegd dat de val ons 2 miljard zou kosten. Dat is dus nog een onderschatting gebleken. Hadden we een gestemde begroting gehad en een controle kunnen uitvoeren, hadden we hier vroegtijdig kunnen op ingrijpen. Maar dat heeft de N-VA dus onmogelijk gemaakt door de begroting niet mee te stemmen." (Belga)