Voor wat de sociale zekerheid betreft, is er volgens ABVV-voorzitter Thierry Bodson sprake van "een echte breuk met de afgelopen vijf jaar". Binnen de gezondheidszorg is voorzien in een groeinorm van 2,5 procent, terwijl die tijdens de vorige regering werd verlaagd van 3 tot 1,5 procent. Ook over de duurzaamheid van de evenwichtsdotatie (waarbij de overheid de tekorten in de sociale zekerheid bijpast, red.) is de voorzitter positief, al blijft hij wel waakzaam. "De financiering van de sociale zekerheid is hyperbelangrijk voor ons. Maar de financiering blijft vaag, we gaan zeer aandachtig de begrotingsdetails bekijken en hoe men nieuwe inkomsten vindt", waarschuwt hij. Bodson formuleerde ook kritiek op het regeerakkoord. Zo betreurt hij dat twee ministers voor institutionele hervormingen bevoegd worden voor de zoektocht naar een meer homogene verdeling van de bevoegdheidspakketten in de gezondheidszorg. Voor wat het pensioendossier betreft, betreurt de socalistische vakbondsvoorzitter dat de wettelijke pensioenleeftijd niet opnieuw op 65 jaar werd gelegd. "Dat was enorm belangrijk voor ons. De kwestie van de zware beroepen is hieraan gelinkt en komt in het akkoord niet aan bod", aldus Bodson. Hij is ook "erg teleurgesteld" over het feit dat het minimumpensioen tegen 2024 1.580 euro bruto zal bedragen - en dus niet netto. Het arbeidsmarktbeleid kan evenmin op goedkeuring rekening. "Het ordewoord is hier flexibiliteit, flexibiliteit en nog meer flexibiliteit. Dat gaat in tegen onze eisen en die van de werknemers", klinkt het. Globaal vindt Bodson dat er van een echte politieke ommezwaai geen sprake is. "De verhoopte koerswijziging is er niet gekomen, ook geen fiscale hervorming die inzet op andere inkomsten dan die op arbeid. Wij zijn één van de weinige landen in de wereld waar vermogenswinst niet wordt belast". (Belga)

Voor wat de sociale zekerheid betreft, is er volgens ABVV-voorzitter Thierry Bodson sprake van "een echte breuk met de afgelopen vijf jaar". Binnen de gezondheidszorg is voorzien in een groeinorm van 2,5 procent, terwijl die tijdens de vorige regering werd verlaagd van 3 tot 1,5 procent. Ook over de duurzaamheid van de evenwichtsdotatie (waarbij de overheid de tekorten in de sociale zekerheid bijpast, red.) is de voorzitter positief, al blijft hij wel waakzaam. "De financiering van de sociale zekerheid is hyperbelangrijk voor ons. Maar de financiering blijft vaag, we gaan zeer aandachtig de begrotingsdetails bekijken en hoe men nieuwe inkomsten vindt", waarschuwt hij. Bodson formuleerde ook kritiek op het regeerakkoord. Zo betreurt hij dat twee ministers voor institutionele hervormingen bevoegd worden voor de zoektocht naar een meer homogene verdeling van de bevoegdheidspakketten in de gezondheidszorg. Voor wat het pensioendossier betreft, betreurt de socalistische vakbondsvoorzitter dat de wettelijke pensioenleeftijd niet opnieuw op 65 jaar werd gelegd. "Dat was enorm belangrijk voor ons. De kwestie van de zware beroepen is hieraan gelinkt en komt in het akkoord niet aan bod", aldus Bodson. Hij is ook "erg teleurgesteld" over het feit dat het minimumpensioen tegen 2024 1.580 euro bruto zal bedragen - en dus niet netto. Het arbeidsmarktbeleid kan evenmin op goedkeuring rekening. "Het ordewoord is hier flexibiliteit, flexibiliteit en nog meer flexibiliteit. Dat gaat in tegen onze eisen en die van de werknemers", klinkt het. Globaal vindt Bodson dat er van een echte politieke ommezwaai geen sprake is. "De verhoopte koerswijziging is er niet gekomen, ook geen fiscale hervorming die inzet op andere inkomsten dan die op arbeid. Wij zijn één van de weinige landen in de wereld waar vermogenswinst niet wordt belast". (Belga)