De wereldkampioen won in de Tirreno-Adriatico een etappe, zijn tweede zege, na de Brabantse Pijl vorig seizoen, in de regenboogtrui en is tevreden over zijn vormpeil. "Het was een zware Tirreno-Adriatico, maar ik ben blij hoe het er gelopen is", vertelde hij in een onlinepersmoment, "ik won er een rit en nu was het de voorbije dagen zaak om te herstellen. Nu kijk ik uit naar de La Primavera." Eerste, tweede, derde. Alaphilippe bezette reeds alle schavotjes van het podium, alleen in 2018 viel hij er naast met een 35ste plaats. "Ik weet eigenlijk niet goed waarom deze wedstrijd me zo goed ligt", zegt hij, "in 2017 stond ik hier voor het eerst aan de start. Ik had geen flauw idee wat ik moest verwachten, want je weet niet hoe je lichaam gaat reageren na 300 km. Op zich is de Poggio geen lastige beklimming, maar met al die wedstrijdkilometers in de benen is hij toch niet zo gemakkelijk en dan kan ik als puncher er het verschil maken." Of het een voordeel is dat hij al vaak de finale reed en de slotfase uit zijn broekzak kent? "Om eerlijk te zijn, ik heb de Poggio nu al zo vaak naar beneden gereden, maar ik weet eigenlijk niet hoe die afdaling precies verloopt. Telkens ik er ben, daal ik a bloc naar beneden en koers ik in het rood. Dus ik kan me niet veel voorstellen van die afdaling, kan me er geen voordeel mee doen, enkel bij de eerste twee bochten kan ik me iets voorstellen, de rest is een vraagteken." De Grote Drie zijn morgen de topfavorieten. Zelf schat Alaphilippe Wout van Aert en Mathieu van der Poel hoger in dan hem en verschuift hij de rol van topfavoriet. "Ik ben favoriet ja, maar zij zijn met hun tweeën de topfavoriet. Ik heb de benen, de vorm om te wegen op de koers, maar zijn de topfavoriet." Tactisch wou de Fransman niet in zijn kaarten laten kijken. "De tactiek bespreken we vrijdag met de ploeg. Ons grote voordeel is dat we met Sam Bennett en Davide Ballerini nog twee troeven kunnen uitspelen. Sam reed een sterke Parijs-Nice met twee ritzeges, Ballerini bewees in de Omloop dat hij na een zware koers nog snelle benen heeft. Onze kracht in de breedte is onze grote troef. Wij nemen als ploeg onze verantwoordelijkheid, maar gaan onze koers niet afstemmen op een ander team." (Belga)

De wereldkampioen won in de Tirreno-Adriatico een etappe, zijn tweede zege, na de Brabantse Pijl vorig seizoen, in de regenboogtrui en is tevreden over zijn vormpeil. "Het was een zware Tirreno-Adriatico, maar ik ben blij hoe het er gelopen is", vertelde hij in een onlinepersmoment, "ik won er een rit en nu was het de voorbije dagen zaak om te herstellen. Nu kijk ik uit naar de La Primavera." Eerste, tweede, derde. Alaphilippe bezette reeds alle schavotjes van het podium, alleen in 2018 viel hij er naast met een 35ste plaats. "Ik weet eigenlijk niet goed waarom deze wedstrijd me zo goed ligt", zegt hij, "in 2017 stond ik hier voor het eerst aan de start. Ik had geen flauw idee wat ik moest verwachten, want je weet niet hoe je lichaam gaat reageren na 300 km. Op zich is de Poggio geen lastige beklimming, maar met al die wedstrijdkilometers in de benen is hij toch niet zo gemakkelijk en dan kan ik als puncher er het verschil maken." Of het een voordeel is dat hij al vaak de finale reed en de slotfase uit zijn broekzak kent? "Om eerlijk te zijn, ik heb de Poggio nu al zo vaak naar beneden gereden, maar ik weet eigenlijk niet hoe die afdaling precies verloopt. Telkens ik er ben, daal ik a bloc naar beneden en koers ik in het rood. Dus ik kan me niet veel voorstellen van die afdaling, kan me er geen voordeel mee doen, enkel bij de eerste twee bochten kan ik me iets voorstellen, de rest is een vraagteken." De Grote Drie zijn morgen de topfavorieten. Zelf schat Alaphilippe Wout van Aert en Mathieu van der Poel hoger in dan hem en verschuift hij de rol van topfavoriet. "Ik ben favoriet ja, maar zij zijn met hun tweeën de topfavoriet. Ik heb de benen, de vorm om te wegen op de koers, maar zijn de topfavoriet." Tactisch wou de Fransman niet in zijn kaarten laten kijken. "De tactiek bespreken we vrijdag met de ploeg. Ons grote voordeel is dat we met Sam Bennett en Davide Ballerini nog twee troeven kunnen uitspelen. Sam reed een sterke Parijs-Nice met twee ritzeges, Ballerini bewees in de Omloop dat hij na een zware koers nog snelle benen heeft. Onze kracht in de breedte is onze grote troef. Wij nemen als ploeg onze verantwoordelijkheid, maar gaan onze koers niet afstemmen op een ander team." (Belga)