Toen ik twaalf was, ging ik de trap op, richting zolder. En daar stond hij: een contrabas. Ik kende hem, hij was van mijn tante geweest. Jaren eerder had ik hem al eens geprobeerd - het leek alsof mijn viool gegroeid was -, maar mijn armpjes waren toen te klein. Dit keer lukte het.'
...