Als kind overleefde Konrad de holocaust. Hij verloor een groot deel van zijn familie aan de genocide van de nazi's op de Joodse gemeenschap. Hij studeerde in Boedapest literatuur, sociologie en psychologie. Hij werkte als een kinderwelzijnsmedewerker en stadssocioloog. Met zijn literaire werk kwam hij in oppositie te staan met het communistische regime. Dat resulteerde in een reis- en publicatieverbod. Via beurzen geraakte Konrad toch in West-Berlijn en de VS . In 2001 kreeg hij vanwege zijn diensten voor de Europese eenwording de Karel de Grote-prijs in Aken. Hij debuteerde met de roman "De Bezoeker" (1969), andere boeken van hem waren "Tuinfeest" (1989), "Nalatenschap" (1998), "Geluk" (2001) en "Het verdriet van de hanen" (2005) (Belga)