Hoe vaker ik door Vlaamse steden drentel, hoe vaker ik me afvraag: waar is de multiculturele samenleving toch gebleven? U weet wel, de samenleving die volgens de optimisten tot één groot Dranouterfestival - kleurrijk, divers en eigenzinnig - zou evolueren en volgens de pessimisten op een botsing tussen oude en nieuwe Vlamingen moest uitdraaien. Ik zie eigenlijk niet zoveel van dat multiculturele Vlaanderen. De Vlaamse samenleving lijkt me vooral postcultureel geworden, een consumentenpretpark met een laagje beschaving dat almaar dunner wordt.
...

Hoe vaker ik door Vlaamse steden drentel, hoe vaker ik me afvraag: waar is de multiculturele samenleving toch gebleven? U weet wel, de samenleving die volgens de optimisten tot één groot Dranouterfestival - kleurrijk, divers en eigenzinnig - zou evolueren en volgens de pessimisten op een botsing tussen oude en nieuwe Vlamingen moest uitdraaien. Ik zie eigenlijk niet zoveel van dat multiculturele Vlaanderen. De Vlaamse samenleving lijkt me vooral postcultureel geworden, een consumentenpretpark met een laagje beschaving dat almaar dunner wordt. Voor veel Vlamingen is de multiculturele samenleving natuurlijk synoniem met de groeiende islamgemeenschap. Na de aanslagen in Brussel hoeft dat niet te verbazen. Maar voor zover ik de literatuur heb kunnen verkennen, blijken de meeste jonge moslims steeds minder verknocht aan hoofddoek en moskee. Ze vullen het leven met dezelfde dingen als de 'oude Vlamingen': een Mini Cooper als statussymbool voor de beginnende professional, kartonnen bekertjes van Starbucks, zakjes van Primark, Gilmore Girls op Netflix, Despacito op de iPhone en Dirt Rally op de PlayStation. Wat is er storender vandaag: de culturele veelzijdigheid van onze samenleving, of haar culturele verval? De vraag is wat tendentieus, zeker, maar de essentie blijft overeind: waarom maken we ons druk om een vermeende aanval op onze cultuur, als we zelf niet de minste moeite opbrengen om onze cultuur te versterken en heruit te vinden? Sommigen zullen misschien tegenwerpen dat de cultuur niet verzwakt is maar dat er iets nieuws voor in de plaats komt, zoals whatsapp en games, tegenwoordig ook bekend als 'the art of play'. Sms-taal is ook een vorm van poëzie, stellen sommigen. Staat u mij toe er een andere mening op na te houden. Het mag voor sommigen hooghartig en conservatief klinken, maar cultuur is wel degelijk wat anders dan whatsapp en spelletjes. Cultuur is vooral, zoals de klassieken dat verwoordden, het cultiveren van de ziel, het ontwikkelen van de zintuigen, en door die sensitiviteit te streven naar een volwaardig leven, een leven waarin we niet noodzakelijk steeds meer willen hebben, maar de dingen diepgaander beleven. Cultuur is het vermogen om evenveel schoonheid te herkennen in de geuren van een bos, in de glimlach van een kind of in de kleur van een stem als in de grootsheid van een kathedraal. Cultuur is vooral een houding, het streven naar het volle velen.Die houding dienen we te ontwikkelen en dat doen we in onze rijke samenleving te weinig. Het klassieke opvoedingsideaal bestond erin de sensitiviteit te koppelen aan vaardigheid en kracht: de krijgsheer moest ook een beetje filosoof zijn, de magnaat een beetje poëet, de vakman een beetje kunstenaar. Ruimte voor meditatie, filosofie, taal, esthetiek, kunst en verwondering is er in onze scholen, op de populaire televisiekanalen en in de opvoeding nog nauwelijks. Hoeft het dan te verbazen dat onze cultuurparticipatie afneemt? Dat mensen minder boeken lezen, minder algemene kennis hebben, minder naar concerten en theater gaan, minder taalvaardig zijn en minder de natuur opzoeken? Als de Vlaamse cultuur al bedreigd wordt, is het van binnenuit. De postculturele samenleving lijdt aan oppervlakkig materialisme en verval. Ik kan het moeilijk anders uitdrukken. Ze heeft haar zelfrespect verloren. En zonder zelfrespect hoef je ook niet te rekenen op het respect van anderen. Welvaart zonder cultuur leidt tot decadentie. We schreeuwen het uit, iedere kerstperiode opnieuw, ons verlangen naar menselijkheid, naar warmte en fijngevoeligheid, naar cultuur, naar Bach, Beethoven en Pergolesi, maar we blijven het toch makkelijker vinden om ons als consumptieslaven te laten meevoeren door de waan van de dag. Opnieuw: cultuur gaat vooral om een houding, het vermogen om schoonheid te herkennen, ook in kleine dingen. We hoeven heus niet allemaal wekelijks naar de vergulde zalen van de cultuurtempel. Cultuur hoeft ook niet duur te zijn. De meeste schoonheid rondom ons is gratis, als je ze tenminste wilt zien. Maar we moeten ze in stand houden, want als je van iets wilt blijven genieten, moet je er ook aan bijdragen. Als je respect wilt voor je cultuur, dan moet je ze in stand houden en iedere dag opnieuw een beetje heruitvinden.