Vandaag komen drie van de veertien beschuldigden aan het woord. Naast Oulkadi, gaat het om Farid Kharkhach en Ali El Haddad Asufi, meldt de Franse krant Le Figaro. Oulkadi wordt ervan beschuldigd Salah Abdeslam geholpen te hebben om zich schuil te houden, toen die laatste op 14 november 2015 terug in Brussel aankwam. Oulkadi ontkende echter steeds dat hij bij de terroristische cel betrokken was. De Fransman Oulkadi werd in november 2015 opgepakt in België. Vervolgens werd hij aan Frankrijk uitgeleverd in april 2016, waar hij tot juni 2018 in voorlopige hechtenis zat. Hij werd vrijgelaten onder gerechtelijke vrijheidsbeperking. De Fransman woont opnieuw in België: hij is in ons land opgegroeid. Hij heeft "niks dan goede herinneringen" aan zijn kindertijd. Hij was naar eigen zeggen een goede leerling, met "goede punten en goed gedrag", en behaalde een diploma als elektricien en specialiseerde zich in spoorwegsignalisatie. Zijn familie noemt hem intelligent en naïef, zei een advocaat van de burgerlijke partij. "Mijn familie overdrijft een beetje wat mijn intelligentie betreft", gaf Oulkadi toe. "Ik had heel goede punten, dat is waar, ik hield van wiskunde", vervolgde hij. "Als ik het opnieuw kon doen, zou ik mijn studies verderzetten." Oulkadi wil zijn leven oppikken, genieten van de tijd met zijn kinderen, een huis met een tuin kopen met zijn vrouw en werken, "zoals voorheen". Op de vraag welke beklaagden hij kende, antwoordde hij dat hij Salah Abeslam, Hamza Attou, Mohammed Amri en Mohamed Abrini kende. "Het gebeurde dat we samen kaartten en schaakten, maar het is niet iemand die ik regelmatig bezocht", zei hij over Abdeslam. Zijn oudere broer, Brahim Abdeslam, één van de zelfmoordterroristen van de aanslagen in Parijs, beschouwde Oulkadi echter als "een zeer goede vriend". In het café dat de oudere Abdeslam uitbaatte, ging Oulkadi om te praten, te roken, te drinken en Franse rapmuziek te luisteren. Hij kocht er drugs. In het café at hij soms een hapje met Attou. Zijn contact met Amri en Abrini beperkte zich tot "een hallo en een tot ziens". Een advocaat van de burgerlijke partij vroeg hem of hij geprobeerd had te stoppen met verdovende middelen. Eerder gaf hij aan nog één joint voor het slapengaan te roken. "Mijn vrouw werkt me op de zenuwen daarover. Als ik niet zoveel kopzorgen had, zou dat me helpen om te kunnen stoppen." De voorzitter van het hof merkte eerder op dat hij afstand had genomen van zijn psycholoog tijdens zijn gerechtelijke vrijheidsbeperking. "Ik heb mezelf opgesloten in mijn werk, het was moeilijk om aan dat alles te denken", zei hij. Hoewel de religieuze overtuiging en de radicalisering van de beklaagden pas in januari aan bod komt, raakte Oulkadi het onderwerp aan toen hij zijn medeleven uitdrukte met de slachtoffers. "Ik heb de getuigenissen van de slachtoffers aandachtig beluisterd. Ik heb zelfs de namen genoteerd van de mensen wier getuigenissen indruk op me hebben gemaakt", vertelde Oulkadi aan het einde van zijn ondervraging door de voorzitter van het hof en verschillende advocaten. "Wat zij hebben doorgemaakt, is ongelofelijk, ik heb er geen woorden voor. Ze hebben me echt geraakt en ik wil zeggen dat ik hen moedig vond. Wat ook indruk op me heeft gemaakt, is dat de meerderheid van hen geen haat uitgedrukt heeft en dat zal ik nooit vergeten", zei hij. Oulkadi sprak zich eveneens uit over hoe moeilijk hij het had in de gevangenis. "Men heeft me afgesneden van mijn familie. Mijn zoon was acht maanden oud. Ik besef zelfs niet hoeveel momenten met hem ik gemist heb", vertelde hij. De isolatiecel noemde hij "de gevangenis in de gevangenis". Elke keer dat iemand hem een terrorist noemde, voelde als een messteek in zijn hart, getuigde hij. "Het heeft mijn vader naar de verdommenis geholpen, mijn moeder ook", zei hij met tranen in de ogen, volgens de aanwezige verslaggevers van de omroep France Inter en de nieuwszender LCI. (Belga)

Vandaag komen drie van de veertien beschuldigden aan het woord. Naast Oulkadi, gaat het om Farid Kharkhach en Ali El Haddad Asufi, meldt de Franse krant Le Figaro. Oulkadi wordt ervan beschuldigd Salah Abdeslam geholpen te hebben om zich schuil te houden, toen die laatste op 14 november 2015 terug in Brussel aankwam. Oulkadi ontkende echter steeds dat hij bij de terroristische cel betrokken was. De Fransman Oulkadi werd in november 2015 opgepakt in België. Vervolgens werd hij aan Frankrijk uitgeleverd in april 2016, waar hij tot juni 2018 in voorlopige hechtenis zat. Hij werd vrijgelaten onder gerechtelijke vrijheidsbeperking. De Fransman woont opnieuw in België: hij is in ons land opgegroeid. Hij heeft "niks dan goede herinneringen" aan zijn kindertijd. Hij was naar eigen zeggen een goede leerling, met "goede punten en goed gedrag", en behaalde een diploma als elektricien en specialiseerde zich in spoorwegsignalisatie. Zijn familie noemt hem intelligent en naïef, zei een advocaat van de burgerlijke partij. "Mijn familie overdrijft een beetje wat mijn intelligentie betreft", gaf Oulkadi toe. "Ik had heel goede punten, dat is waar, ik hield van wiskunde", vervolgde hij. "Als ik het opnieuw kon doen, zou ik mijn studies verderzetten." Oulkadi wil zijn leven oppikken, genieten van de tijd met zijn kinderen, een huis met een tuin kopen met zijn vrouw en werken, "zoals voorheen". Op de vraag welke beklaagden hij kende, antwoordde hij dat hij Salah Abeslam, Hamza Attou, Mohammed Amri en Mohamed Abrini kende. "Het gebeurde dat we samen kaartten en schaakten, maar het is niet iemand die ik regelmatig bezocht", zei hij over Abdeslam. Zijn oudere broer, Brahim Abdeslam, één van de zelfmoordterroristen van de aanslagen in Parijs, beschouwde Oulkadi echter als "een zeer goede vriend". In het café dat de oudere Abdeslam uitbaatte, ging Oulkadi om te praten, te roken, te drinken en Franse rapmuziek te luisteren. Hij kocht er drugs. In het café at hij soms een hapje met Attou. Zijn contact met Amri en Abrini beperkte zich tot "een hallo en een tot ziens". Een advocaat van de burgerlijke partij vroeg hem of hij geprobeerd had te stoppen met verdovende middelen. Eerder gaf hij aan nog één joint voor het slapengaan te roken. "Mijn vrouw werkt me op de zenuwen daarover. Als ik niet zoveel kopzorgen had, zou dat me helpen om te kunnen stoppen." De voorzitter van het hof merkte eerder op dat hij afstand had genomen van zijn psycholoog tijdens zijn gerechtelijke vrijheidsbeperking. "Ik heb mezelf opgesloten in mijn werk, het was moeilijk om aan dat alles te denken", zei hij. Hoewel de religieuze overtuiging en de radicalisering van de beklaagden pas in januari aan bod komt, raakte Oulkadi het onderwerp aan toen hij zijn medeleven uitdrukte met de slachtoffers. "Ik heb de getuigenissen van de slachtoffers aandachtig beluisterd. Ik heb zelfs de namen genoteerd van de mensen wier getuigenissen indruk op me hebben gemaakt", vertelde Oulkadi aan het einde van zijn ondervraging door de voorzitter van het hof en verschillende advocaten. "Wat zij hebben doorgemaakt, is ongelofelijk, ik heb er geen woorden voor. Ze hebben me echt geraakt en ik wil zeggen dat ik hen moedig vond. Wat ook indruk op me heeft gemaakt, is dat de meerderheid van hen geen haat uitgedrukt heeft en dat zal ik nooit vergeten", zei hij. Oulkadi sprak zich eveneens uit over hoe moeilijk hij het had in de gevangenis. "Men heeft me afgesneden van mijn familie. Mijn zoon was acht maanden oud. Ik besef zelfs niet hoeveel momenten met hem ik gemist heb", vertelde hij. De isolatiecel noemde hij "de gevangenis in de gevangenis". Elke keer dat iemand hem een terrorist noemde, voelde als een messteek in zijn hart, getuigde hij. "Het heeft mijn vader naar de verdommenis geholpen, mijn moeder ook", zei hij met tranen in de ogen, volgens de aanwezige verslaggevers van de omroep France Inter en de nieuwszender LCI. (Belga)