Dat enkele CEO's in de Verenigde Staten persoonlijk beslissen wie nog toegang heeft tot hun platform is een ongezonde situatie en helpt de democratie niet vooruit. Het zijn immers diezelfde platformen die de afgelopen jaren geen echte verantwoordelijkheid hebben opgenomen voor alle leugens, haatberichten en samenzweringstheorieën. Het definitief bannen van Trump is dan ook niet meer dan een wel erg selectieve, cosmetische ingreep. Dit moment moeten we aangrijpen om het debat over deze platformen grondig te voeren: hun monopolie en hun gebrek aan verantwoordelijkheidszin heeft mee onze maatschappij verdeeld. Tijd dus voor een echt debat over de toekomst van de sociale media.

Bannen van Trump door Facebook en Twitter is niet meer dan een selectieve, cosmetische ingreep.

Het is ongezien: een zittend Amerikaans president krijgt een definitief verbod om nog actief te zijn op de sociale media. In de laatste dagen van het Trump-presidentschap keren de platformen die grotendeels aan de basis liggen van zijn succes, de president de rug toe. Nu de macht van Trump tanende is, zetten sommige CEO's van deze internetgiganten dit vandaag maar al te graag in de markt als een nobele daad. Dat smaakt wel bijzonder wrang.

De sociale mediabedrijven hebben de afgelopen jaren een centrale rol in ons leven bekomen. Uit de cijfers van het jaarlijkse Digimeter-onderzoek in Vlaanderen geeft 78% van alle Vlamingen aan actief te zijn op Facebook. Bij de 16 tot 24-jarigen is dat zelfs 90%. Sociale media zijn alomtegenwoordig en we zijn er ook steeds meer afhankelijk van. Denk maar aan de manier waarop u zelf nog aan uw nieuws komt of hoe we tijdens de lockdown online aankopen en adverteren. Ze vallen simpelweg niet meer te omzeilen. Wil ik dat deze open brief door zoveel mogelijk mensen wordt gelezen dan ben ik, jawel, afhankelijk van het aantal shares en lezers op sociale media.

Deze impact op ons leven heeft de belangrijke internetspelers in een bijzonder comfortabele positie gebracht. Deze bedrijven zijn moeilijk bereikbaar, verschuilen zich vaak achter ingewikkelde procedures of wijzen te vaak elke vorm van verantwoordelijkheid af. Dat werd de afgelopen jaren ook pijnlijk duidelijk. De voorbeelden zijn talrijk: nepnieuws dat maar al te snel viraal ging, verborgen groepen die aanzetten tot haat, racisme of discriminatie, onze data die worden misbruikt om ons te beïnvloeden, anonieme fake accounts die dagelijks via doelgerichte aanvallen het leven van sommige mensen letterlijk kapot maken. Wat ooit opgezet werd als een manier om sterker met elkaar in contact te staan is in geen tijd uitgegroeid tot een krachtig wapen dat maar al te veel wordt ingezet voor economisch gewin of om verdeeldheid en onwaarheden te verspreiden.

Hoewel de schandalen van de afgelopen jaren de druk op de sociale media heeft vergroot om hun verantwoordelijkheid te nemen (ook bedrijven zoals Facebook zien meer en meer in dat het zo niet verder kan), is er van een echte kentering geen sprake. Dat hoeft niet te verwonderen: het conflict is de brandstof van sociale media. Het genereert de nodige trafiek en daar is het hen om te doen: zolang mogelijk onze aandacht vasthouden want deze trafiek genereert op zijn beurt opnieuw reclame-inkomsten.

De verbanning van Trump op sociale media mag dan wel een grote symbolische daad lijken, het is slechts cosmetica. Mocht het de internetgiganten echt menens zijn dan zouden ze consequent moeten handelen en niet enkel Trump bannen, maar éénieder die oproept tot geweld, haat en discriminerende taal hanteert. Een blik op uw tijdlijn op sociale media zal u leren dat dit vandaag niet het geval is. Bovendien versterkt het weren van politici zoals Trump complotdenkers enkel maar in hun grote gelijk.

Een ander groot gevaar van sociale media is dat iedereen in bubbels blijft steken waar we elkaar versterken en we elkaar naar de mond praten waardoor er geen ruimte meer is voor dialoog. Een democratie staat of valt met de mogelijkheid tot het 'georganiseerde' meningsverschil. Ik pas voor een democratie waarbij een handjevol CEO's in Amerika op basis van algoritmes beslist welke opinie ik wel of niet te zien krijg. Fake news en leugens: het is jammer genoeg van alle tijden. Onze capaciteit om dit soort van uitspraken van antwoord te dienen, is de kracht van een open democratie. Dat is niet de makkelijkste weg. Het veronderstelt dat je ook met diegenen waar je het niet mee eens bent het debat aangaat.

Het veronderstelt ook sterke journalistiek: journalisten en denkers die de juiste vragen blijven stellen. Die, gewapend met technologie, fake news kunnen doorprikken en er feiten tegenover kunnen plaatsen. Maar hoeveel informatie er ook voorhanden is: uiteindelijk moet ieder voor zichzelf uitmaken wat 'waar' is. Mediawijsheid is daarbij heel belangrijk en moet een centrale rol krijgen in ons onderwijs en in de maatschappij.

Stilaan wordt duidelijk dat we op een kantelpunt staan. Veel te lang zijn we blindelings meegestapt in het verhaal van internetbedrijven. Veel te lang hebben we, vaak zonder het te beseffen, hun platformen gevoed met onze data en informatie. We hebben hen mee gemaakt tot wat ze vandaag zijn geworden. De impact ervan is niet te overzien. Die machtspositie van die grote bedrijven moet worden aangepakt. Een dergelijk monopolie op ons leven kunnen we niet langer tolereren. Moeten we het zomaar blijven accepteren dat een kind eender welke politieke propaganda of geweld te zien krijgt op TikTok of Snapchat?

Het wordt tijd dat de sociale mediabedrijven transparanter worden, en de regels en wetten die in een democratie gelden ook bij hen gaan toepassen. Zelfregulering volstaat daarbij niet, daarvoor hebben ze genoeg kansen gehad. Beleidsmakers zullen zowel in Europa als in Amerika strenger moeten zijn. Met de nieuwe Digital Services Act geeft Europa alvast een goede voorzet. Maar dat volstaat niet. Ook nationale regeringen en parlementen moeten hun huiswerk maken en kijken welke initiatieven ze bijkomend kunnen nemen. De wet geldt overal, ook op sociale media moet de wetgeving inzake anti-discriminatie, haatspraak en racisme worden nageleefd. Verschillende landen nemen hier vandaag al actie.

Laat ons daarbij vooral niet naïef zijn: de bedrijven zullen er alles aan doen om hun machtspositie te bewaren. De bestorming van het Capitool is een pijnlijk voorbeeld van waartoe haatspraak en fake news kan aanzetten. Het antwoord hierop is niet het definitief uitsluiten van personen, wel meer écht debat en échte dialoog. Gebaseerd op feiten en cijfers. We zullen daarvoor de sociale mediabedrijven moeten verplichten om zichzelf heruit te vinden.

Dat enkele CEO's in de Verenigde Staten persoonlijk beslissen wie nog toegang heeft tot hun platform is een ongezonde situatie en helpt de democratie niet vooruit. Het zijn immers diezelfde platformen die de afgelopen jaren geen echte verantwoordelijkheid hebben opgenomen voor alle leugens, haatberichten en samenzweringstheorieën. Het definitief bannen van Trump is dan ook niet meer dan een wel erg selectieve, cosmetische ingreep. Dit moment moeten we aangrijpen om het debat over deze platformen grondig te voeren: hun monopolie en hun gebrek aan verantwoordelijkheidszin heeft mee onze maatschappij verdeeld. Tijd dus voor een echt debat over de toekomst van de sociale media.Het is ongezien: een zittend Amerikaans president krijgt een definitief verbod om nog actief te zijn op de sociale media. In de laatste dagen van het Trump-presidentschap keren de platformen die grotendeels aan de basis liggen van zijn succes, de president de rug toe. Nu de macht van Trump tanende is, zetten sommige CEO's van deze internetgiganten dit vandaag maar al te graag in de markt als een nobele daad. Dat smaakt wel bijzonder wrang. De sociale mediabedrijven hebben de afgelopen jaren een centrale rol in ons leven bekomen. Uit de cijfers van het jaarlijkse Digimeter-onderzoek in Vlaanderen geeft 78% van alle Vlamingen aan actief te zijn op Facebook. Bij de 16 tot 24-jarigen is dat zelfs 90%. Sociale media zijn alomtegenwoordig en we zijn er ook steeds meer afhankelijk van. Denk maar aan de manier waarop u zelf nog aan uw nieuws komt of hoe we tijdens de lockdown online aankopen en adverteren. Ze vallen simpelweg niet meer te omzeilen. Wil ik dat deze open brief door zoveel mogelijk mensen wordt gelezen dan ben ik, jawel, afhankelijk van het aantal shares en lezers op sociale media.Deze impact op ons leven heeft de belangrijke internetspelers in een bijzonder comfortabele positie gebracht. Deze bedrijven zijn moeilijk bereikbaar, verschuilen zich vaak achter ingewikkelde procedures of wijzen te vaak elke vorm van verantwoordelijkheid af. Dat werd de afgelopen jaren ook pijnlijk duidelijk. De voorbeelden zijn talrijk: nepnieuws dat maar al te snel viraal ging, verborgen groepen die aanzetten tot haat, racisme of discriminatie, onze data die worden misbruikt om ons te beïnvloeden, anonieme fake accounts die dagelijks via doelgerichte aanvallen het leven van sommige mensen letterlijk kapot maken. Wat ooit opgezet werd als een manier om sterker met elkaar in contact te staan is in geen tijd uitgegroeid tot een krachtig wapen dat maar al te veel wordt ingezet voor economisch gewin of om verdeeldheid en onwaarheden te verspreiden. Hoewel de schandalen van de afgelopen jaren de druk op de sociale media heeft vergroot om hun verantwoordelijkheid te nemen (ook bedrijven zoals Facebook zien meer en meer in dat het zo niet verder kan), is er van een echte kentering geen sprake. Dat hoeft niet te verwonderen: het conflict is de brandstof van sociale media. Het genereert de nodige trafiek en daar is het hen om te doen: zolang mogelijk onze aandacht vasthouden want deze trafiek genereert op zijn beurt opnieuw reclame-inkomsten.De verbanning van Trump op sociale media mag dan wel een grote symbolische daad lijken, het is slechts cosmetica. Mocht het de internetgiganten echt menens zijn dan zouden ze consequent moeten handelen en niet enkel Trump bannen, maar éénieder die oproept tot geweld, haat en discriminerende taal hanteert. Een blik op uw tijdlijn op sociale media zal u leren dat dit vandaag niet het geval is. Bovendien versterkt het weren van politici zoals Trump complotdenkers enkel maar in hun grote gelijk.Een ander groot gevaar van sociale media is dat iedereen in bubbels blijft steken waar we elkaar versterken en we elkaar naar de mond praten waardoor er geen ruimte meer is voor dialoog. Een democratie staat of valt met de mogelijkheid tot het 'georganiseerde' meningsverschil. Ik pas voor een democratie waarbij een handjevol CEO's in Amerika op basis van algoritmes beslist welke opinie ik wel of niet te zien krijg. Fake news en leugens: het is jammer genoeg van alle tijden. Onze capaciteit om dit soort van uitspraken van antwoord te dienen, is de kracht van een open democratie. Dat is niet de makkelijkste weg. Het veronderstelt dat je ook met diegenen waar je het niet mee eens bent het debat aangaat. Het veronderstelt ook sterke journalistiek: journalisten en denkers die de juiste vragen blijven stellen. Die, gewapend met technologie, fake news kunnen doorprikken en er feiten tegenover kunnen plaatsen. Maar hoeveel informatie er ook voorhanden is: uiteindelijk moet ieder voor zichzelf uitmaken wat 'waar' is. Mediawijsheid is daarbij heel belangrijk en moet een centrale rol krijgen in ons onderwijs en in de maatschappij. Stilaan wordt duidelijk dat we op een kantelpunt staan. Veel te lang zijn we blindelings meegestapt in het verhaal van internetbedrijven. Veel te lang hebben we, vaak zonder het te beseffen, hun platformen gevoed met onze data en informatie. We hebben hen mee gemaakt tot wat ze vandaag zijn geworden. De impact ervan is niet te overzien. Die machtspositie van die grote bedrijven moet worden aangepakt. Een dergelijk monopolie op ons leven kunnen we niet langer tolereren. Moeten we het zomaar blijven accepteren dat een kind eender welke politieke propaganda of geweld te zien krijgt op TikTok of Snapchat? Het wordt tijd dat de sociale mediabedrijven transparanter worden, en de regels en wetten die in een democratie gelden ook bij hen gaan toepassen. Zelfregulering volstaat daarbij niet, daarvoor hebben ze genoeg kansen gehad. Beleidsmakers zullen zowel in Europa als in Amerika strenger moeten zijn. Met de nieuwe Digital Services Act geeft Europa alvast een goede voorzet. Maar dat volstaat niet. Ook nationale regeringen en parlementen moeten hun huiswerk maken en kijken welke initiatieven ze bijkomend kunnen nemen. De wet geldt overal, ook op sociale media moet de wetgeving inzake anti-discriminatie, haatspraak en racisme worden nageleefd. Verschillende landen nemen hier vandaag al actie. Laat ons daarbij vooral niet naïef zijn: de bedrijven zullen er alles aan doen om hun machtspositie te bewaren. De bestorming van het Capitool is een pijnlijk voorbeeld van waartoe haatspraak en fake news kan aanzetten. Het antwoord hierop is niet het definitief uitsluiten van personen, wel meer écht debat en échte dialoog. Gebaseerd op feiten en cijfers. We zullen daarvoor de sociale mediabedrijven moeten verplichten om zichzelf heruit te vinden.