Een arbitrale uitspraak is in principe niet voor beroep vatbaar, maar het gerechtelijk wetboek voorziet in specifieke gevallen wel nog een ultiem reddingsmiddel. Beerschot wendt die vordering tot vernietiging nu aan, voornamelijk op basis van een gebrek aan motivering van het arbitragehof wat de gedeeltelijke beslissing van afgelopen woensdag betreft. Het BAS besliste vorige week dat KV Mechelen en Waasland-Beveren niet kunnen degraderen, omdat de bondsactie in het kader van mogelijke matchfixing op het einde van seizoen 2017-2018 te laat is ingesteld. Het arbitragecollege sprak zich nog niet uit over de grond van de zaak, maar liet in een tussentijds vonnis al wel weten dat de degradatie onmogelijk opgelegd kan worden. Andere straffen zijn wel nog mogelijk. Nog in die tussentijdse beslissing oordeelde het BAS dat AFC Tubeke, Sporting Lokeren en Beerschot geen belang meer hebben in de procedure, omdat hun tussenkomst gekoppeld zou zijn aan de degradatie van Mechelen en/of Waasland-Beveren. "Totaal ten onrechte, want er zijn nog andere sancties die volstrekt hetzelfde resultaat kunnen hebben, zoals de schrapping of de opgelegde inactiviteit van de eerste ploeg. Voor Beerschot hebben die straffen hetzelfde resultaat, namelijk dat we in 1A zitten. Dat we geen belang meer hebben, is dus fundamenteel onjuist", aldus meester Gillis. "Trouwens, elk sportclub heeft hier een direct belang bij. Het gaat hier om de integriteit van de voetbalsport in België en het raakt de kern van de sport in het algemeen." Eerder diende Beerschot bij hoogdringendheid een eenzijdig verzoekschrift in bij dezelfde rechtbank om de rechten van de Ratten te vrijwaren. De Antwerpse club kreeg gelijk: de reeksen 1A en 1B mogen niet samengesteld worden zolang er geen finale beslissing is van het BAS. De Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB) en de Pro League kondigden alvast derdenverzet aan tegen die beschikking van de Brusselse rechter. (Belga)