In 2010 waren er in ons land nog 129.173 geboortes, in 2016 ging het om 121.161 geboortes.

Het totale vruchtbaarheidscijfer ging van 1,68 kinderen per vrouw in 2016 naar 1,64 kinderen per vrouw. Daarmee komt de Belgische vruchtbaarheid uit net boven het Europese gemiddelde van 1,59 kinderen per vrouw voor de EU28.

Frankrijk (1,90), Zweden (1,78), Ierland (1,78), Denemarken (1,75) en het Verenigd Koninkrijk (1,74) scoren boven dat gemiddelde.

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ligt de vruchtbaarheid hoger omdat er meer vrouwen met de buitenlandse nationaliteit kinderen krijgen. Niet-Belgische vrouwen nemen er 52 procent van de geboortes voor hun rekening. In Vlaanderen en Wallonië ligt dat aandeel respectievelijk op 21,6 en 18,2 procent.

De gemiddelde leeftijd van moeders bij de geboorte van hun kind blijft stijgen, op nationaal niveau van 29,1 jaar in 1998 tot 30,6 jaar in 2016.

Die evolutie is gelijkaardig voor de eerste geboorte: van 27,3 jaar in 1998 tot 28,9 jaar in 2016.

In 2010 waren er in ons land nog 129.173 geboortes, in 2016 ging het om 121.161 geboortes.Het totale vruchtbaarheidscijfer ging van 1,68 kinderen per vrouw in 2016 naar 1,64 kinderen per vrouw. Daarmee komt de Belgische vruchtbaarheid uit net boven het Europese gemiddelde van 1,59 kinderen per vrouw voor de EU28. Frankrijk (1,90), Zweden (1,78), Ierland (1,78), Denemarken (1,75) en het Verenigd Koninkrijk (1,74) scoren boven dat gemiddelde. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ligt de vruchtbaarheid hoger omdat er meer vrouwen met de buitenlandse nationaliteit kinderen krijgen. Niet-Belgische vrouwen nemen er 52 procent van de geboortes voor hun rekening. In Vlaanderen en Wallonië ligt dat aandeel respectievelijk op 21,6 en 18,2 procent. De gemiddelde leeftijd van moeders bij de geboorte van hun kind blijft stijgen, op nationaal niveau van 29,1 jaar in 1998 tot 30,6 jaar in 2016. Die evolutie is gelijkaardig voor de eerste geboorte: van 27,3 jaar in 1998 tot 28,9 jaar in 2016.