Op 17 december 2010 stak de jonge straatverkoper Mohamed Bouazizi zichzelf in brand stak in het Tunesisische stadje Sidi Bouzid. Nadat een agente zijn goederen in beslag had genomen en na talloze vernederingen, trok Bouazizi naar een lokaal overheidsgebouw. Daar overgoot hij zichzelf met benzine en stak zichzelf in brand. Twee weken later overleed hij aan zijn verwondingen. De zelfontbranding leidde tot massale protesten bij de bewoners van de stad, die vonden dat overheidsdiensten corrupt waren. De zogenaamde Jasmijnrevolutie breidde zich daarna uit over het hele land. Bij de protesten kwamen zo'n 300 mensen om het leven. Het protest wordt gezien als de start van de Arabische Lente, met grote opstanden in Egypte, Libië en Jemen en een burgeroorlog in Syrië. Na de vlucht van president Ben Ali naar Saoedie-Arabië, slaagde Tunesië erin om een functioneel democratisch systeem uit te bouwen. Desondanks is het volk in Tunesië nog steeds kwaad wegens het gebrek aan sociale en economische verbetering. Daarom kwamen donderdag honderden mensen in Sidi Bouzid op straat om onder meer werk te eisen. In het land is werkloosheid nog steeds een enorm groot probleem, vooral in kleine regio's. Bovendien worden lage lonen weggevreten door inflatie. "Werk is een recht, bende dieven", zongen demonstranten onder meer. Ook zwaaiden ze met plakkaten met daarop de tekst "werklozen ouder dan 45 zonder sociale zekerheid". Desondanks waren er in het land ook veel mensen die weinig interesse toonden in de herdenking van de protesten. Zelfs president Kais Saied kondigde aan dat hij niet naar het stadje zou afzakken vanwege "dringende verplichtingen". (Belga)

Op 17 december 2010 stak de jonge straatverkoper Mohamed Bouazizi zichzelf in brand stak in het Tunesisische stadje Sidi Bouzid. Nadat een agente zijn goederen in beslag had genomen en na talloze vernederingen, trok Bouazizi naar een lokaal overheidsgebouw. Daar overgoot hij zichzelf met benzine en stak zichzelf in brand. Twee weken later overleed hij aan zijn verwondingen. De zelfontbranding leidde tot massale protesten bij de bewoners van de stad, die vonden dat overheidsdiensten corrupt waren. De zogenaamde Jasmijnrevolutie breidde zich daarna uit over het hele land. Bij de protesten kwamen zo'n 300 mensen om het leven. Het protest wordt gezien als de start van de Arabische Lente, met grote opstanden in Egypte, Libië en Jemen en een burgeroorlog in Syrië. Na de vlucht van president Ben Ali naar Saoedie-Arabië, slaagde Tunesië erin om een functioneel democratisch systeem uit te bouwen. Desondanks is het volk in Tunesië nog steeds kwaad wegens het gebrek aan sociale en economische verbetering. Daarom kwamen donderdag honderden mensen in Sidi Bouzid op straat om onder meer werk te eisen. In het land is werkloosheid nog steeds een enorm groot probleem, vooral in kleine regio's. Bovendien worden lage lonen weggevreten door inflatie. "Werk is een recht, bende dieven", zongen demonstranten onder meer. Ook zwaaiden ze met plakkaten met daarop de tekst "werklozen ouder dan 45 zonder sociale zekerheid". Desondanks waren er in het land ook veel mensen die weinig interesse toonden in de herdenking van de protesten. Zelfs president Kais Saied kondigde aan dat hij niet naar het stadje zou afzakken vanwege "dringende verplichtingen". (Belga)