Wat mogen we verwachten?
...

Wat mogen we verwachten? Anne-Laure Vandeputte: We spelen een verhaal over een zus, een broer en hun zieke moeder. Terwijl moeder boven in bed ligt, trachten de kinderen hun weg in het leven te vinden en vat te krijgen op hun omgeving. De zus probeert carrière te maken als documentairemaakster, de broer hangt rond in het ouderlijk huis en trekt zich terug in zijn fantasiewereld. Op de verjaardag van hun moeder komen ze samen en trachten ze elkaars botsende wereldbeelden te begrijpen. De wereld door de ogen van millennials, dus? Vandeputte: Welja, Kenneth en ik zijn nu eenmaal millennials: we behoren tot de generatie die geboren is tussen 1980 en 2000. In ons stuk willen we niet per se de stem van dé millennial vertolken - die bestaat niet -, maar het 'millennial-zijn' was wel ons vertrekpunt. Op de repetitietafel lagen boeken over onze generatie, en Yuval Noah Harari's boek Homo Deus, waarin hij de toekomst van de mens en de planeet inschat. Die toekomst is twijfelachtig. Dat brengt me bij het enige wat ik over millennials kan zeggen: wij twijfelen. Toen ik zeven jaar was, boorden twee vliegtuigen zich in de WTC-torens in New York. Toen ik een puber was, dreigden de banken failliet te gaan. Ik weet niet beter dan dat de wereld brandt. Als er geen zekerheden zijn, waarop val je dan het best terug: op jezelf, of toch op de wereld? Vanuit die vraag groeide ons stuk. Acteert u om de wereldbrand te helpen blussen? Vandeputte: Totaal niet! Is dat een taak van de kunstenaar? Ik heb alvast niet de pretentie om met theater de brandende wereld te blussen. Nog altijd sjiek ik op de vraag waarom ik theatermaker werd. Misschien omdat ik mensen graag in een bubbel trek waarin ze even ontslagen worden van de realiteit en ruimte krijgen om die realiteit te evalueren? Daarom heb ik het makerplatform Wandaat opgericht. 'Wandaat' combineert 'wandaad' met 'mandaat' - een flauw woordspelletje, maar het woord drukt mijn overtuiging uit dat je als kunstenaar een mandaat krijgt om te klooien en verrassende wandaden te plegen. (lacht)In Millennialism wilden we het aanvankelijk ook over de wereldproblematiek hebben maar dat bleek een frustrerend plan. Waar moet je wel en niet op focussen? Dus lieten we dat varen en verzonnen we een familiale ramp die het leven van de personages overhoop haalt. Néé, ik verklap niet welke. Kom kijken, dan zie je de ramp boven het podium bengelen. Het decor en de hele situatie mag je als een symbool voor de wankele wereld zien. Maar ons stuk is géén opgestoken middelvinger of pamflet. Ik geloof niet in makers die vanaf het toneel hun middelvinger opsteken naar de samenleving. Waarin gelooft u wel? Vandeputte: In de verbeelding. Dat klinkt pathetisch, en toch is het zo. Mijn ouders zien met lede ogen aan hoe ik amper concrete toekomstplannen maak. Waarom zou ik? De kans bestaat dat een crisis of natuurramp alles wegvaagt. De vorige generaties klampten zich vast aan zekerheden zoals een vast contract en een pensioen. Mijn generatie heeft als enige zekerheid de verbeelding. In Millennialism gebruiken Kenneth en ik die verbeelding om onze twijfels te tonen. Als publiek mag je daar alles van vinden, maar kom alsjeblief zonder verwachtingen. Dit is ons allereerste stuk.