El Haddad Asufi wordt ook in verband gebracht met het safehouse in Etterbeek, waar de daders van de aanslagen van 23 maart 2016 in Brussel zich schuilhielden, omdat hij geregeld gezien werd op bewakingsbeelden. Maar over hun religieuze overtuiging en radicalisering ondervraagt het speciale hof van assisen de veertien beschuldigden in deze fase nog niet. Die aspecten komen pas in januari aan bod, in maart wordt hun psychologische en psychiatrische evaluatie besproken. Vrijdag werd El Haddad Asufi door de voorzitter van het hof, Jean-Louis Périès, en verschillende advocaten aan de tand gevoeld over zijn leven voor de aanslagen. Zijn familie komt uit Tanger in Marokko, maar El Haddad Asufi werd geboren in Brussel. Voor het hof sprak hij over "een gelukkige jeugd", hoewel hij na het overlijden van zijn vader de leegte voelde, die hij had achtergelaten. Hij was geen modelleerling en bleef meerdere keren zitten. "Ik heb me er niet op toegelegd", gaf hij aan. Hij wou geld verdienen en werd bezorger. Op het moment van zijn arrestatie werkte hij op de luchthaven van Zaventem, als bezorger bij een bedrijf dat vliegtuigmaaltijden levert. Hij woonde toen in Schaarbeek. In een detentieverslag van de gevangenis in Bois-d'Arcy, nabij Parijs, wordt gewag gemaakt van "onberispelijk gedrag". Volgens verslaggevers van de omroep France Inter en de nieuwszender LCI verklaarde El Haddad Asufi voor het hof dat het isolement hem zwaar valt. "Het is een dubbele straf", zei hij. De voorzitter wees hem op zijn privileges, zoals een televisie en een eigen sportvertrek, maar hij gaf aan een "normale hechtenis", met werk, voetbal en andere activiteiten te verkiezen. "Je begint tegen jezelf te praten", zei hij. Verder gaf El Haddad Asufi aan de beklaagden Yassine Atar en Mohamed Bakkali te kennen. Abdella Chouaa werkte volgens hem bij hetzelfde bedrijf. De broers Brahim Abdeslam en Salah Abdeslam kende hij naar eigen zeggen niet, noch het café dat Brahim Abdeslam uitbaatte. Met de broers Ibrahim El Bakraoui en Khalid El Bakraoui, de zelfmoordterroristen van de aanslagen van 23 maart 2016 in Brussel, onderhield hij naar eigen zeggen wel contact. Hij ontmoette Ibrahim op school. "In die tijd was Ibrahim aardig, hij lachte graag", vertelde hij. Over Khalid had hij geen goeds te zeggen, hij noemde hem "een parasiet". De voorzitter van het hof besloot de zitting met het voorlezen van een samenvatting van de elementen van de persoonlijkheid van Ahmed Dahmani. Hij werd in november 2015 gearresteerd in Turkije en zit daar een gevangenisstraf van tien jaar uit. Van vijf andere verdachten wordt vermoed dat ze zijn omgekomen in Irak of Syrië . Aangezien daar geen duidelijkheid over bestaat, worden ze ook vervolgd. (Belga)

El Haddad Asufi wordt ook in verband gebracht met het safehouse in Etterbeek, waar de daders van de aanslagen van 23 maart 2016 in Brussel zich schuilhielden, omdat hij geregeld gezien werd op bewakingsbeelden. Maar over hun religieuze overtuiging en radicalisering ondervraagt het speciale hof van assisen de veertien beschuldigden in deze fase nog niet. Die aspecten komen pas in januari aan bod, in maart wordt hun psychologische en psychiatrische evaluatie besproken. Vrijdag werd El Haddad Asufi door de voorzitter van het hof, Jean-Louis Périès, en verschillende advocaten aan de tand gevoeld over zijn leven voor de aanslagen. Zijn familie komt uit Tanger in Marokko, maar El Haddad Asufi werd geboren in Brussel. Voor het hof sprak hij over "een gelukkige jeugd", hoewel hij na het overlijden van zijn vader de leegte voelde, die hij had achtergelaten. Hij was geen modelleerling en bleef meerdere keren zitten. "Ik heb me er niet op toegelegd", gaf hij aan. Hij wou geld verdienen en werd bezorger. Op het moment van zijn arrestatie werkte hij op de luchthaven van Zaventem, als bezorger bij een bedrijf dat vliegtuigmaaltijden levert. Hij woonde toen in Schaarbeek. In een detentieverslag van de gevangenis in Bois-d'Arcy, nabij Parijs, wordt gewag gemaakt van "onberispelijk gedrag". Volgens verslaggevers van de omroep France Inter en de nieuwszender LCI verklaarde El Haddad Asufi voor het hof dat het isolement hem zwaar valt. "Het is een dubbele straf", zei hij. De voorzitter wees hem op zijn privileges, zoals een televisie en een eigen sportvertrek, maar hij gaf aan een "normale hechtenis", met werk, voetbal en andere activiteiten te verkiezen. "Je begint tegen jezelf te praten", zei hij. Verder gaf El Haddad Asufi aan de beklaagden Yassine Atar en Mohamed Bakkali te kennen. Abdella Chouaa werkte volgens hem bij hetzelfde bedrijf. De broers Brahim Abdeslam en Salah Abdeslam kende hij naar eigen zeggen niet, noch het café dat Brahim Abdeslam uitbaatte. Met de broers Ibrahim El Bakraoui en Khalid El Bakraoui, de zelfmoordterroristen van de aanslagen van 23 maart 2016 in Brussel, onderhield hij naar eigen zeggen wel contact. Hij ontmoette Ibrahim op school. "In die tijd was Ibrahim aardig, hij lachte graag", vertelde hij. Over Khalid had hij geen goeds te zeggen, hij noemde hem "een parasiet". De voorzitter van het hof besloot de zitting met het voorlezen van een samenvatting van de elementen van de persoonlijkheid van Ahmed Dahmani. Hij werd in november 2015 gearresteerd in Turkije en zit daar een gevangenisstraf van tien jaar uit. Van vijf andere verdachten wordt vermoed dat ze zijn omgekomen in Irak of Syrië . Aangezien daar geen duidelijkheid over bestaat, worden ze ook vervolgd. (Belga)