De zon koos voor andere oorden dan de Provence vandaag, niet lang na de start kregen de renners al meteen regen over zich heen en dat zou de hele dag voor miserie zorgen. Het belette niet dat vijf dapperen zich waagden aan een avontuur. Eduard Manuel Grosu, Baptiste Bleier, Samuel Leroux, Filippo Conca en Jérôme Cousin schoven mee in de vroege vlucht, maar veel bonus, maximaal 3:30, kregen ze nooit van het peloton waar Deceuninck-Quick Step controleerde. De etappe werd af en toe opgeschrikt door een valpartij door de gladde wegen en toen het peloton wel heel dicht kwam besloot Conca om vooraan te versnellen op de Col de la Mort d'Imbert. Hij rondde de top met 45 seconden voorsprong op zijn vroegere metgezellen, het peloton volgde op twee minuten. De Italiaan wachtte niet en trok door, maar achter hem ontbond Deceuninck-Quick Step zijn duivels op een vlakker deel en werd het peloton in stukken gebroken. Het bleek uiteindelijk een maat voor niks, bijna alle groepjes kwamen weer bij elkaar, maar intussen was de voorsprong van Conca wel naar 1:10 geslonken met nog 22 km op de teller en op 16 van het einde kwam een eind aan zijn verhaal. In het slot waagde onze landgenoot Florian Vermeersch zijn kans, hij kreeg Matteo Jorgensen met zich mee, maar ook zij zouden opgeraapt worden. De slotheuvel zou beslissen over de dagzege en dus bracht elk team zijn kopmannen in stelling en ging het tempo de hoogte in. Enkele sprinters vielen er daardoor vantussen. Op 1,2 km van het einde kwam Vlasov ten val op en maakte daardoor ook Alaphilippe kennis met het asfalt. Het was ploegmaat Ballerini die wat later aan het langste eind trok. Hij zette de sprint van ver aan en hield stand, goed voor zijn tweede zege op rij. (Belga)

De zon koos voor andere oorden dan de Provence vandaag, niet lang na de start kregen de renners al meteen regen over zich heen en dat zou de hele dag voor miserie zorgen. Het belette niet dat vijf dapperen zich waagden aan een avontuur. Eduard Manuel Grosu, Baptiste Bleier, Samuel Leroux, Filippo Conca en Jérôme Cousin schoven mee in de vroege vlucht, maar veel bonus, maximaal 3:30, kregen ze nooit van het peloton waar Deceuninck-Quick Step controleerde. De etappe werd af en toe opgeschrikt door een valpartij door de gladde wegen en toen het peloton wel heel dicht kwam besloot Conca om vooraan te versnellen op de Col de la Mort d'Imbert. Hij rondde de top met 45 seconden voorsprong op zijn vroegere metgezellen, het peloton volgde op twee minuten. De Italiaan wachtte niet en trok door, maar achter hem ontbond Deceuninck-Quick Step zijn duivels op een vlakker deel en werd het peloton in stukken gebroken. Het bleek uiteindelijk een maat voor niks, bijna alle groepjes kwamen weer bij elkaar, maar intussen was de voorsprong van Conca wel naar 1:10 geslonken met nog 22 km op de teller en op 16 van het einde kwam een eind aan zijn verhaal. In het slot waagde onze landgenoot Florian Vermeersch zijn kans, hij kreeg Matteo Jorgensen met zich mee, maar ook zij zouden opgeraapt worden. De slotheuvel zou beslissen over de dagzege en dus bracht elk team zijn kopmannen in stelling en ging het tempo de hoogte in. Enkele sprinters vielen er daardoor vantussen. Op 1,2 km van het einde kwam Vlasov ten val op en maakte daardoor ook Alaphilippe kennis met het asfalt. Het was ploegmaat Ballerini die wat later aan het langste eind trok. Hij zette de sprint van ver aan en hield stand, goed voor zijn tweede zege op rij. (Belga)