Abaaoud werd beschouwd als de leider van de terroristencel in Verviers, waar de ordediensten begin 2015 zijn binnengevallen. Een aantal leden kwam daarbij om, terwijl de speurders op zoek gingen naar medeplichtigen. Enkele dagen na de inval speelde een informant aan de lokale politie van Molenbeek de namen van de broers Abdeslam door, aldus RTBF. Hij zou ook informatie gegeven hebben over directe contacten tussen Abaaoud en Salah Abdeslam in de dagen voorafgaand aan de operatie in Verviers. De politie verspreidde daarop een opsporingsbericht voor de twee broers. Brahim werd opgepakt, terwijl Salah zich spontaan aanbood op het commissariaat. Daar verklaarde hij dat hij al drie jaar geen contact meer had met Abaaoud. Het dossier werd nadien overgemaakt aan de federale gerechtelijke politie, maar die zat tot over haar oren in het werk. De antiterrorismesectie voerde wel een eerste onderzoek uit, maar besloot daarop om de informatie "te bevriezen" wegens een gebrek aan mankracht om een telefonie-onderzoek uit te voeren, aldus de RTBF. Binnen de federale gerechtelijke politie werd nog gezocht naar andere oplossingen om de twee dossiers te behandelen en die pistes werden overgemaakt aan de bevoegde magistraat. In afwachting van een reaffectatie bleven de dossiers vier maanden liggen, waarop de magistraat in juni 2015 besliste om ze zonder gevolg te klasseren. (Belga)

Abaaoud werd beschouwd als de leider van de terroristencel in Verviers, waar de ordediensten begin 2015 zijn binnengevallen. Een aantal leden kwam daarbij om, terwijl de speurders op zoek gingen naar medeplichtigen. Enkele dagen na de inval speelde een informant aan de lokale politie van Molenbeek de namen van de broers Abdeslam door, aldus RTBF. Hij zou ook informatie gegeven hebben over directe contacten tussen Abaaoud en Salah Abdeslam in de dagen voorafgaand aan de operatie in Verviers. De politie verspreidde daarop een opsporingsbericht voor de twee broers. Brahim werd opgepakt, terwijl Salah zich spontaan aanbood op het commissariaat. Daar verklaarde hij dat hij al drie jaar geen contact meer had met Abaaoud. Het dossier werd nadien overgemaakt aan de federale gerechtelijke politie, maar die zat tot over haar oren in het werk. De antiterrorismesectie voerde wel een eerste onderzoek uit, maar besloot daarop om de informatie "te bevriezen" wegens een gebrek aan mankracht om een telefonie-onderzoek uit te voeren, aldus de RTBF. Binnen de federale gerechtelijke politie werd nog gezocht naar andere oplossingen om de twee dossiers te behandelen en die pistes werden overgemaakt aan de bevoegde magistraat. In afwachting van een reaffectatie bleven de dossiers vier maanden liggen, waarop de magistraat in juni 2015 besliste om ze zonder gevolg te klasseren. (Belga)