Dat meldt Artsenkrant.

In de actuele gezondheidscrisis is de focus gericht op de bestrijding van het corona-virus. Alle niet-dringende klinische activiteiten werden afgebouwd. Bedden, ruimte en personeel zijn voorbehouden voor dringende zaken. Dat laat zich voelen. Stagemeesters reageren door te besparen. Daarbij komen de arts-specialisten in opleiding (ASO's) in het vizier. Hen op technische werkloosheid zetten, reduceert de kosten. Waarbij de ziekenhuisdiensten wel uit het oog verliezen dat assistenten ondersteuning bieden bij de behandeling van Covid-19-patiënten.

Sui generis-statuut

De Vlaamse Vereniging voor arts-specialisten in opleiding (Vaso) vraagt dringend een oplossing. Want doordat assistenten werken onder een 'sui generis' statuut hebben ze in de praktijk geen recht op een werkloosheidsvergoeding. VASO is 'ontzet' en roept decanen, hoofdartsen, stagebegeleiders en het beleid op de artsen in opleiding te beschermen en hen te verzekeren van een loon.

Andermaal, zo stelt de vereniging is hiermee de ontoereikendheid aangetoond van het sociaal statuut en de wettelijke bepalingen rond de arbeidsvoorwaarden van specialisten in opleiding.

Onaanvaardbaar

De Vaso-aanklacht valt niet op een koude steen. De rectoren en decanen geneeskunde van de universiteiten van Leuven, Antwerpen, Gent en Brussel reageerden snel. Ze vinden de situatie onaanvaardbaar.

'Assistenten die uit de boot vallen vormen ongetwijfeld een beperkte groep. Samen met de huisartsen in opleiding vormen ze wel een onmisbare schakel in de bestrijding van de Covid-19-pandemie én in de zorg voor patiënten met andere aandoeningen.'

In overeenstemming met de overheidsrichtlijnen zijn de activiteiten van ASO's en Haio's nu wel enigszins anders georiënteerd, stellen ze. Maar de overheid maakte geld vrij om de gezondheidszorg door de crisis te loodsen. Het spreekt voor rectoren en decanen dan ook vanzelf dat artsen in opleiding -die vaak in de frontlinie staan- hiervan moeten kunnen genieten.

'Er is geen enkele reden om onze jonge collega's in de financiële onzekerheid te duwen. Het zou bijzonder oncollegiaal zijn en getuigen van een gebrek aan empathie en opleidingsgerichtheid,' stellen de universiteiten. 'Vanuit de universitaire coördinatie kunnen we niet aanvaarden dat deze collega's de facto zonder inkomen worden gezet', besluiten ze.

Dat meldt Artsenkrant.In de actuele gezondheidscrisis is de focus gericht op de bestrijding van het corona-virus. Alle niet-dringende klinische activiteiten werden afgebouwd. Bedden, ruimte en personeel zijn voorbehouden voor dringende zaken. Dat laat zich voelen. Stagemeesters reageren door te besparen. Daarbij komen de arts-specialisten in opleiding (ASO's) in het vizier. Hen op technische werkloosheid zetten, reduceert de kosten. Waarbij de ziekenhuisdiensten wel uit het oog verliezen dat assistenten ondersteuning bieden bij de behandeling van Covid-19-patiënten.De Vlaamse Vereniging voor arts-specialisten in opleiding (Vaso) vraagt dringend een oplossing. Want doordat assistenten werken onder een 'sui generis' statuut hebben ze in de praktijk geen recht op een werkloosheidsvergoeding. VASO is 'ontzet' en roept decanen, hoofdartsen, stagebegeleiders en het beleid op de artsen in opleiding te beschermen en hen te verzekeren van een loon.Andermaal, zo stelt de vereniging is hiermee de ontoereikendheid aangetoond van het sociaal statuut en de wettelijke bepalingen rond de arbeidsvoorwaarden van specialisten in opleiding.De Vaso-aanklacht valt niet op een koude steen. De rectoren en decanen geneeskunde van de universiteiten van Leuven, Antwerpen, Gent en Brussel reageerden snel. Ze vinden de situatie onaanvaardbaar.'Assistenten die uit de boot vallen vormen ongetwijfeld een beperkte groep. Samen met de huisartsen in opleiding vormen ze wel een onmisbare schakel in de bestrijding van de Covid-19-pandemie én in de zorg voor patiënten met andere aandoeningen.' In overeenstemming met de overheidsrichtlijnen zijn de activiteiten van ASO's en Haio's nu wel enigszins anders georiënteerd, stellen ze. Maar de overheid maakte geld vrij om de gezondheidszorg door de crisis te loodsen. Het spreekt voor rectoren en decanen dan ook vanzelf dat artsen in opleiding -die vaak in de frontlinie staan- hiervan moeten kunnen genieten. 'Er is geen enkele reden om onze jonge collega's in de financiële onzekerheid te duwen. Het zou bijzonder oncollegiaal zijn en getuigen van een gebrek aan empathie en opleidingsgerichtheid,' stellen de universiteiten. 'Vanuit de universitaire coördinatie kunnen we niet aanvaarden dat deze collega's de facto zonder inkomen worden gezet', besluiten ze.