De krant schrijft dat het KMI weerdata voor zich houdt, onder meer omdat alle gegevens online gooien tot inkomstenverlies zou leiden. 'Om te kunnen evolueren naar een systeem van open data moeten de middelen die het KMI vandaag voor deze dienstverlening ontvangt, worden gecompenseerd', aldus Demir. 'We rekenen daarvoor toch op een compensatie van ruim 800.000 euro.'

Volgens Demir vroeg ze bij de begrotingsopmaak voor 2018 om hiervoor geld vrij te maken, maar werd die vraag 'jammer genoeg niet aanvaard'.

'Ik zal deze meervraag sowieso opnieuw op tafel leggen bij de begrotingsopmaak 2019 zodat België, net als de buurlanden, gratis meteorologische data ter beschikking kan stellen aan het publiek.'

Vicepremier Alexander De Croo, bevoegd voor Digitale Agenda, wijst erop dat het aan de bevoegde staatssecretaris is om ruimte vrij te maken. 'Dat kan ook door bijvoorbeeld budgetten te verschuiven, maar dat is de voorbije jaren blijkbaar nooit een prioriteit geweest. Dat is jammer, want iedereen heeft te winnen bij open data.'

Het KMI deelt al gegevens met gerecht, politie en wetenschap, maar voor commerciële doeleinden - zoals apps - moet er betaald worden. En het KMI heeft die middelen nodig, omdat slechts de helft van zijn werkingsmiddelen uit federale zak komt. Verder moet het instituut 'zelfbedruipend' zijn.

In Nederland zijn de data wel beschikbaar voor app-ontwikkelaars. Onder meer het populaire Buienradar werkt op basis van de gegevens van het KNMI.

Meteoroloog Maarten Reyniers van het KMI wijst er in De Morgen op dat in Nederland wel een compensatieregeling is uitgewerkt. Bij het KMI liep wel een opendataproject, maar dat werd eind 2016 stopgezet wegens geen vervolgfinanciering.

De krant schrijft dat het KMI weerdata voor zich houdt, onder meer omdat alle gegevens online gooien tot inkomstenverlies zou leiden. 'Om te kunnen evolueren naar een systeem van open data moeten de middelen die het KMI vandaag voor deze dienstverlening ontvangt, worden gecompenseerd', aldus Demir. 'We rekenen daarvoor toch op een compensatie van ruim 800.000 euro.' Volgens Demir vroeg ze bij de begrotingsopmaak voor 2018 om hiervoor geld vrij te maken, maar werd die vraag 'jammer genoeg niet aanvaard'. 'Ik zal deze meervraag sowieso opnieuw op tafel leggen bij de begrotingsopmaak 2019 zodat België, net als de buurlanden, gratis meteorologische data ter beschikking kan stellen aan het publiek.' Vicepremier Alexander De Croo, bevoegd voor Digitale Agenda, wijst erop dat het aan de bevoegde staatssecretaris is om ruimte vrij te maken. 'Dat kan ook door bijvoorbeeld budgetten te verschuiven, maar dat is de voorbije jaren blijkbaar nooit een prioriteit geweest. Dat is jammer, want iedereen heeft te winnen bij open data.' Het KMI deelt al gegevens met gerecht, politie en wetenschap, maar voor commerciële doeleinden - zoals apps - moet er betaald worden. En het KMI heeft die middelen nodig, omdat slechts de helft van zijn werkingsmiddelen uit federale zak komt. Verder moet het instituut 'zelfbedruipend' zijn. In Nederland zijn de data wel beschikbaar voor app-ontwikkelaars. Onder meer het populaire Buienradar werkt op basis van de gegevens van het KNMI. Meteoroloog Maarten Reyniers van het KMI wijst er in De Morgen op dat in Nederland wel een compensatieregeling is uitgewerkt. Bij het KMI liep wel een opendataproject, maar dat werd eind 2016 stopgezet wegens geen vervolgfinanciering.