Uit het onderzoek blijkt dat meer dan de helft van de getelde personen (51,4 pct) dakloos is, en dus op straat of in de noodopvang slaapt. Op tien jaar tijd gaat het om meer dan een verviervoudiging (+327,6 pct). Naast de grote groep daklozen is 22,2 pct thuisloos, en dus gehuisvest via OCMW's of in onthaalhuizen. Het resterende kwart verblijft in ontoereikende huisvesting, zoals kraakpanden, religieuze gemeenschappen ... Op basis van het aantal mensen dat op straat slaapt, besluiten de onderzoekers ook dat de noodopvang duidelijk verzadigd is. Meer dan 750 mensen, onder wie 20 minderjarigen, brachten de nacht door in de openbare ruimte. In vergelijking met 2008 zijn dat er drie keer zoveel. Een andere vaststelling is de forse stijging van het aantal vrouwen dat op straat overnacht: van 50 naar 84, of +68 pct. De onderzoekers stelden verder vast dat de Brusselse overheid ervoor kiest de opvangcapaciteit van de door Samusocial beheerde centra en de subsidiëring van het centrum La Porte d'Ulysse te verhogen, "ten koste van een meer structurele aanpak waarvan de resultaten wellicht pas op langere termijn zichtbaar worden, zoals de versterking van de maatregelen voor begeleiding en opvolging". Er zijn wel enkele positieve ontwikkelingen. Door het traditionele begeleid wonen en de Housing First-programma's hebben 1.500 mensen een dakloze situatie achter zich kunnen laten of kunnen vermijden. De tellingen gebeurden door professionals en vrijwilligers uit de sector, en worden sinds 2008 elke twee jaar op dezelfde manier uitgevoerd. De onderzoekers geven wel mee dat de opgemerkte stijgingen hoogstwaarschijnlijk nog onderschat worden, omdat de telling van verschillende categorieën nog zeer onvolledig is. (Belga)