Rode Kruis-Vlaanderen bezorgt sinds het begin van de epidemie tweewekelijks bloedstalen van donoren aan Sciensano om te onderzoeken in welke mate de gezonde bevolking antistoffen tegen het coronavirus bezit. Ook de Franstalige afdeling van Rode Kruis stapte mee in het onderzoek en tot vandaag zijn reeds 16.000 stalen geanalyseerd. Sinds de tweede golf is een sterke stijging van het aantal bloeddonoren met antistoffen vast te stellen. Het duurt zo'n twee weken na een infectie voor iemand antistoffen in het bloed heeft. "Begin maart maten we in Vlaanderen slechts 2% aanwezigheid van antistoffen bij bloeddonoren, dat steeg nadien tot zo'n 5% en dat cijfer bleef tot midden oktober ongeveer stabiel", zegt Nena Testelmans, woordvoerder van Rode Kruis-Vlaanderen. "Sindsdien is er een duidelijke stijging te zien, tot 14,4% eind november. Dat weerspiegelt wellicht de tweede golf." Opvallend is dat de aanwezigheid van antistoffen in Vlaanderen een pak lager ligt dan in Wallonië of Brussel, waar de tweede golf harder toesloeg. Slechts 10% van de Vlaamse donoren heeft antistoffen, terwijl dat cijfer voor Wallonië op 18% ligt en voor Brussel zelfs op 26%. Dit onderzoek brengt de verspreiding van het virus in kaart maar heeft niet de bedoeling te bepalen wie wel en wie niet gevaccineerd zal worden. "Het is niet omdat er een meetbare hoeveelheid antistoffen tegen het coronavirus in je bloed zit, dat dit voldoende weerstand biedt tegen een volgende infectie. Daarom is het belangrijk - ongeacht of je antistoffen hebt of niet - alle voorzorgsmaatregelen blijvend nauwlettend op te volgen om de verspreiding van het virus tegen te gaan", klinkt het. (Belga)

Rode Kruis-Vlaanderen bezorgt sinds het begin van de epidemie tweewekelijks bloedstalen van donoren aan Sciensano om te onderzoeken in welke mate de gezonde bevolking antistoffen tegen het coronavirus bezit. Ook de Franstalige afdeling van Rode Kruis stapte mee in het onderzoek en tot vandaag zijn reeds 16.000 stalen geanalyseerd. Sinds de tweede golf is een sterke stijging van het aantal bloeddonoren met antistoffen vast te stellen. Het duurt zo'n twee weken na een infectie voor iemand antistoffen in het bloed heeft. "Begin maart maten we in Vlaanderen slechts 2% aanwezigheid van antistoffen bij bloeddonoren, dat steeg nadien tot zo'n 5% en dat cijfer bleef tot midden oktober ongeveer stabiel", zegt Nena Testelmans, woordvoerder van Rode Kruis-Vlaanderen. "Sindsdien is er een duidelijke stijging te zien, tot 14,4% eind november. Dat weerspiegelt wellicht de tweede golf." Opvallend is dat de aanwezigheid van antistoffen in Vlaanderen een pak lager ligt dan in Wallonië of Brussel, waar de tweede golf harder toesloeg. Slechts 10% van de Vlaamse donoren heeft antistoffen, terwijl dat cijfer voor Wallonië op 18% ligt en voor Brussel zelfs op 26%. Dit onderzoek brengt de verspreiding van het virus in kaart maar heeft niet de bedoeling te bepalen wie wel en wie niet gevaccineerd zal worden. "Het is niet omdat er een meetbare hoeveelheid antistoffen tegen het coronavirus in je bloed zit, dat dit voldoende weerstand biedt tegen een volgende infectie. Daarom is het belangrijk - ongeacht of je antistoffen hebt of niet - alle voorzorgsmaatregelen blijvend nauwlettend op te volgen om de verspreiding van het virus tegen te gaan", klinkt het. (Belga)