Hij is al lang gefascineerd door de Groote Oorlog, zegt hij. Twintig jaar geleden zag hij op tv een reportage over Wijtschate, een dorp in de Westhoek dat zwaar getroffen werd tijdens de Eerste Wereldoorlog. De volgende dag stapte fotograaf Tom Bruelemans in zijn auto en reed naar Wijtschate. 'Natuurlijk ben ik tegen oorlog', zegt hij. 'En toch vond ik dat die plek een vreemde aantrekkingskracht had. Omdat je weet dat daar zo veel mensen gestorven zijn. En omdat het allemaal zo zinloos was.'
...

Hij is al lang gefascineerd door de Groote Oorlog, zegt hij. Twintig jaar geleden zag hij op tv een reportage over Wijtschate, een dorp in de Westhoek dat zwaar getroffen werd tijdens de Eerste Wereldoorlog. De volgende dag stapte fotograaf Tom Bruelemans in zijn auto en reed naar Wijtschate. 'Natuurlijk ben ik tegen oorlog', zegt hij. 'En toch vond ik dat die plek een vreemde aantrekkingskracht had. Omdat je weet dat daar zo veel mensen gestorven zijn. En omdat het allemaal zo zinloos was.' Na die ene keer is hij talloze keren teruggegaan. Niet alleen naar de Westhoek, maar ook naar Frankrijk. 'Ik las eerst over de veldslagen en gebruikte die informatie als kompas. Ook voor deze reportage ben ik zo te werk gegaan. Op 28 september 1918 startte het Belgische bevrijdingsoffensief. Voor de eerste keer, na de slag om de IJzer in 1914, gingen de Belgen weer massaal aanvallen over een breed front. Honderd jaar later zijn er nog altijd veel overblijfselen van die slag.' Op monumenten en graven las Bruelemans de namen van gesneuvelde bevrijders. 'Op die van Belgische slachtoffers staat alleen hun geboorte- en sterfdatum. Maar op Engelse graven staat ook vaak een persoonlijke boodschap. Soms zijn het maar twee woorden, maar altijd is het heel pakkend. "My Boy."' Later zocht hij in archieven naar de levensverhalen van onze jongens. 'Die van Engelse of Australische soldaten staan allemaal online. De informatie van gesneuvelde Belgische soldaten is ook beschikbaar, maar moeilijker te vinden.' Bruelemans vereeuwigde uiteindelijk vier bevrijdersverhalen. 'Al hadden het er ook honderden anderen kunnen zijn.' Charles Dresse is zeventien wanneer de oorlog uitbreekt. Zijn vader wil niet dat hij zich aansluit bij het leger, maar geeft uiteindelijk toch toestemming. Tijdens het bevrijdingsoffensief sneuvelt Charles in Poelkapelle terwijl hij de mannen van zijn compagnie aanmoedigt om aan te vallen. 'En avant!' zijn zijn laatste woorden. Na de oorlog koopt zijn vader het stuk grond waar Charles sneuvelde en laat er een monument oprichten ter ere van zijn zoon.Leander Depaepe krijgt al tijdens de oorlog een vermelding voor heldenmoed voor raids op Duitse loopgraven. Op 29 september valt zijn bataljon het station van Passendale aan. Tijdens hevige man-tegen-mangevechten sneuvelt hij vlak bij zijn ouderlijk huis, of wat daar van overblijft na vier jaar oorlog.Op zijn twintigste wordt de flamingant-dichter Juul De Winde opgeroepen bij het leger. Hij schopt het tot stafofficier bij de regimentsstaf, maar wil blijven vechten met zijn mannen. Hij sneuvelt in Westrozebeke op de eerste dag van het bevrijdingsoffensief. Zijn broers rijden na de oorlog met paard en kar naar Westrozebeke om zijn lichaam naar zijn geboortedorp Merchtem te brengen. Later wordt hij daar, tegen de wil van zijn moeder, ontgraven en bijgezet in de crypte onder de IJzertoren.Karel Annaert wordt opgeroepen in 1909, waarschijnlijk door loting, om zijn dienstplicht te vervullen. Tijdens de oorlog moet zijn vrouw vluchten, terwijl Karel aan het front vecht. Ze bevalt van hun enige kind Josephus, die zijn vader nooit zal kennen. In zijn brieven naar huis schrijft Karel dat ze 'elkaar weldra zouden omarmen'. Op 28 september wordt hij in de buurt van Poelkapelle doodgeschoten door twee Duitse soldaten die doen alsof ze zich overgeven.