Het jaar 2019 is alvast goed begonnen. In schril contrast met de goede voornemens waarmee traditioneel het nieuwe jaar wordt aangevat, lijken velen dit jaar net het tegenovergestelde gedaan te hebben: er wordt tegen een recordtempo nieuws de wereld ingestuurd dat los staat van enige feitelijke realiteit. Leugens dus.

Als liegen het nieuwe normaal wordt, is het tijd voor een officiële factcheck-organisatie.

Zo zal de passage van Dries Van Langenhove in 'Terzake' nog lange tijd in ons geheugen gegrift staan: hij bleef staalhard ontkennen een filmpje van de fascist Oswald Mosley verspreid te hebben, ook al kon men hem het visuele tegenbewijs voorleggen. Nog recenter daverde ons land op zijn grondvesten door de zogenaamde informatie van de Staatsveiligheid waaruit zou blijken dat de klimaatbetogingen een opgezet spel waren om (toenmalig) minister Schauvliege het leven zuur te maken.

Het zonder verpinken poneren van leugens lijkt een volgende stap te zijn in de tendens naar steeds meer 'fake news' - een fenomeen waar de Staatsveiligheid wél van wakker ligt. Zo gaf onze geheime dienst op 5 februari aan alle politieke partijen een briefing om hen te waarschuwen voor de mogelijke verspreiding van foutieve informatie door onder meer Rusland en China bij de komende verkiezingen. Hoog tijd dan ook om de oprichting van een Belgische factfinding-organisatie te bepleiten die deze escalatie van leugens een halt kan toeroepen.

Gevaar voor onze democratie

De tendens om sneller leugens te verkopen is bijzonder verontrustend, zeker omdat ons traditioneel democratisch model en onze conceptualisering van de mensenrechten erdoor in het gedrang komen. Ons recht op vrije meningsuiting wordt gegarandeerd door artikel 19 van de Grondwet en artikel 10 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, maar het is gebaseerd op de premisse dat een pluraliteit aan meningen het maatschappelijk debat aanwakkert en verrijkt.

Als er vandaag steeds meer leugens de wereld worden ingestuurd, dan brengt dat net het tegenovergestelde teweeg. Ze zorgen ervoor dat het maatschappelijk debat volkomen verstomt en dat mensen niet meer met elkaar maar volkomen naast elkaar discussiëren. Zo verwordt een discussie tot een soort van loopgravenoorlog waarbij elkeen vasthoudt aan zijn eigen niet getoetste cijfers en beweringen. Tel daarbij dan nog eens de filterbubbels - complexe algoritmes die ervoor zorgen dat wat we online lezen selectief bepaald wordt op basis van wat eerder over ons werd verzameld - en de toekomst van ons democratisch model oogt meteen nog wat precairder.

Zeker wanneer men zich tevreden lijkt te stellen met het leven in een soort van verzuiling waarbij de achterban enkel nog informatie betrekt bij mediakanalen die louter bevestigen wat door de zuil in kwestie wordt gepropageerd. Wanneer het uitzonderlijk toch tot een confrontatie komt, worden de andersluidende mediakanalen meteen volkomen gediscrediteerd. Breitbart News is hiervan een berucht voorbeeld maar ook in België sijpelt deze cultuur door.

Betrouwbare toets van belangrijke informatie

Een dergelijke evolutie is even schrijnend als verontrustend: is het niet zo dat zowel een betrouwbare toets van belangrijke informatie als een positieve interactie tussen uiteenlopende (en vaak tegengestelde) ideeën de ideale basis vormen om onze democratische samenleving te beschermen? Leugens staan dit in de weg. Vandaar dat, aangezien de 'checks and balances' steeds minder komen van de betrokken actoren, het tijd lijkt te zijn voor een extern en objectief controleorgaan - een Factchecking-organisatie - die meteen natrekt of de feiten die in het maatschappelijke debat worden aangebracht, overeenstemmen met de werkelijkheid.

Factchecking biedt een uitstekende bescherming om de vrije meningsuiting te garanderen.

Uit buitenlandse studies blijkt dat dergelijke externe monitoring-initiatieven politici aanzetten tot het waarheidsgetrouwer weergeven van feiten en op die manier dus ook tot het voeren van een realistischer en effectiever debat. Zo bevestigde een studie die in 2014 werd gepubliceerd in de American Journal of Political Science dat politici die wisten dat hun betoog feitelijk nagekeken werd, minder neigden naar leugens. Uit een andere Amerikaanse studie, uit 2017, bleek dat kiezers liever stemmen op politici die niet door factcheckers op leugens betrapt werden.

Zo biedt factchecking een uitstekende bescherming om de vrije meningsuiting te garanderen. Zoals de voormalige Amerikaanse senator Daniel Patrick Moynihan het ooit bondig samenvatte: 'Iedereen heeft recht op zijn eigen mening maar niet op zijn eigen feiten.' Niet dat het verkeerdelijk presenteren van feiten nu plots strafrechtelijk gesanctioneerd moet worden maar wel dat personen die feiten foutief voorstellen hier meteen mee geconfronteerd moeten worden. Op die manier kan het maatschappelijk debat onmiddellijk worden aangezwengeld en op het scherp van de snee worden gevoerd.

Ook in België is het tijd om de feiten na te trekken

Internationaal gezien bestaan er al heel wat initiatieven rond factchecking - in Frankrijk heeft men bijvoorbeeld 'Les Décodeurs'van de krant Le Monde, in Nederland het project 'Nieuwscheckers', een initiatief van de Universiteit Leiden. Er bestaat ondertussen zelfs een "International Fact Checking Network" (IFCN) dat, onder meer, lokale factchecking-initiatieven doorlicht en hen een kwaliteitslabel toekent.

Wie checkt de factchecker?

In België staan we op dit vlak nog in de kinderschoenen. Zo wordt geen enkele Belgische monitoring instantie erkend door het IFCN. Er zijn wel een aantal mooie initiatieven - bijvoorbeeld de Instagram-accounts Instanational Law en Whatthefactbelgiumwaar maatschappelijke discussies op hun feitelijke waarachtigheid worden getoetst. Dergelijke initiatieven zijn bewonderenswaardig maar vaak te weinig structureel.

Een structurele oplossing waarbij een echte Factchecking-organisatie zou worden opgericht die de meest gelezen of trending publicaties bijna onmiddellijk zou onderzoeken op hun waarheidsgetrouwheid om dan meteen, als een toevoegsel aan de publicatie of via een rating, de feitelijke juistheid van de informatie mee te geven, zou op dit vlak dan ook bijzonder wenselijk zijn. Het maatschappelijk debat zou meteen naar een hoger niveau worden gestuwd. Zo zouden politici en andere publieke figuren zich meer verplicht voelen om eerst hun huiswerk grondig te doen vooraleer zware maar ongefundeerde uitspraken los te laten op het grote publiek.

Aangezien in oktober 2018 door vicepremier Alexander De Croo werd aangekondigd dat, vanaf dit jaar, een budget van 1,5 miljoen euro wordt uitgetrokken voor projecten om fake news in België te bestrijden, lijkt het nu ook financieel mogelijk om met een dergelijke organisatie van start te gaan. Uiteraard zal dan streng moeten gewaakt worden over haar onpartijdigheid en objectiviteit.

Een eerste maar essentiële vraag zal dan alvast zijn: wie checkt de factchecker?

Johan Heymans is een advocaat gespecialiseerd in mensenrechten en strafrecht. Hij is vennoot bij het advocatenkantoor Van Steenbrugge Advocaten en lid van de jongerendenktank de Vrijdaggroep.