De aanslagen van 22 maart op de luchthaven Brussels Airport en in het metrostation Maalbeek kostten het leven aan 32 mensen, terwijl zo'n 340 personen gewond raakten. Beide aanslagen kwamen een viertal maanden na de aanslagen op 13 november 2015 in Parijs en waren het werk van dezelfde cel IS-terroristen. Drie terroristen, Najim Laachraoui en Ibrahim en Khalid El Bakraoui, lieten die dag het leven maar in de weken en maanden nadien werden in totaal dertien personen in verdenking gesteld. Een groot deel van hen zit nog steeds in voorlopige hechtenis. Verschillende van hen zijn ook in verdenking gesteld in het onderzoek naar de aanslagen van 13 november 2015 in Parijs en enkelen, zoals Salah Abdeslam, zitten al in een Franse gevangenis. Het gerechtelijk onderzoek nam net iets meer dan drie jaar in beslag en werd pas eind juni 2019 volledig afgerond. Het federaal parket had vervolgens nog een zevental maanden nodig om zijn eindvordering op te stellen en duidelijk te maken welke verdachten het precies wilde vervolgen en voor welke feiten. Uiteindelijk besloot het federaal parket om voor acht van de dertien verdachten de doorverwijzing te vragen naar het hof van assisen. Het gaat om Salah Abdeslam, Oussama Atar, Mohamed Abrini, Sofien Ayari, Osama Krayem, Ali El Haddad Asufi, Bilal El Makhoukhi en Hervé Bayingana Muhirwa. Twee andere, die een kleinere rol zouden gespeeld hebben, de broers Smail en Ibrahim Farisi, zouden volgens het federaal parket voor de correctionele rechtbank moeten terechtstaan terwijl voor de drie laatste verdachten, Faycal Cheffou, Brahim Tabich en Youssef El Ajmi, de buitenvervolgingstelling wordt gevraagd. Bij de eerste zitting voor de raadkamer over de doorverwijzing werd er door twee advocaten van de verdediging bijkomend onderzoek gevraagd. Die onderzoeksdaden werden, op enkele na, geweigerd door de onderzoeksrechters. Die hebben enkel aanvaard om voor één van de verdachten vier moraliteitsgetuigen te verhoren, een beslissing die bevestigd werd door de kamer van inbeschuldigingstelling. De raadkamer moet zich nu opnieuw buigen over de doorverwijzing van de verdachten. Een eventueel assisenproces zal plaatsvinden in de voormalige Navo-gebouwen in Evere. Wanneer dat proces zou plaatsvinden, is nog onduidelijk. Eerder was gezegd dat het mogelijks in september 2021 van start zou gaan maar de vraag rijst of dat nog haalbaar is. (Belga)

De aanslagen van 22 maart op de luchthaven Brussels Airport en in het metrostation Maalbeek kostten het leven aan 32 mensen, terwijl zo'n 340 personen gewond raakten. Beide aanslagen kwamen een viertal maanden na de aanslagen op 13 november 2015 in Parijs en waren het werk van dezelfde cel IS-terroristen. Drie terroristen, Najim Laachraoui en Ibrahim en Khalid El Bakraoui, lieten die dag het leven maar in de weken en maanden nadien werden in totaal dertien personen in verdenking gesteld. Een groot deel van hen zit nog steeds in voorlopige hechtenis. Verschillende van hen zijn ook in verdenking gesteld in het onderzoek naar de aanslagen van 13 november 2015 in Parijs en enkelen, zoals Salah Abdeslam, zitten al in een Franse gevangenis. Het gerechtelijk onderzoek nam net iets meer dan drie jaar in beslag en werd pas eind juni 2019 volledig afgerond. Het federaal parket had vervolgens nog een zevental maanden nodig om zijn eindvordering op te stellen en duidelijk te maken welke verdachten het precies wilde vervolgen en voor welke feiten. Uiteindelijk besloot het federaal parket om voor acht van de dertien verdachten de doorverwijzing te vragen naar het hof van assisen. Het gaat om Salah Abdeslam, Oussama Atar, Mohamed Abrini, Sofien Ayari, Osama Krayem, Ali El Haddad Asufi, Bilal El Makhoukhi en Hervé Bayingana Muhirwa. Twee andere, die een kleinere rol zouden gespeeld hebben, de broers Smail en Ibrahim Farisi, zouden volgens het federaal parket voor de correctionele rechtbank moeten terechtstaan terwijl voor de drie laatste verdachten, Faycal Cheffou, Brahim Tabich en Youssef El Ajmi, de buitenvervolgingstelling wordt gevraagd. Bij de eerste zitting voor de raadkamer over de doorverwijzing werd er door twee advocaten van de verdediging bijkomend onderzoek gevraagd. Die onderzoeksdaden werden, op enkele na, geweigerd door de onderzoeksrechters. Die hebben enkel aanvaard om voor één van de verdachten vier moraliteitsgetuigen te verhoren, een beslissing die bevestigd werd door de kamer van inbeschuldigingstelling. De raadkamer moet zich nu opnieuw buigen over de doorverwijzing van de verdachten. Een eventueel assisenproces zal plaatsvinden in de voormalige Navo-gebouwen in Evere. Wanneer dat proces zou plaatsvinden, is nog onduidelijk. Eerder was gezegd dat het mogelijks in september 2021 van start zou gaan maar de vraag rijst of dat nog haalbaar is. (Belga)